‘Niemand gunt Hamas de zege’

Volgens Israëlische vredesactivist is Egypte uiteindelijk de enige juiste bemiddelaar

Foto AP

Hamas moet worden verslagen. Daarover is Gershon Baskin heel duidelijk. De bekende Israëlische vredesactivist is bepaald geen aanhanger van de fundamentalistische Palestijnse beweging die de Gazastrook bestuurt. Maar hij gelooft niet dat Israël Hamas op militaire wijze kan verslaan. Baskin pleit vurig voor een politieke oplossing, die veel verder gaat dan een simpele wapenstilstand.

Baskin kent het speelveld als geen ander. Ruim vijf jaar lang onderhandelde hij met Hamas over de vrijlating van de ontvoerde Israëlische militair Gilad Shalit. Eind 2011 liet Hamas Shalit gaan, in ruil voor de vrijlating van ruim duizend Palestijnen uit Israëlische gevangenissen. Achter de schermen speelde Baskin een hoofdrol, door eindeloos met Hamas te mailen.

Na de gevangenenruil probeerde de activist een duurzaam staakt-het-vuren tussen Israël en Hamas tot stand te brengen. Op 14 november 2012, de dag dat Baskins voorstel aan de leider van Hamas’ gewapende vleugel werd voorgelegd – met medeweten van Israël, executeerde Israël de Hamasleider. Zo begon de vorige oorlog in Gaza, die acht dagen later eindigde in een staakt-het-vuren dat amper twintig maanden duurde. Premier Netanyahu liet de pragmatische Hamasleider vermoorden om een langdurige wapenstilstand te voorkomen, concludeerde Baskin publiekelijk.

Ook nu, gedurende de huidige oorlog in Gaza, bemoeit Baskin zich met de gebeurtenissen, zij het zijdelings, tijdens zijn vakantie. Vanaf het strand vertelt hij telefonisch hoe hij dezer dagen Hamas probeert te bereiken, maar faalt. „Ze zijn ondergedoken.” En hoe hij verzoeken uit Gaza, bijvoorbeeld om bescherming van een kerk waar kreupele kinderen wonen, doorspeelt aan het Israëlische leger.

Waarom komen de partijen nu zo moeilijk tot een staakt-het-vuren?

„Je kunt alleen een wapenstilstand sluiten als beid e partijen willen stoppen met vechten. Tot nu toe hebben Israël en Hamas hun strategische militaire doelen nog niet bereikt, dus ze willen nog niet stoppen. Het andere grote probleem is dat niemand direct met Hamas wil onderhandelen, omdat niemand Hamas aan een overwinning wil helpen. Iedereen wil dat Hamas verzwakt uit deze oorlog komt. In Israël is het duidelijk dat onze operatie de Gazaanse bevolking zeer hard treft en dat we Hamas’ militaire infrastructuur serieuze schade berokkenen. Maar we weten ook dat Hamas’ populariteit significant is vergroot. Bovendien zijn geen van zijn militaire of politieke leiders geraakt. De vraag is nu: hoe bereik je een wapenstilstand die Hamas verzwakt en gematigde Palestijnen versterkt?”

De bemiddelaars staan te trappelen. Egypte en Turkije en Qatar verdringen elkaar.

„Egypte blijft de enige serieuze bemiddelaar. Maar het regime in Egypte haat Hamas en praat niet met Hamas, dus Hamas weigert met Egyptische plannen in te stemmen. De Amerikanen hebben Hamas’ vrienden Qatar en Turkije erbij betrokken, omdat ze dachten dat zij druk konden uitoefenen op Hamas. Maar Qatar en Turkije hadden daar andere ideeën over, net als Hamas. Egypte is uiteindelijk de enige juiste bemiddelaar, want Hamas moet niet een van de twee ondertekenaars zijn van een wapenstilstand, het moet in een akkoord gedwongen worden door de Arabische wereld.

„De vraag blijft of je deze geweldsronde wilt beëindigen als pauze voor de volgende, of als begin van serieuze onderhandelingen over een duurzame oplossing. Het antwoord is vooral aan Israël, en die wil dat laatste niet.”

Israël wil demilitarisering van de Gazastrook. Hamas eist versoepeling van de blokkade van Gaza. Zijn dat geen redelijke eisen, ook met het oog op de lange termijn?

„Zeker. Natuurlijk moet de blokkade worden opgeheven, dat had al lang geleden moeten gebeuren. Mensen in Gaza kunnen zo niet leven. En Israël kan niet leven met zo’n militaire dreiging aan zijn grenzen. De bedreigt niet alleen Israël maar de hele Palestijnse zaak. Deze eisen moeten echter worden gezien in de context van de Israëlische bezetting en de noodzaak om tot een Palestijnse staat te komen. Daarom moeten deze eisen worden behandeld in het raamwerk van een vredesproces, niet in onderhandelingen over een staakt-het-vuren. Als je dat doet, beloon je geweld.”

Israël en de Palestijnen hebben net negen maanden ‘vredesproces’ onder leiding van de Amerikanen achter de rug. Dat mislukte.

„Het Amerikaanse initiatief was een schertsvertoning. De Israëlische premier en de Palestijnse president hebben niet eens met elkaar gepraat!

„Mijn voorstel is dat Israël met de Palestijnen onderhandelt op basis van het Arabische Vredesinitiatief [uit 2002] en de Arabische Liga vraagt om een multinationale Arabische troepenmacht om Gaza te stabiliseren en te ontwapenen, opdat de blokkade kan worden opgeheven en er verkiezingen kunnen komen. Dan moet Israël een akkoord sluiten over het einde van de bezetting en de stichting van de Palestijnse staat. Het begint dus bij Israël, dat het Arabische initiatief moet omarmen. Het vertikt dat.”

Heeft de Israëlische premier wel de politieke wil om vrede te sluiten?

„Nee. Mijn analyse is dat hij vorig jaar juni een deal heeft gesloten met de Amerikaanse president Obama. De deal was een ruil: Obama zou Iran leveren, dus ervoor zorgen dat Iran zijn nucleaire programma zou beëindigen, en Netanyahu zou een Palestijnse staat leveren. Voor zover ik weet was dit de voorwaarde voor de negen maanden vredesonderhandelingen. Die begonnen goed, tot de VS in november vorig jaar een deal sloten met Iran waardoor het uranium kon blijven verrijken. Netanyahu vond dat Obama hem had verraden en liet de vredesbesprekingen klappen.

„Hoe dan ook, iedereen weet hoe een vredesakkoord eruit moet zien. Netanyahu heeft nog nooit oprechte interesse in die deal getoond.”