opinie

    • Juurd Eijsvoogel

Hoe Angela Merkel het uitmaakte met Poetin

Om te zien hoe wezenlijk de politieke verhoudingen op het Europese continent de afgelopen maanden zijn veranderd, kun je het beste naar Duitsland kijken. Nog geen acht maanden geleden namen kanselier Merkel en haar coalitiepartners in hun regeerakkoord een aparte paragraaf op met de veelbelovende titel Open dialoog en bredere samenwerking met Rusland.

Duitsland en Rusland zijn „door een bewogen geschiedenis” nauw met elkaar verbonden, werd daarin allereerst vastgesteld – want de beladen geschiedenis speelt in Duitsland nu eenmaal altijd mee. Rusland is „het grootste en belangrijkste buurland van de Europese Unie”, vervolgde het stuk. En na een opsomming van allemaal mooie initiatieven om tot een hechtere samenwerking te komen, volgde de ratio van dat alles, namelijk dat „veiligheid in en voor Europa alleen bereikt kan worden met, en niet tegen Rusland”. Het besef van dat laatste zit in Duitsland diep.

Deze week werd duidelijk dat Angela Merkel die fraaie uitgangspunten niet meer kan volhouden. Maandenlang had ze haar westerse partners bezworen om na de Russische annexatie van de Krim niet te hard van stapel te lopen met strafmaatregelen tegen Rusland. Er stond veel op het spel – niet alleen aan economische belangen, maar ook voor de stabiliteit op het continent in de komende decennia. Als leider van het grootste en belangrijkste land bínnen de Europese Unie probeerde ze de relatie met Rusland nog te redden. Als leider van Duitsland wilde ze voorkomen dat het tot een nieuwe confrontatie zou komen met Rusland, dat zo veel onder nazi-Duitsland heeft geleden.

Merkel waarschuwde Poetin in maart al dat hij een gevaarlijk spel speelde. Als hij in Oekraïne niet zou inbinden, zei ze in de Bondsdag, dan zou Duitsland dat zien als een bedreiging en dan zou Rusland daarvan „reusachtige economische en politieke schade” ondervinden. Maar hij kón nog terug.

Inmiddels is de fase van waarschuwen, dreigen en bescheiden sancties voorbij. Minstens dertig keer heeft Merkel sinds het begin van de Oekraïne-crisis met Poetin gebeld, schreef The Wall Street Journal gisteren. Ze mogen elkaar niet, maar ze verstaan elkaar wel. En ze geloofden allebei in het grote belang van een goede relatie tussen hun beide landen.

Maar het had allemaal geen effect. De destabilisering van Oekraïne ging door, met Russische wapens en Russische leiders ter plekke. Drie dagen na het neerhalen van vlucht MH17 had Merkel alleen nog deze boodschap voor Poetin: bel me maar als je vooruitgang te melden hebt bij het bezweren van het conflict. En toen bleef het stil.

De sancties die de Europese Unie en de Verenigde Staten nu hebben afgekondigd zijn gericht tegen belangrijke sectoren in Rusland: energie, defensie en de banken. „Eindelijk staat Europa op tegen Rusland”, twitterde de voormalige Amerikaanse Veiligheidsadviseur Zbigniew Brzezinski, „beter laat dan nooit”. Zonder grote woorden in het openbaar, want dat is niet haar stijl, heeft Merkel erkend dat haar strategische doel van nauwere samenwerking met Rusland voorlopig in de ijskast moet. Dat is voor Duitsland, en Europa, een keerpunt.

Dit voorjaar nog bleek uit een peiling dat de helft van de Duitsers (49%) hun land het liefst in een soort neutrale tussenpositie ziet tussen Rusland en het Westen, mocht het tot een conflict komen tussen Rusland aan de ene kant en de NAVO en de EU aan de andere. Een kleiner deel (45%) zag Duitsland liever stevig in het westerse kamp.

Maar voor dat laatste heeft Merkel nu gekozen. En als iemand de publieke opinie kan meekrijgen, dan is zij het.

    • Juurd Eijsvoogel