Leven zonder afv al

Wie er een sport van maakt, komt een heel eind zonder verpakkingen.

Foto en bewerking STUDIO NRC

In het begin dronk Arjen Ulrich (31) alleen water als hij ergens op bezoek was. Of thee van een zakje dat al gebruikt was. Hij had zich ten doel gesteld afvalvrij te leven, en tja, sap komt uit een pak en frisdrank uit een plastic fles. Als hij boodschappen deed, kocht Ulrich niets dat verpakt was. Brood ging ongesneden in een katoenen tas en kaas deed de kaasboer in een bakje dat hij meebracht. Olijfolie haalde hij in een winkel waar je die uit een vat kon tappen. Bij de bakker liet hij een blik achter waar die een ontbijtkoek in deed als hij weer een lading had gebakken. Voor de dagelijkse hygiëne kocht hij een blok zeep: doucheschuim en haargel werden verbannen. „Alleen tanden poetsen wilde ik niet anders doen. Dus daarvoor maakte ik een uitzondering.”

Ulrich begon te filosoferen over een afvalvrij leven toen hij in een studentenhuis woonde, vlak bij een supermarkt. „We zetten soms wel drie vuilniszakken per week buiten. En eigenlijk hadden al die weggegooide verpakkingen alleen maar gediend om die ene minuut lopen van de supermarkt naar huis te overbruggen. Ik nam me toen voor een half jaar afvalloos te leven. Voor het milieu, maar ook vanwege de uitdaging. Ik wilde weten: is dit echt mogelijk?”

Het vergde behoorlijk wat onderzoek: bestonden er winkels die pasta los verkochten? Was er shampoo zonder fles verkrijgbaar? Ook stond hij voor lastige vraagstukken. „Als ik op bezoek koekjes uit een pak accepteerde, werkte ik mee aan het genereren van afval, want mijn gastheer ging dan weer nieuwe koekjes kopen waar weer verpakking voor nodig was. Maar hoe zat het met de verjaardagstaart van mijn broer? Die taart was al gekocht en als die op was, zou mijn broer geen nieuwe kopen.”

Ondanks deze dilemma’s beviel zijn nieuwe levensstijl Ulrich zo goed, dat hij na een half jaar besloot door te gaan. Via sociale media deelde hij zijn ervaringen als afvalvrij mens. „Mijn moeder zei: je ziet er gezonder uit. Doordat ik geen supermarktproducten meer kocht, kreeg ik natuurlijk minder rotzooi binnen. En ik kreeg leuke reacties uit mijn omgeving. Mijn vrienden kochten bijvoorbeeld bier voor me in de beugelflessen, die Grolsch in zijn geheel weer terugneemt. Afvalloos leven bleek bovendien niet duurder te zijn. Ik reisde veel met de trein voor mijn werk, maar ik besteedde geen geld aan verpakt eten op stations. En op den duur was het ook niet meer heel veel gedoe. Ik wist precies bij welke winkels ik moest zijn. Dat waren kleine winkels waar de mensen mij kenden en waar geen rijen stonden. Mijn vuilnisbak heb ik uiteindelijk te koop aangeboden.”

Arjen Ulrichs leefwijze lijkt extreem, maar hij staat niet alleen. Overal ter wereld zijn mensen die afvalvrij proberen te leven, zoals de Amerikaan Colin Beavan (die zichzelf de no-impact man noemt) en de schrijfster van het boek Zero Waste Home, Bea Johnson. En steeds meer mensen proberen de hoeveelheid afval die ze wekelijks voor de deur zetten, te beperken. In juni was er bijvoorbeeld een Zero Plastic Week, waarin deelnemers een week lang plasticloos probeerden te leven.

De Nederlandse goeroe op het gebied van afvalvrij leven is Emily-Jane Lowe (35) Baarn. Vorig jaar begon zij een blog over de manier waarop ze haar afval probeert te beperken. Dat is inmiddels 40.000 keer bekeken. „Ik zag Bea Johnson op televisie en zij had haar afval van één jaar meegenomen in een weckpot van een liter. Ik was gefascineerd. Diezelfde week ben ik aan de slag gegaan. Het verbaasde me hoe makkelijk het was, hoeveel voldoening het geeft en hoe rustgevend het werkt. Je wordt niet meer geconfronteerd met al die schreeuwerige verpakkingen. Je doet niet meer mee aan het kopen van al die producten die je niet nodig hebt. Het versimpelt je leven.”

Als Lowe boodschappen gaat doen, neemt ze potten mee, en tasjes die ze van een oud dekbedovertrek heeft gemaakt. Dingen die niet los verkrijgbaar zijn, zoals cornflakes, koopt ze niet. Ze maakt veel zelf: wasmiddel, tandpasta, deodorant, cruesli, pindakaas. „Het klinkt alsof het veel werk is, maar je staat langer in de rij bij de Etos dan het duurt om zelf deodorant te maken’’, zegt ze. Melk haalt ze vaak bij de boer, maar omdat dat acht kilometer fietsen is, maakt ze er wel eens een uitzondering op. In plaats van aluminiumfolie gebruikt ze om eten af te dekken en te verpakken zelfgemaakte, met bijenwas geïmpregneerde doeken.

Lowe had – om andere redenen – haar parttime baan als verpleegkundige opgegeven, maar inmiddels heeft ze als antiafvalgoeroe een fulltime baan. „Al mijn workshops zitten vol en ik ben met een uitgeverij in gesprek over een boek. Veel mensen in mijn omgeving vinden het cool. Ze zijn klaar met al die plastic rommel. Het vervuilt het milieu, dieren eten het op en sterven eraan. Het kan zo niet langer. Op een gegeven moment wil je meer doen dan alleen spaarlampen gebruiken. Mijn droom is een winkel te openen waar alles zonder verpakking te koop is.”

Flessen en potten

Dat was ook de droom van de Belgische Savina Istas (25). Zij staat op het punt die te verwezenlijken: deze zomer opent ze in het centrum van Antwerpen een winkel waar levensmiddelen zonder verpakking te koop zijn. Dit soort winkels bestaat al in Spanje, Italië, de Verenigde Staten en binnenkort Berlijn. De klant neemt zelf flessen of potten mee. Die worden leeg gewogen en voorzien van een etiket met het gewicht er op. Vervolgens kunnen ze worden gevuld.

Istas, die duurzaamheidswetenschappen studeerde, kwam op het idee toen ze blogs las van mensen die afvalvrij leven. „Ik dacht: wat zou het mooi zijn als alle mensen op een makkelijke, concrete manier hun afval konden beperken. Het probleem met afval is dat de rijken er geen last van hebben. Veel afval komt bij de allerarmsten van de wereld terecht en het is confronterend om te zien hoe die ertussen moeten wonen.”

Istas’ winkel is nog niet eens open, maar ze is al in gesprek over een vestiging in Nederland. En Arjen Ulrich? Die heeft de teugels inmiddels een beetje laten vieren. Doordat hij nu een fulltime baan heeft bij een bedrijf dat laadpunten voor elektrische auto’s installeert, heeft hij geen tijd meer voor een volledig afvalvrij leven. „Maar ik leef nog steeds zoveel mogelijk zonder verpakkingen. En ik heb veel mensen aan het denken gezet. Vrienden van mij waren onlangs op een festival en zagen een grasveld vol plastic bekers. ‘Maar goed dat Arjen er niet bij is’, zeiden ze tegen elkaar.”

    • Renate van der Zee
    • Tekst