Dirndl & Lederhose, supergeil!

Dirndls en lederhosen maken een comeback in Beieren en Oostenrijk; een retrotrend waarin sommigen parallellen zien met patriottisme uit de jaren dertig.

Foto’s dirndl Lodenfrey

Twee coole twintigers komen een tweedehands winkel in Wenen binnen. Ze gaan niet op de merkjeans af, kijken niet naar de afgeprijsde Jimmy-Choo-pumps, noch naar de baljurken die hier worden doorverkocht. Nee, ze lopen naar een rek dirndls en beginnen ze te passen. Lange rokken met schorten in traditionele prints. Mouwloze vestjes met daaronder een wijd wit hemd. Wat zien jonge Oostenrijkers daarin?

De twee kijken elkaar aan. Ze begrijpen de vraag niet. „Mijn neefje wordt gedoopt en ik wil er in dirndl naartoe”, verklaart Trudi (22), student economie. Ze heeft al twee dirndls, maar „je kunt toch niet steeds dezelfde dragen?”

Dirndls en lederhosen, de traditionele klederdracht in Oostenrijk en Zuid-Duitsland, zijn weer ‘in’. Het Oktoberfest in Beieren is de laatste jaren zo’n succes, dat zelfs H&M dirndls verkoopt. In het Weense pretpark Prater organiseren ze sinds 2011 iets dergelijks: het Wiesen-Festival, met bier, worst, volksmuziek en schlagerpop. Het festival staat nu al te boek als ‘het grootste volksfeest van Oostenrijk’. Voor het traditionele Jagersbal in het oude keizerlijke paleis, waarvoor iedereen in klederdracht komt, zijn de kaartjes tegenwoordig lang van tevoren uitverkocht.

Trouwen in dirndl en lederhose

Steeds meer Oostenrijkers en Zuid-Duitsers trouwen in dirndls en lederhosen. Modeontwerpers in München, Salzburg en Wenen doen met moderne interpretaties van oude modellen goede zaken. Het is big business: er zijn zelfs winkels vol dirndls met pop-art- of hondenprints. Frivole decolletés, vroeger taboe, zijn gewild. Ook in Heurigen (Oostenrijkse wijncafés) en souvenirwinkels draagt het personeel weer klederdracht.

„Toen ze dáármee begonnen”, zegt de 71-jarige Ariane Tueni, „trok ik míjn dirndl juist uit.” Tueni is parttime toeristengids in Wenen en verzamelt en archiveert al jaren traditionele dirndls uit Burgenland, de streek langs de Hongaarse grens – niet de frivole outfits die je nu ziet, maar de hooggesloten versie met lange rokken.

In de jaren tachtig van de vorige eeuw droeg zij als een van de weinige Oostenrijkers dirndls op straat en naar haar werk, bij de Verenigde Naties. Bij de VN keek niemand daar raar van op, want Indiase en Afrikaanse collega’s droegen soms ook klederdracht. Maar toen, herinnert ze zich, „begon de dirndl-rage. Serveersters in restaurants en verkoopsters uit souvenirwinkels trokken dirndls aan. Zij droegen vaak vulgaire, sexy exemplaren in knalkleuren. Niet de traditionele prints die ik droeg. Maar mensen dachten toch dat ik óók een souvenirwinkel had en vroegen me op straat: ‘Hoe laat gaat de winkel open?’ Of ze bestelden een biertje bij me, omdat ze dachten dat ik serveerster was.” Sindsdien vertoont Tueni, die thuis een prachtige collectie traditionele dirndls heeft, zich gewoon weer in broek en trui op straat. „Een mens wil toch niet steeds voor een serveerster gehouden worden?”

Prominente Oostenrijkers dragen bij aan de populariteit van de trend. De extreem-rechtse politicus Karl-Heinz Strache draagt vaak loden jagersjasjes. Een topman van Raiffeisenbank doet het. In Beieren vierde de conservatieve CSU in september de verkiezingszege met massa’s bier drinkende partijleden in klederdracht. In roddelbladen zie je steeds meer traditionele outfits op societyfoto’s.

