Een beetje vies mag wel. We zijn geen Disneyworld

Dit weekend nam de Gay Pride de hoofdstad over – dus de schoonmakers mochten weer aan het werk. De stad is te vies en te vol, schreef Rijksmuseumdirecteur Wim Pijbes vrijdag in deze krant. Heeft hij gelijk?

Vuil in Amsterdam de dag na de Canal Parade. Foto olivier middendorp

Een dag na de Canal Parade en zelfs met de honderden pro-Gazademonstranten op het Museumplein ligt het grasveld om de hoek van het Rijksmuseum er fris en groen bij. Geen spoortje afval te bekennen. De Zweedse studenten Andrea Hjultors Berg en Samuel Nyberg liggen dan ook onbekommerd op het gazon. Amsterdam smerig? Hjultors Berg: „Ik denk dat het niet rommeliger is dan elke andere grote stad.” Amsterdam toont wat minder schoon dan hun stad Umeå, zegt Hjultors Berg, maar „vergeleken met Zweden is elke stad viezer”. Nyberg: „Wij hebben nu eenmaal een andere standaard.”

Holly Underwood uit Londen vindt Amsterdam niet te druk. „Tijdens de Gay Pride was de sfeer heel prettig, niet agressief. Amsterdam voelt minder druk dan Londen. Vermoedelijk omdat zoveel mensen fietsen. In Londen struikel je over de taxi’s.”

Maar dat het drukker wordt is een feit, zegt Machteld Ligtvoet van Amsterdam Marketing, verantwoordelijk voor de citymarketing van de stad. „Er gaan wereldwijd steeds meer mensen reizen, die komen ook naar Amsterdam. Dat er dan lange rijen staan voor het Rijksmuseum is een logisch gevolg, Pijbes heeft ook een prachtig museum neergezet.”

Ligtvoet erkent het probleem van de vrouwenhandel op de Wallen, die Pijbes aankaart, maar volgens haar is de gemeente „druk bezig” dit soort zaken aan te pakken. „Een aantal ramen en coffeeshops gaat plaatsmaken voor hoogwaardige winkels en horeca, zodat het aanbod breder wordt. Er is al veel in gang gezet. Zo zijn de laatste tijd illegale hotels gesloten. Het is mooi dat Pijbes zijn betrokkenheid toont. Ik snap dat hij ongeduldig is en wij zouden ook willen dat dingen sneller veranderen, maar er wordt aan gewerkt.”

Dat ‘rafelrandje’ moet wel blijven

Pijbes is niet de eerste die de groeiende toeristenstroom aankaart en de problemen die daarmee gepaard gaan. Dit voorjaar waarschuwde stadsdeelbestuurder Boudewijn Oranje ook voor de groeiende bezoekersaantallen. Hij vond dat Amsterdam „geen Venetië” mag worden. Lees: overgenomen door toeristen. Ligtvoet waarschuwt dat Amsterdam wel dat ‘rafelrandje’ moet houden: „We moeten authentiek blijven en geen Disneyworld worden.”

Dat is filmmaker Elian Wils uit het hart gegrepen. De directeur van filmbedrijf Big Shots reageerde in 2009 met een filmpje, nadat de Amerikaanse talkshowhost van Fox News Bill O’Reilly, Amsterdam ‘anarchistisch en verdorven’ had genoemd. „Amsterdam heeft dat randje van creativiteit en anarchisme juist nodig. Dat ongepolijste past bij de stad. Daarom moet shortstay-kamerverhuur ook niet aangepakt worden, zoals Pijbes wil. Ik vind het fantastisch dat Amsterdammers zo vooruitstrevend zijn en ruimte die ze over hebben verhuren.”

Stadssocioloog Leon Deben vindt het met de viesheid van Amsterdam ook meevallen: „Ga eens naar New York, dat is buiten het glimmende Times Square best een vieze stad. Dan doen we het hier zo slecht niet.”

Niettemin vindt hij dat Pijbes een punt heeft: „Het belang van een goed onderhouden openbare ruimte, daar is lang geen aandacht voor geweest in Amsterdam.” De laatste jaren is de gemeente actiever geworden op dit vlak, maar het kan nog beter. „Het moet op plekken waar veel mensen samenkomen continu schoongemaakt worden. Natuurlijk, op de Dam kun je blijven vegen, maar dat moet dan maar. Denk aan die geverfde fietsvakken op straat, dat werkt ordenend. Je moeten mensen helpen iets te doen dat in het verlengde van hun gedrag ligt. Hoe schoner de openbare ruimte, hoe respectvoller mensen daarmee omgaan.”

Rommel zien is rommel maken

Filmmaker Wils onderschrijft dat: „Rommel zien is rommel maken. Zorg dat mensen eraan wennen dat Amsterdam een superschone stad is. Dan laat je het wel uit je hoofd iets op straat te gooien.”

Aan de andere kant vindt Wils dat Amsterdammers zelf ook wat actiever zouden mogen opruimen. „Het kan nog meer in ons DNA gaan zitten. Dat past ook bij Amsterdam, om zelf verantwoordelijkheid te nemen. Spreek elkaar aan als iemand een peuk op straat gooit. En wees niet bang eens de troep van een ander op te ruimen.”

Dat laatste geldt ook voor het Rijksmuseum, vindt Deben. „Pijbes klinkt een klein beetje als een klagende ondernemer, die tegen de gemeente zegt dat die er wat aan moet doen. Maar als ondernemer moet je ook zelf verantwoordelijkheid nemen. Misschien moet er een opslag op het museumkaartje komen.”

    • Anouk Eigenraam
    • Maral Noshad Sharifi