In te huren door alle foute regimes

Sancties? Een neergeschoten vliegtuig? De economie in het slop? Bij ThinkRussia (“een online platform dat nieuws en perspectieven over Rusland biedt”) is er weinig van te merken. “Namens Rusland” wordt de site gemaakt door Ketchum: een pr-firma uit Pittsburgh, Pennsylvania.

Twitter avatar thinkRUSSIA thinkRUSSIA How a new tram aims to innovate Russia’s public transportation: http://t.co/efOI2kR9Hw

Net als bedrijven kunnen overheden soms wat hulp gebruiken waar het op hun imago aankomt. En net zoals bedrijven schakelen ze dan geregeld een westers pr-bureau in. Vier voorbeelden.

Ketchum: Rusland


Meteen maar even terugkomen op de bedenkers van ThinkRussia. Ketchum zou van 2006 tot 2012 zo’n 23 miljoen dollar in rekening hebben gebracht bij de Russische overheid (en 17 miljoen bij staatsbedrijf Gazprom). Vanwege de Foreign Agents Registration Act zijn Amerikaanse bedrijven die de belangen van vreemde mogendheden behartigen, verplicht te melden wat ze precies doen.

Dat levert interessante inzichten op. Zo zorgde Ketchum voor de plaatsing van een opiniestuk van Poetin (een pleidooi tegen ingrijpen in Syrië) in The New York Times. Maar het onderhoudt vooral contact met talloze Amerikaanse en buitenlandse media over zaken zoals de G-20 in Rusland en Russische-Amerikaanse verhoudingen. Oekraïne komt niet aan de orde.

Edelman: Saoedi Arabië

Edelman is qua omzet de grootste pr-firma ter wereld.

In het verleden deed het de pr voor de verdreven Thaise premier Thaksin “met als doel een spoedige terugkeer naar zijn thuisland”. (Zeven jaar later verkeert Thaksin nog steeds in ballingschap in Dubai).

Recent trad ook Saoedi Arabië toe tot de klantenkring. Dat land heeft een lange geschiedenis met westerse pr-firma’s en gaf grof geld uit na 11 september (15 van de 19 daders waren Saoedi’s) om de betrokkenheid in de strijd tegen terrorisme te onderstrepen. Edelman gaf recent advies aan de Saoedische permanente vertegenwoordiging bij de VN en promoot de King Abdullah Economic City.

Levick: Nigeria

Onlangs bleek dat Levick uit Washington voor 1,2 miljoen dollar is ingehuurd door de Nigeraanse president Goodluck Jonathan om “het internationale en lokale media-narratief” te veranderen rond wat Nigeria doet om de door Boko Haram ontvoerde meisjes terug te krijgen.

Phil Elwood, een topman van Levick, onderstreepte tegen The Hill dat hij geen gebakken lucht levert:

“A more comprehensive approach, using vehicles, such as public diplomacy and engaging outside experts to enact real changes, is how the advocacy industry is evolving. A communications strategy alone is not enough to solve the complex and multifaceted problems facing some of the more controversial nations.”

Koeweit: Hill+Knowlton


“Een echte klassieker”, noemt Ron van der Jagt -voorzitter van de beroepsorganisatie voor communicatieprofessionals Logeion - de casus Koeweit. In 1990 viel Irak binnen, in 1991 sloeg Amerika (of eigenlijk een coalitie van 34 landen) terug. Om zo ver te komen was het belangrijk om de Amerikaanse publieke opinie achter ‘Desert Storm’ te krijgen. En dus huurden de Koeweiti’s de Amerikaanse pr-firma Hill+Knowlton in voor 11 miljoen dollar. Die zorgden voor de roemruchte getuigenis van een huilend meisje (de dochter van de ambassadeur, bleek later) voor het Congres waarbij ze vertelde over Iraakse soldaten die baby’s uit couveuses op de grond gooiden.

Werkt het ook?

Van der Jagt: “Dit soort manipulatie van de publieke opinie wordt binnen mijn beroepsgroep als onethisch bestempeld.” Doorgaans hebben discutabele regimes ook weinig succes met hun pr-pogingen. “Een reputatie is niet te koop, die moet je verdienen en komt vooral door gedrag tot stand. Als je niet deugt, dan deug je niet en moet je je afvragen in hoeverre pr-firma’s in staat zijn om fundamenteel de reputatie te veranderen.”

    • Camil Driessen