Sommigen waarschuwen nu dat de dirndl een politieke betekenis krijgt. Dat is ongemakkelijk, vanwege een historische parallel: de vorige keer dat de klederdracht, die rond 1800 ontstond, een revival beleefde, was in de jaren dertig en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na 1945 droegen weinigen meer klederdracht, vanwege de naziconnotaties. „Als ik dirndls zie”, zei een architect laatst tegen een Oostenrijkse krant, „moet ik er altijd aan denken dat Joden ze destijds niet aanmochten.”

Net als sommige designers nu, veranderden de nazi’s de dirndl ingrijpend. Ze erotiseerden de klassieke kuise dracht, sloopten de religieuze elementen. Kragen verdwenen, tailles werden geaccentueerd, mouwen afgeknipt. Dirndls stonden symbool voor het simpele, het goede en het eigene. Voor volksaard, voor vaderland. Een vrouw uit Innsbruck, Gertraud Pesendorfer, speelde een sleutelrol in deze ideologisering van de klederdracht. Geen wonder dat velen na de oorlog geen dirndls aanwilden. Voor sommigen zijn ze nog altijd besmet. München heeft zelfs een dirndl-vrij café, Kosmos.

Dragers en haters

In de Oostenrijkse media laait elke paar maanden een verhit debat op tussen dragers en haters. De haters herinneren eraan dat nationalistische politici als Jörg Haider de klederdracht uit de mottenballen trokken – het zoveelste bewijs dat Europa gevaarlijk verrechtst.

„Met klederdracht kom je in een droomwereld, met velden vol bloemen en een simpel maal van brood en kaas”, zegt Alessandra Fazekas, verkoopster voor de firma Lanz uit Salzburg, die dirndls verkoopt van klassieke zelfbedrukte katoen (vanaf 800 euro). De winkel is met knoestig blank hout betimmerd. Fazekas kan de dirndls niet aanslepen. „Mensen ‘outen’ zich hiermee als Oostenrijkers. Begrijpelijk, in een tijd waarin we zoveel migranten krijgen en er steeds minder autochtonen zijn.” Overigens laat dit buitenlanders niet onberoerd: de Spaanse koning kwam loden jagersjasjes kopen. Michael Jackson is er geweest. Fazekas is zelf Italiaanse.

Philipp Ikrath van het Duits-Oostenrijkse Instituut voor Onderzoek naar Jeugdcultuur zegt juist: „Je moet er politiek niet te veel achter zoeken.” Hij beaamt dat sommige politici klederdracht weer gebruiken als symbool van ‘patriottisme’, maar volgens hem maken dirndls vooral deel uit van een mondiale retrotrend die vele andere verschijningsvormen heeft. „Jongeren zijn a-politiek”, zegt Ikrath. „Wat ze zoeken, is iets authentieks. Een lokaal tegenwicht tegen de globalisering, waarin alles hypersnel gaat en je verloren bent zonder internet. Sommigen gaan jodelen, anderen eten alleen nog jam ‘volgens oma’s recept’. De retrotrend verklaart ook de populariteit van polaroidcamera’s, films van Wes Anderson en tijdschriften als Landlust.”

Als een dirndl aantrekken een politieke daad was, vermoedt Ikrath, zag je ze ook tijdens vergaderingen en niet alleen op feesten en partijen. Ook zouden mensen dan bijbehorende codes serieus nemen, waarbij je je schort op een bepaalde manier vastknoopt om aan te geven dat je single bent, getrouwd of ‘zoekend’. Dat doen de meesten niet, integendeel. Die codes worden juist terzijde geschoven. Alles kan, alles mag. Borsten puilen uit, fluorkleuren zijn in. En in de tweedehands winkel suggereert iemand aan Trudi die een dirndl past: „Waarom trek je geen lederhosen aan? Heb ik laatst ook gedaan. Supergaaf!”

    • Caroline de Gruyter