Zonder Vingino in een tranentrekkend decor

Tommie Visser vormde met Vingino een topcombinatie. Tot de eigenaresse besloot het paard te willen verkopen

Visser op zijn oude paard Vingino. Foto ANP

Het is een degradatie die onbedoeld werd gesymboliseerd door de muziek waarop hij zijn dressuurproef uitvoerde. Droevige tonen uit een tranentrekkende film, voor een decor van lege tribunes. Tommie Visser reed voorheen mee in de hoogste categorie op het NK, maar is sinds enkele maanden veroordeeld tot een klasse lager en een ander paard, de ruin First Class. Alsof een speler van Ajax gedwongen moet voetballen in de eerste divisie. Zo voelt dat voor een ruiter van zijn formaat.

De Amsterdammer (30) kan zich vinden in de vergelijking. „Dit is wel een flinke stap terug”, bekent Visser op het NK dressuur in Hoofddorp. „Ik moet helemaal opnieuw beginnen.”

Het zijn woorden van een topsporter die enkele maanden geleden op koers lag voor deelname aan de Olympische Spelen van Rio de Janeiro. Op de rug van topruin Vingino ging het hem voor de wind.

Tot in april alles verandert. Dan hoort Visser dat Vingino’s eigenaresse Margriet van Beelen het paard wil verkopen. Hij is beduusd, stribbelt tegen en wijst haar op gemaakte afspraken. Vergeefs. Enkele dagen later staat er een knokploeg van vijftien man voor zijn stal in het Noord-Hollandse Vijfhuizen. Het gezelschap komt het paard ophalen, al heeft het door schermutselingen meer weg van een ontvoering. De politie grijpt in en onderschept het paard; de ongewenste bezoekers worden aangehouden.

Sinds het voorval verblijft het paard op neutraal terrein en zijn beide partijen verwikkeld in een clinch die nog altijd voortduurt. Of hij Vingino ooit nog berijdt? „Dat is redelijk onwaarschijnlijk”, verzucht Visser.

De ruzie heeft veel mensen wakker geschud in de paardensport. In deze wereld is het gebruikelijk dat ruiters en amazones rijden op paarden van anderen. Liefhebbers kopen een hengst of merrie en brengen deze onder bij een stal. Niet zelden met het idee dat de aanwezige ruiter het beest kan promoveren tot toppaard. Maar wat zijn de afspraken? „Die zijn niet eenvoudig te maken”, meent Visser. „Je weet nooit of het paard talentvol is.” Zelfs van nazaten van toppaard Gribaldi, de vader van Totilas – waarmee ruiter Edward Gal grote successen behaalde – is niet zeker dat ze zullen uitblinken. Vandaar dat veel samenwerkingen zijn gestoeld op goed vertrouwen. Ruiters erkennen het eigendom van hun zakenpartners, terwijl zij andersom verwachten dat het paard niet zomaar wordt verkocht als zij goed presteren.

Zo ging het ook bij Vingino. Eigenaresse Van Beelen was enthousiast over het idee dat Visser grote wedstrijden liep met haar paard. Hij nam daarbij alle kosten voor zijn rekening, vier jaar lang. „Vlak voor het gedoe is ze zelfs nog enkele dagen langs gekomen bij een concours in Frankrijk. Ze zat bij ons in het huisje en de sfeer was goed. We hadden nooit onenigheid. Nee, ik heb dit niet zien aankomen. Het was haar lieveling. Ze zou hem nooit verkopen.”

Toch blijven eigenaren vrij om hun paard te verkopen. Dat stelt Joop van Uytert, een gerespecteerde hengstenfokker die eigenaar is van Vissers huidige paard First Class. Hij wil zich niet met de lopende zaak bemoeien, maar zegt „dat mensen met verstand van paarden dit niet was overkomen. Beide partijen worden hier slechter van. Ze hebben allebei niks.”

Van Uytert, die topruiter Edward Gal grootmaakte met Gribaldi en Totilas, zegt zorgvuldige afspraken te maken met zijn ruiters. Hij wikt en weegt, alvorens hij zijn paarden ergens onderbrengt. „Daarbij vind ik het gebruikelijk dat de berijder een financiële compensatie krijgt bij een verkoop. Het is net als bij een voetbalclub die een speler beter maakt; daar hoort een vergoeding tegenover te staan.” Nee, hij zou nooit in zo’n strijd belanden.

Wat opvalt is de afhankelijkheid in de dressuur. Visser mag dan een gerespecteerd ruiter zijn, met jarenlange ervaring, zonder Vingino zijn de Spelen heel ver weg. Andersom is het maar de vraag hoe veel de hengst waard is zonder Visser. „Het was een moeilijk paard van wie ik niet zomaar het vertrouwen won. Daar kan jaren overheen gaan. Het is geen sportauto waar je zo in wegrijdt.”