Lekker een uurtje gas geven

Het wordt drukker op het water en dus zijn er vaker ongelukken. Bij Vinkeveen vielen dit weekend doden. De regels zijn er zo streng, zeggen speedbootbezitters, dat het logisch is dat ze ’s nachts stiekem racen.

Het is rustig op de Vinkeveense Plassen. Drie kinderen spelen met een luchtbed in het water bij het haventje van Winkeloord. De haven ligt vol boten. De plas is leeg. In de verte zeilt een valk. Zoals altijd op een doordeweekse dag, zegt Willem de Vries. Hij is op deze maandagmiddag bezig op zijn sloep. „Dan zie je alleen mensen zoals ik die elke dag een snipperdag hebben.”

In de weekenden is dat anders. Op warme dagen als de lucht strakblauw is, krioelt het van de zeilboten, zeiljachten, rubberboten, sloepen, kano’s, motorboten, waterscooters en speedboten. Dan is het opletten geblazen. Voor je het weet, vaar je over een zwemmer heen. Meestal gaat het goed.

Afgelopen weekend niet. Zaterdagavond, na zonsondergang, ramde een speedboot een sloep. De speedboot voer snel en had geen licht. Het was een enorme klap in het pikdonker. Vlak bij eiland 8.

Drie meisjes die toen op eiland 8 waren en nu gaan douchen in de jachthaven van Winkeloord, hoorden die klap en het geroep om hulp dat volgde. Ze wilden gaan kijken, maar dat leek hun ouders geen goed idee. De vader van twee van hen ging kijken of hij kon helpen en hij vertelde later dat het maar goed was geweest dat ze niets gezien hadden. Twee van de vier mannen in de sloep overleefden de klap niet. De speedboot voer in het donker door. De politie vond de boot de volgende ochtend en heeft inmiddels vijf mensen aangehouden. De politie onderzoekt de precieze toedracht van het ongeluk nog.

Sjonnie met een waterscooter

De meeste mensen houden rekening met elkaar, zegt Willem de Vries. „Maar je hebt erbij die racen. Meestal baldadige jeugd. Jochies in een rubberboot met motor. Of jongens met de boot van pa. Of zo’n sjonnie met een waterscooter.”

De politie let op, zegt De Vries. Maar de racers wachten tot ’s avonds elf uur. Dan zijn de politieboten in de haven. En dan gaan zij het water op. „Met een slok op, je kent het wel.”

Zelf houdt hij zich aan de maximumsnelheid van 9 kilometer per uur op de plas en 6 langs de oever. „Ach, dit bootje gaat niet harder dan 10. En ik hoef ook niet meer zo nodig, hoor.”

Het ongeluk is het gesprek van de dag rond de Vinkeveense Plas. Even verderop zitten buurvrouwen Rietje Sierhuis en Margot van Doesburg aan de tuintafel. Ze hebben ieder een huisje aan het water. En ze hebben een zeilboot. Als ze op het water zijn, zien ze ook wel eens zo’n gast langs scheuren. „Wat doe je eraan?”, zegt Van Doesburg. „Je gaat dan toch niet de politie bellen. Ik heb wel eens gedacht: ik moet het eigenlijk filmen.”

Rob Passet, van Passet Watersport, repareert en verkoopt boten. Ook speedboten. Zijn ervaring is dat eigenaren van speedboten erg goed in de gaten worden gehouden. „Al vaar je vijf kilometer per uur, de politie kijkt naar je of je de grootste crimineel bent.”

Rieko Helmig herkent dat wel. Hij is eigenaar van twee speedboten en komt altijd naar Passet voor reparaties en onderdelen. „Ze houden je aan en vragen naar je vaarbewijs, je reddingsvest, je brandblusser, de papieren van je boot.”

Ze vragen bijna om ’s nachts racen

Passet en Helmig vinden het ongeluk van afgelopen weekend verschrikkelijk. Maar, zeggen ze, de regels op de Vinkeveense Plassen zijn zo streng dat je er bijna om vraagt dat mensen midden in de nacht gaan racen. Kijk, leggen ze uit, als je een boot hebt die 80, 100 of 120 kilometer per uur kan, dan wil je dat ook af en toe doen, toch? Hard varen, zegt Helmig, is een waanzinnige sensatie. „Tachtig kilometer per uur varen voelt als 200 kilometer per uur in een auto, 120 in een boot is 300 op de weg. Om een idee te krijgen.”

Helmig legt eens per jaar een van zijn boten op de trailer en rijdt naar het Gardameer. Heerlijk weer, lekker eten, maar ook: fijn varen. „Daar mag je 100 meter van de oever hard varen. Dicht bij de wal vaar je rustig. Heel redelijk, vind ik dat.” Overigens zijn er ook in Nederland plekken waar je behoorlijk hard mag. Bij Rotterdam kent Helmig een rondje waar je flink kunt gas geven, op de Lek, en op het IJsselmeer natuurlijk.

Zelfs op de Loosdrechtse Plassen zijn de regels minder streng. Op de Vinkeveense Plassen mag je alleen racen op de ‘skibaan’, maar dan moet de speedboot een waterskiër achter de boot aan trekken. Als het op de Vinkeveense Plassen ook wat losser zou kunnen, zou dat veel uitmaken, denken de mannen.

Natuurlijk race je niet de hele tijd, zegt Helmig. „Want het kost bakken met geld aan benzine. Vaar je veertig kilometer per uur, dan kost je dat zo 20, 25 liter benzine. Dus dat doe je niet vaak. Maar als je een keer lekker verdiend hebt, dat wil je een uurtje gas kunnen geven.”

    • Sheila Kamerman