Wankelend Ghana naar het IMF

Ghana gold lang als een economisch succesverhaal in Afrika. Maar door uitblijvende financiële hervormingen moet het nu bij het IMF aankloppen.

Ondanks de flinke economische groei van de afgelopen jaren, wonen veel middenklasse-Ghanezen nog in krottenwijken, zoals hier in de hoofdstad Accra. Foto Getty Images

Ghana gaat zo snel mogelijk in gesprek met het Internationaal Monetair Fonds om een oplossing te vinden voor de enorme koersdaling van de nationale munt, de cedi. Die is in de afgelopen twaalf maanden ruim 40 procent in waarde gedaald ten opzichte van de dollar.

De financiële markten hebben geen vertrouwen meer in het vermogen van de Ghanese regering om de overheidsuitgaven onder controle te krijgen. Er is een tekort op de begroting van ruim 10 procent van het bruto binnenlands product. Vier maanden lang heeft de regering zich in allerlei bochten gewrongen om onder gesprekken met het IMF uit te komen, maar dit weekeinde gaf president John Dramani Mahama zijn economische adviseurs opdracht om toch maar eens met Washington te bellen.

Ghana wil van het IMF hulp bij het stabiliseren van de cedi om daarmee de gierende inflatie te beteugelen. Door de snelle waardedaling van de nationale munt zijn de prijzen in het land het laatste jaar sterk gestegen. In juni bedroeg de inflatie 15 procent en in juli kwam de gemiddelde marktrente uit op 19 procent. Inmiddels is dit tarief volgens de centrale bank van Ghana opgelopen tot 24 procent.

Het is pijnlijk dat Ghana zo worstelt met enorme overheidstekorten, een zwakke munt en hoge inflatie. Het land stond de afgelopen jaren juist bekend als een van de sterkere economieën van Afrika. In 2005 werd een aanzienlijk deel van de schulden kwijtgescholden, als onderdeel van een wereldwijde campagne voor schuldverlichting.

Daarna kende het land volgens het IMF een robuuste groei. Dit kwam naast schuldkwijtschelding ook door economische en financiële hervormingen. Ghana is daarnaast de afgelopen jaren een serieuze speler op de oliemarkt geworden, door de ontdekking van meerdere grote velden.

Door die olieboom leken de bomen tot in de hemel te groeien met economische groeipercentages tot 14 procent per jaar. Maar tegelijk zorgde die weelde ervoor dat de overheidsbestedingen door het dak gingen en de noodzaak tot (fiscale) hervormingen beperkt was.

Het IMF adviseerde landen als Ghana in 2009 al om terughoudend te zijn met overheidsuitgaven en het bijdrukken van geld. Ghana lijkt zich weinig van dit advies te hebben aangetrokken en heeft nu bijvoorbeeld grote problemen met het uitbetalen van overheidssalarissen.

De afgelopen maanden voedde de Ghanese overheid de onzekerheid rond haar eigen economie door gesprekken met het IMF af te houden. Dat resulteerde er eind juli in dat de cedi op een dag soms ruim 6 procent van zijn waarde verloor, bijvoorbeeld toen de minister van Financiën in de pers liet vallen dat een „binnenlandse oplossing” voor het aanvullen van tekorten de voorkeur had boven het zoeken van steun bij het IMF.

Volgens analisten is de keuze van Ghana om nu opeens wel naar het IMF te stappen onafwendbaar vanwege de vrije val van de cedi.

Het IMF zegt „klaar te staan” om een programma op te stellen om de overheidsfinanciën weer op orde te brengen. Het is nog onduidelijk hoeveel geld daarmee gemoeid zal zijn en welke voorwaarden er aan steun verbonden zullen worden.

De stap van Ghana richting het IMF komt op het moment dat er een top tussen Amerika en veertig Afrikaanse landen op de agenda staat. Deze begint vandaag in Washington en ook Ghana neemt deel. De top is bedoeld om Amerikaanse investeerders te werven voor het Afrikaanse continent. Volgens de regering van Barack Obama is er op de top zo’n 900 miljoen dollar te verdelen. (Bloomberg)