De Jong vindt bij PSV koninkrijk voor spits

Na een mislukt Duits avontuur is spits Luuk de Jong bij PSV uit op eerherstel. Tegen St. Pölten maakte hij zijn eerste doelpunt.

Namens zijn nieuwe club PSV maakte Luuk de Jong gisteren zijn eerste officiële doelpunt in een jaar tijd. Foto ANP

Nog voordat Luuk de Jong gisteravond zijn debuut bekroonde met een winnende treffer, wezen de statistieken al in zijn voordeel. PSV en aanvallers, dat is een gelukkige combinatie, concludeerden twee Brabantse economen vorig jaar. Alhoewel het gevoelsmatig kan tegenvallen, scoorden bijna alle spitsen meer dan op basis van hun aankoopbedrag werd verwacht. Van een miljoenenster als Mateja Kezman tot Gilles de Bilde en Jefferson Farfán. Alsof scouts van PSV net zo oplettend zijn als hun spitsen voor het doel.

In dat licht bezien zou De Jong een fraaie toekomst tegemoet kunnen gaan in Eindhoven. Gisteren zette hij daartoe een voorzichtige eerste stap, door in de derde voorronde van de Europa League meteen te scoren. In duel met de Oostenrijkse tweedeklasser Sankt Pölten, dat als verliezend bekerfinalist mag deelnemen aan de voorronde, maakte hij na bijna een uur spelen het enige doelpunt van de wedstrijd. Hierdoor is PSV een stap dichter bij de play-offs, de laatste voorronde voor de groepsfase.

Voor De Jong was het een opluchting. Spits of niet: het was zijn eerste officiële doelpunt in een jaar tijd. Zijn inmiddels één na laatste treffer dateerde van het jeugd-EK in Israël, in de zomer van 2013. Een pijnlijke statistiek die hem „natuurlijk bezig hield”, zo bekende hij gisteren.

Terug naar de zomer van 2012. Naar de dagen dat de toen nog 21-jarige De Jong bij FC Twente speelt en het Duitse Borussia Mönchengladbach hem per se wil overnemen. Gladbach-directeur Max Eberl gelooft er heilig in dat De Jong de plek kan innemen van de vertrokken sterspeler Marco Reus, die in dezelfde zomer werd gekocht door Borussia Dortmund. „Een zeer getalenteerde speler die zelfs al in het nationale team heeft gespeeld.”

De Duitse club betaalt vijftien miljoen euro voor De Jong. Een recordbedrag, voor beide partijen. FC Twente incasseerde nooit eerder zoveel miljoenen, terwijl Gladbach tot dan toe nooit meer dan tien miljoen euro had besteed aan één transfer.

‘Vliegende Hollander wordt de nieuwe Marco Reus’, kopte een Duits dagblad daags na de deal. Directeur Eberl bij de presentatie van De Jong: „We voeren de druk niet meteen op, maar het moge duidelijk zijn dat we met Reus veel doelpunten zijn kwijtgeraakt.” Omslachtige woorden voor een heldere boodschap: wij willen doelpunten zien.

Twee jaar later concludeerde diezelfde Eberl dat de druk mogelijk te hoog was voor zijn voormalige topaankoop. „Luuk was misschien te gefixeerd op zijn transfersom”, zei de directeur tegenover Bild.

Zelf erkent De Jong ook dat het geen avontuur was zoals hij zich had voorgesteld. Ga maar na: hij zag Gladbach als een springplank naar een nog grotere club. In plaats daarvan speelt hij volgende week weer tegen Willem II. Twee verloren jaren? „Zo zie ik dat niet. Zowel als voetballer en als mens ben ik veel wijzer geworden. Ik heb ervaring opgedaan in grote competities, ben veel sterker geworden.”

Het broekie dat door FC Twente voor 900.000 euro werd overgenomen van De Graafschap is naar eigen zeggen „een kerel geworden”. Zie alleen al zijn postuur. Duels met ijzersterke verdedigers in de Bundesliga en de Premier League, waar hij als huurling speelde namens Newcastle United, hebben hem doen beseffen dat spierkracht een bijna net zo belangrijke eigenschap is als talent.

Voor dit kopsterke en balvaste aanspeelpunt heeft PSV 5.5 miljoen euro betaald. Dat lijkt bepaald geen slechte deal voor een 23-jarige schutter met ervaring in buitenlandse topcompetities. Liever dat, dan gevestigde namen op leeftijd, zo luidt het nieuwe devies bij PSV. Voorheen gaf de club vaak geld uit aan oudere spelers (Danny Koevermans, Orlando Engelaar), maar zij verlieten de club zonder restwaarde. Opgebrand, tegen veelal hoge bedragen. Door juist jonge spelers aan te trekken, hoopt de club in een later stadium de investering terug te verdienen.

De Jong lijkt bijvoorbeeld nog lang niet de top van zijn kunnen te hebben bereikt. „Ik ben ook pas 23”, zegt hij. Is hij niet te vroeg naar het buitenland vertrokken, net als voormalige talenten als Royston Drenthe, Hedwiges Maduro en Ryan Babel, die allen als begin twintiger zijn uitgevlogen? Meer eredivisie-ervaring had zeker geen kwaad gekund, maar voor een gespekte bankrekening valt veel te zeggen. Anders zou De Jong deze avond niet in een matzwarte Porsche naar huis zijn gereden. „Bij Gladbach verdiende ik een veelvoud van wat ik bij Twente kreeg”, liet hij eerder weten.

Terug naar het heden. Naar het nieuwe hoofdstuk in zijn nog prille carrière. Hij wil doelpunten maken, assists geven, belangrijk zijn. Mogelijk dat hij dan weer aan het Nederlands elftal mag denken. „In Nederland is Oranje toch dichterbij”, aldus De Jong. Inderdaad, dichterbij dan vanaf een reservebank in het buitenland.

Maar voegt hij eraan toe: „Ik ben nu een stuk voorzichtiger als het gaat om verwachtingen. Ik moet eerst maar eens gaan voetballen. Keihard werken, net als de rest.”

    • Fabian van der Poll