Nu zijn zij er, straks komen de drones

Gisteren kamde een team van experts het zwartgeblakerde korenveld uit. Meerdere delen van stoffelijke overschotten werden gevonden. De veiligheid blijft een probleem.

Nederlandse en Australische onderzoekers doorkammen het terrein op zoek naar de resten van slachtoffers van de crash. Foto anp

De kinderschoenen, uiteengerukte vliegtuigonderdelen en duty free-zakken met of zonder inhoud liggen er nog steeds. Ook een vertrouwd beeld: een rij tv-journalisten die hun stand-ups doen voor een zwartgeblakerd stuk korenveld. Maar wat zich achter hen afspeelt is wel een nieuw tafereel voor de enkele lokale inwoners die langsrijden op de weg uit Grabovo. Enkele tientallen Nederlandse en Australische onderzoekers en politielui doorkammen het glooiende terrein op zoek naar de resten van slachtoffers van de crash met vlucht MH17. Na de vergeefse pogingen van de laatste dagen, is het onderzoek op de rampplek eindelijk echt begonnen. Hierbij zijn meerdere delen van stoffelijke overschotten gevonden.

Aantekeningen maken

Duidelijk was gisteren dat men snel wil gaan. Het gaat om „een operatie waarvoor de voorbereiding en verkenning reeds gebeurd is”, vertelde kolonel der marechaussee Kees Kuijs aan de aanwezige journalisten op het grindpad naar de kippenboerderij die overdag als uitvalsbasis dient. „We weten waar te beginnen.” Gisterennamiddag was er vooral het basiswerk: één lapje grond wordt verschillende keren afgewandeld door groepjes van zeven of zes mensen op één lijn, sommigen met emmers in de hand. Daarbij stuitten de experts al vrijwel meteen op menselijke resten, die ze ook meenamen. Enkele experts leken vooral aandacht te hebben voor de vliegtuigonderdelen. Ze stonden stil en maakten aantekeningen bij een plaats waar een deel van de cabine, inclusief zetels was neergekomen, en liepen over het inmiddels platgetreden koren rond een afgebroken stuk van de staart. In de volgende dagen zullen ook meer verfijnde middelen ingezet worden: speurhonden, duikers die de plassen en vijvers op het terrein kunnen doorzoeken en drones, om opnames van het gebied te maken.

Kuijs toonde zich gisteren optimistisch: „Onze mensen hebben veel ervaring en ik ben ervan overtuigd dat het werk gedaan kan worden.” Eén blik over de glooiende velden geeft echter een notie van hoe omvangrijk de opdracht is. De site is enorm en de onderzoekers zijn voorlopig slechts met enkele tientallen. De veiligheidssituatie blijft intussen problematisch. Luid artillerievuur herinnert eraan dat de frontlinie vlakbij is. Het leger rukt op.

Waar gisteren op de noordelijke weg uit Debaltseve nog een verlaten rebellenpost was, staan nu Oekraïense soldaten op wacht.

Het team heeft een nieuwe uitvalsbasis: kolonel der marechaussee Kees Kuijs heeft aangekondigd dat zijn onderzoeksmissie de door separatisten gecontroleerde stad Donetsk gaat verlaten ten gunste van Soledar, een plaats op negentig kilometer van Grabovo. Op de weg uit Soledar zie je weliswaar nog recente sporen van gevechten: Oekraïense militairen bouwden er gisteren een een noodovergang op een opgeblazen burg. Maar de route van daar tot aan de grens van het gebied is momenteel onder controle van het leger. Op die manier moeten de onderzoekers niet langer twee keer het front door op hun weg naar de rampplek. De zone waar ze aan de slag gingen, blijft weliswaar in handen van de rebellen. Maar de OVSE bedong met hen een bredere toegang tot de rampsite dan tot nu toe mogelijk bleek.

Mensen met kinderen zijn weg

Net voor het inmiddels onbemande checkpoint dat toegang biedt tot het rampgebied, staat het winkeltje van Ola. De schappen zijn er half leeg en het licht werkt niet. „We hebben geen elektriciteit en geen water meer,” zegt ze. „We leven in de kelder. Ik blijf omdat mijn dochter in Grabovo woont, met ons kleinkind van drie. Maar de meeste mensen met kinderen zijn reeds vertrokken.” Een man die even eerder langskwam op de weg naar de kippenboerderij, vertelde: „Mensen schuilen in Grabovo. Ze denken dat het veilig is nu de Nederlanders hier zijn.” Maar ’s avonds trekken ook de Nederlanders weg. En hoe de situatie er morgen uitziet, is onvoorspelbaar.

Dag per dag zullen we het moeten bekijken, erkent Kuijs: „gaan we wel of gaan we niet?”