Wapens, geld, gas - er is altijd wel een achterdeurtje te vinden naar Rusland

Two business people meeting in an isolated place. Foto iStock

De Europese sancties tegen Rusland worden steeds zwaarder. Toch zijn ook in de meest recente, van een paar dagen geleden, achterdeurtjes te vinden. Die zijn opengelaten om Rusland – én de EU-landen – speelruimte geven. Welke sectoren worden geraakt, en wat zijn de loopholes?

Banken: syndicated loans mogen wél

De sancties tegen Russische banken zijn veruit de ingrijpendste. Europese personen mogen niet langer aandelen, obligaties of andere waardepapieren met een looptijd van langer dan negentig dagen kopen van Russische banken waar de Russische Staat een meerderheidsbelang heeft. Zo’n sanctie treft de Russische economie hard. Russische banken trekken veel geld aan op de Europese kapitaalmarkt, om dat vervolgens weer uit te lenen aan bedrijven in Rusland.

Er is wel een belangrijke uitzondering gemaakt: zogeheten syndicated loans vallen niet onder het verbod. Syndicated loans zijn leningen die worden verstrekt door een consortium van westerse institutionele investeerders (pensioenfondsen, verzekeraars) en banken.

Russische banken nemen meer van dat soort leningen af dan dat ze geld ophalen op de Europese kapitaalmarkten. Dat doen ze voor een belangrijk deel bij institutionele beleggers in Groot-Brittannië, Frankrijk – en ook Nederland.

Energie: gas blijft buiten schot

Het belangrijkste aan de energiesancties is wat er aan ontbreekt. Er mag geen technologie meer worden geleverd aan Rusland voor de olie-industrie. Maar voor de gasindustrie geldt zo’n verbod niet. Europese landen zijn afhankelijk van Russische gas, sommige zelfs voor bijna 100 procent.

Het verbod betreft overigens ook niet de hele olie-industrie, maar slechts een drietal onderdelen. Het gaat om de winning van olie in het Arctische gebied, in de diepzee en de winning van schalieolie. Voor Rusland zijn dat weliswaar belangrijke gebieden, maar het duurt naar verwachting nog jaren voor hier op grote schaal olie kan worden gewonnen. Volgens het economisch bureau van ABN Amro zal de Russische olieproductie er op de korte termijn niet onder lijden.

Het belangrijkste: het olieverbod komt in de vorm van een “vooraf toestemming aanvragen bij de relevante autoriteiten van de lidstaten (de overheid)” om technologie te exporteren. Ofwel: geheel waterdicht is het verbod niet. Lidstaten kunnen toestemming geven aan leveranciers om toch bepaalde technologie aan Rusland te leveren. Alleen als er “redelijke gronden” zijn om te vermoeden dat het om technologie gaat die bedoeld is voor de olie-industrie, dan mag het niet. Dat geeft lidstaten dus enige ruimte, ook al is dat wellicht niet veel.

Wapens: bestaande contracten mogen worden nageleefd

Hetzelfde geldt voor wapens en voor zogeheten ‘dual use’-goederen en technologie (goederen die zowel voor militaire als civiele doeleinden gebruikt kunnen worden). In principe mogen die niet geëxporteerd worden. Maar Europese lidstaten kunnen ook hier toestemming geven aan leveranciers in hun landen om dat toch te doen. Mits er geen gegronde redenen zijn om te vermoeden dat de producten of de technologie uiteindelijk voor militaire doeleinden worden aangewend.

Bestaande wapencontracten (bijvoorbeeld de levering van Franse Mistral helikoptervliegdekschepen) mogen nog wel worden nageleefd. Ook is er een uitzondering voor onderhoudscontracten voor Russisch wapentuig in de EU. Verschillende Oost-Europese landen hebben nog veel Russische wapens.

    • Chris Hensen