Zeeland: bakermat van de beschaving

Huub van der Lubbe schreef een rockopera die losjes gebaseerd is op de Odyssee. In ‘O die zee’, opgevoerd in de gracht van Fort Rammekens bij Vlissingen, is Zeeland de bakermat van onze beschaving.

Het begon als een overmoedig plan bij een borrel na een optreden dat Huub van der Lubbe had gegeven in het piepkleine theater De Wegwijzer in het Zeeuwse St. Joosland. Waarom maken we geen rockopera in de open lucht? Eerder hadden de Jooslanders een musical buiten opgevoerd, met medewerking van een groot deel van de inwoners, de politie en Rijkswaterstaat die er een viaduct voor hadden vrijgemaakt.

Dit keer, voor ‘O die zee’, moest het nog ambitieuzer, vond Van der Lubbe. „Het leek me leuk om zelf een verhaal te schrijven en iets specifieks over Zeeland te doen. Ik herinnerde me dat er een boek was verschenen waarin beweerd werd dat de Odyssee van Homerus zich niet in Turkije en Griekenland, maar grotendeels in Zeeland had afgespeeld.”

In Waar Eens Troje Lag (1990) beweert de Nederlandse schrijver Iman Jacob Wilkens dat de Ilias en Odyssee werken van West-Europees origine moeten zijn. Troje bevond zich in werkelijkheid op de plek van het huidige Londen en de rivier Temese heet nu de Theems. Wilkens biedt argumenten te over, zoals Homerus’ veelvuldige beschrijving van eb en vloed; een fenomeen dat rond de Middellandse Zee nauwelijks voorkomt. In Wilkens’ lezing is de naam Zierikzee afgeleid van Circe en moet de tovenares geresideerd hebben op het eiland Schouwen. Het kruid dat Odysseus beschermde tegen de vloek van Circe was het in Zeeland veel voorkomende meekrap.

Helena? Welnee

De strijd om Troje ging helemaal niet om de schone Helena, maakte Van der Lubbe op uit het boek van Wilkens. „Het was mooi bedacht dat die oorlog gevoerd werd om een vrouw”, zegt de zanger van De Dijk. „Want romantiek ligt nu eenmaal goed in de markt. In werkelijkheid werd er gevochten om het tin dat in Ierland gewonnen kon worden. Dáár was het om te doen, want met tin kon je koper harden tot brons, voor steviger metaal om betere wapens van te smeden. In het zuiden van Engeland zijn resten van enorme slagvelden gevonden, waar nooit een bevredigende verklaring voor gegeven is. Dat zouden weleens de resten van die Trojaanse oorlog geweest kunnen zijn. Een fascinerend verhaal, of het nu waar is of niet.”

Huub van der Lubbe realiseerde zich al snel dat hij niet het hele project op zich kon nemen. Voor de muziek werd Robert Jan Stips van de Nits gevraagd. Regie kwam in handen van Tom de Ket, de acteur en cabaretier die eerder verantwoordelijk was voor de regie van de Drentse Bluesopera, in 2011 opgevoerd op uitgestrekte landerijen in Drenthe.

„Ik vond meteen dat het een hedendaags verhaal moest worden over drie jonge Zeeuwen en hoe zij in het leven staan”, zegt De Ket over de ‘homerische rockopera’. „De Odyssee handelt in feite over de initiatie van iemand die volwassen wordt. ‘O die zee’ gaat over een jongen die vlak voor zijn huwelijk nog één keer door zijn vrienden op sleeptouw wordt genomen voor een wilde nacht. Ilias, de hoofdpersoon, komt in een soort trip terecht onder invloed van drank en drugs.

„Alle beproevingen uit de Odyssee heb ik vertaald naar hedendaagse verzoekingen zoals hebzucht, de verleiding van drugs, de hang naar roem. We hebben spectaculaire theatrale effecten in petto, zoals een twintig meter hoge cycloop die uit het water oprijst.”

Met gepaste trots toont De Ket de locatie waar ‘O die zee’ deze maand 17 keer opgevoerd wordt. De dijk rond het oude zeefort Rammekens bij Vlissingen vormt een natuurlijk amfitheater. In de gracht rond het fort liggen vlotten die het speelvlak vormen, met varend materieel waarop acteurs en attributen aangevoerd worden. De cast bestaat uit professionele acteurs als Steijn de Leeuwe (Ilias), Tijn Docter (Joost), Boy Ooteman (Kees) en Myrthe Burger (Penelopé) met een koor van amateurs uit de regio.

De muziek van ‘O die zee’ kwam op bijzondere wijze tot stand. Nadat Huub van der Lubbe de teksten had geschreven, werd de hulp van de popmuzikanten Daniel Lohues, De Staat, Eefje de Visser, Beans and Fatback, Moss, Marike Jager, George Kooymans en Frédérique Spigt ingeroepen.

„Het leek me boeiend om een odyssee door de Nederlandse popmuziek te maken”, zegt De Ket. „Het is prachtig hoe Eefje de Visser een heel gevoelig liedje kan maken, terwijl George Kooymans juist een heel stoer rocknummer in de trant van Golden Earring aanleverde. Robert Jan Stips schreef een ouverture en zorgde voor muzikale eenheid.”

De Ket: „Hét grote voorbeeld voor een rockopera is natuurlijk Tommy van The Who, met al die terugkerende thema’s. Maar ik blijf ook fan van The Rocky Horror Picture Show, die ik ooit zag in Londen. Pure punk was dat. Er moet voor mij altijd een rebels element in zitten.”

Terwijl Ilias zijn reis door de nacht onderneemt, vertolkt zijn vriend Joost de stem van het geweten, vertelt de regisseur. „Joost is de zoon van een visser en voelt zich mislukt, door de verstikkende regels uit Brussel en gebrek aan toekomstperspectief. Hij heeft zich vastgebeten in Zeeuwse trots, een nationalistisch gevoel. Het boek van Wilkens is zijn bijbel en hij gelooft dat Zeeland de bakermat van de beschaving is. Joost wil Ilias overhalen om niet te trouwen met Penelopé, de dochter van een Grieks restauranthouder. Uiteindelijk wil hij zijn vriend naar het graf van Homerus voeren, dat volgens hem in Joosland ligt. Nu is dat onderdeel van Walcheren maar vroeger was het een klein eilandje. Joost beweert dat hij de resten van Homerus heeft gevonden en wil er een bedevaartsoord van maken. Zo trekken we het verhaal naar het heden.”

De locatie alleen al is de moeite waard om de reis naar Vlissingen te maken, zeggen de makers. Aan de omgeving van het fort heeft De Ket zo weinig mogelijk veranderd. „De plek is betoverend; een van de mooiste plaatsen van Nederland. En er gaat ontzettend goed gezongen worden. Want dat kunnen ze hier in Zeeland.”

    • Jan Vollaard