Een baby zonder garantiebewijs

Een Australisch stel kreeg een tweeling bij een Thaise draagmoeder. Maar ze namen alleen het gezonde kind mee. De kritiek op commercieel draagmoederschap zwelt aan.

Net als honderden van haar landgenotes fungeerde Pattharamon Janbua uit Thailand vorig jaar als draagmoeder voor een Australisch paar. Janbua (21) kreeg er 8.000 euro voor – een enorm bedrag voor haar.

Negen maanden na de ivf-behandeling beviel Janbua van een tweeling: een gezond meisje en een jongetje met het syndroom van Down. De wensouders namen het meisje mee naar huis. Ze lieten het jongetje bij haar achter.

Het lot van de draagmoeder en haar Australische zoontje Gammy heeft voor grote ophef gezorgd in Australië. Ruim vijfduizend mensen doneerden via een internetcampagne 200.000 dollar (140.000 euro) aan een fonds voor het jongetje. De ene donateur valt de „walgelijke” wensouders nog harder aan dan de andere. Premier Abbott sprak van „een uiterst treurig verhaal dat de valkuilen van deze bedrijfstak illustreert”.

De Australische nieuwszender ABC meldde gisteren dat de anonieme ouders ondertussen claimen nooit geweten te hebben van het bestaan van het jongetje met Down. De Thaise kliniek zou ze daar niets over hebben verteld. Het is nog onduidelijk of ze de waarheid spreken, de discussie over wensouders gaat gewoon door.

Bloeiende bedrijfstak

Commercieel draagmoederschap is wereldwijd in opkomst. Alleen al in Australië reizen volgens schattingen jaarlijks duizend paren naar het buitenland om via een betaalde draagmoeder toch een kind te krijgen. Meestal wordt een eicel van een donor via een ivf-behandeling bevrucht met sperma van een wensvader. Het embryo wordt daarna in de baarmoeder van de draagmoeder geplaatst. Maar er worden ook kinderen verwekt met eicellen van de wensmoeder en sperma van de wensvader, of sperma van een donor. Hoe het bij Gammy ging, is niet bekend.

De babyhandel is „een bloeiende, mondiale bedrijfstak”, schreef de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht (HCCH) eerder dit jaar. De 103 aangesloten landen proberen het ‘gewone recht’ – huwelijksrecht, regels voor internationale adoptie en contractrecht – in grensoverschrijdende zaken te stroomlijnen.

Commercieel draagmoederschap is bijna overal verboden, ook in Thailand, Australië en Nederland. Maar de handel gebeurt in een wereld zonder grenzen waarin Google de weg wijst naar bemiddelingsbureaus.

Geen land houdt cijfers bij, de grens tussen beloning en onkostenvergoeding is fluïde. In Nederland zijn door rechtszaken enkele gevallen bekend. In Duitsland, Frankrijk Zweden, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk gaat het om tientallen tot honderden kinderen per jaar.

Juridisch onduidelijk

Veel betaalde draagmoeders wonen in India, Thailand, Oekraïne en Rusland. Ook in een aantal Amerikaanse staten is commercieel draagmoederschap toegestaan. Een kind van een Amerikaanse draagmoeder kost al snel 150.000 euro, in India, Thailand of Oekraïne soms maar 20.000 euro.

De juridische status van draagmoeder-kinderen is veelal onduidelijk. De HCCH noemt het voorbeeld van een Duits echtpaar wiens kinderen dreigen te worden uitgezet. Volgens de Duitse wet zijn de buitenlandse draagmoeder en haar echtgenoot de ouders van de kinderen – dat is in Nederland hetzelfde. Ook zijn vechtscheidingen bekend waarin de wensmoeder geen co-ouderschap kan afdwingen omdat het kind verwekt is met een gedoneerde eicel.

Embryo’s verwisseld

In de thuislanden van de draagmoeders is de achterlating van Gammy lang niet het enige schrijnende verhaal. Een Indiase draagmoeder kreeg een Indiaas en een blank kind, waarschijnlijk omdat de kliniek embryo’s had verwisseld. De Australische wensouders namen alleen het blanke kind mee naar huis. Een Amerikaans echtpaar bestelde een baby bij een Indiase draagmoeder omdat hun eerste kind een orgaandonor nodig had.

In Nederland waarschuwde de nationaal rapporteur mensenhandel in 2012 voor uitbuiting van draagmoeders uit ontwikkelingslanden. De onderzoekers van de HCCH schrijven over Indiase productieklinieken waar meerdere embryo’s bij vrouwen worden ingebracht om de kans op een succesvolle zwangerschap te verhogen. De Thaise draagmoeder Pattharamon Janbua zou volgens Australische media door de wensouders zijn opgedragen abortus te plegen nadat was ontdekt dat het jongetje het syndroom van Down had. Ze weigerde.

In Thailand is de politie zwangerschapsklinieken binnengevallen. Volgens advocaat Stephen Page zitten er momenteel honderden Australische baby’s in de buik van een Thaise draagmoeder. Onduidelijk is wat er gebeurt als Thailand ingrijpt, zei Page tegen The Sydney Morning Herald. „Misschien eindigen ze in een weeshuis.”