Minder beperkingen voor Van der G.

Aan vrijlating van moordenaar Volkert van der G. stelde justitie veel voorwaarden. Te veel, zegt de rechtbank.

Volkert van der G. hoeft niet langer een enkelband te dragen die elektronisch toezicht mogelijk maakt. Ook heeft de Haagse rechtbank gisteren bepaald dat de moordenaar van politicus Pim Fortuyn weer in de plaatsen Rotterdam, Den Haag, Hilversum, Tilburg en Krimpen aan den IJssel mag komen. De rechter noemde het locatieverbod en de enkelband „disproportionele” maatregelen.

Van der G. had een kort geding aangespannen tegen de staat, dat twee weken geleden diende. Hij was het niet eens met de beperkingen die justitie had verbonden aan zijn vrijlating. Van der G. kwam op 2 mei uit de gevangenis, nadat hij tweederde van zijn straf had uitgezeten.

De rechtbank wijst er in haar uitspraak op dat deskundigen de kans gering achten dat Van der G. – in 2002 tot achttien jaar veroordeeld voor de moord – opnieuw zo’n daad zal plegen. Een locatieverbod zal dit risico niet verder verkleinen, aldus de rechtbank. Ze gelooft evenmin dat de maatregelen veel bijdragen aan beperking van de maatschappelijke onrust die justitie ermee beoogde. Die onrust is tot nu toe gering.

Volgens de rechtbank liggen bij een toename van de maatschappelijke onrust en „de eventueel daaruit volgende toename van het recidiverisico” andere maatregelen „wellicht meer voor de hand”. Het contact met reclassering, psycholoog of psychiater kan bijvoorbeeld worden geïntensiveerd, zegt ze.

Volkert van der G. (45), die sinds acht weken in Apeldoorn woont, vindt de voorwaarden die hij moet naleven sinds zijn vrijlating te verstrekkend, zei zijn advocaat Stijn Franken eerder deze maand op de zitting. Zo kan zijn cliënt niet goed op bezoek bij familie in Zeeland omdat hij niet mag reizen via Rotterdam of Tilburg „en de NS wil de trein niet laten omrijden”. Volgens Franken schaden de beperkingen ook van der G.’s „toekomst als juridisch adviseur”: veel rechterlijke instanties zijn in Den Haag en daar mag hij niet komen. En de enkelband is hinderlijk. Van der G. „kan geen korte broek of zwembroek aan” want dan zie je dat ding. „Dat is stigmatiserend en belemmert resocialisatie”, aldus Franken. De rechtbank geeft hem hierin gelijk.

Tijdens de rechtszitting had de landsadvocaat er namens de staat op gewezen dat Van der G. in maart zelf schriftelijk had ingestemd met de bijzondere voorwaarden. Hij moest dus niet zeuren, aldus de landsadvocaat.

Dat verweer vond geen gehoor bij de rechtbank. Die wees erop dat Van der G. toen in een afhankelijke positie verkeerde; hij zou anders niet worden vrijgelaten. Dat hij instemde „laat onverlet dat deze voorwaarden disproportioneel kunnen zijn geworden”, aldus de rechtbank. Van der G. mocht de rechtmatigheid dus door een onafhankelijke rechter laten toetsen.

Het verbod op contact van Van der G. met media en met familie van Fortuyn en diens chauffeur vindt de rechtbank wel rechtmatig. Zij gaat ervan uit dat die contacten „onnodige maatschappelijke onrust kunnen veroorzaken”, terwijl Van der G. door deze voorwaarden „niet wezenlijk in zijn vrijheid wordt beperkt”.

Advocaat Franken betoogde twee weken geleden dat al die beperkende voorwaarden zijn cliënt in feite een extra straf opleverden, en slechts bedoeld waren om frustraties weg te nemen bij het „luidruchtige smaldeel in de samenleving” dat voor de moord een veel langere celstraf had willen zien.

Ook de rechter vindt dat de vrijlatingsvoorwaarden niet mogen uitwerken als extra straf. Maar daar is in een aantal gevallen geen sprake van, oordeelt ze. Zo dient de verplichting contact te hebben met een psycholoog en met de reclassering juist ter ondersteuning van Van der G. Mede gelet op diens „meerjarige detentie” noemt de rechtbank deze maatregel „redelijk en niet onnodig bezwarend”.

Volgens de rechtbank geldt dat alle voorwaarden kunnen worden bijgesteld als nieuwe omstandigheden dit noodzakelijk maken.

Het Openbaar Ministerie maakte gisteren vrijwel direct na de uitspraak bekend in hoger beroep te gaan. Het is het er niet mee eens dat Van der G. geen enkelband meer hoeft te dragen en dat zijn gebiedsverbod vervalt. Het ziet de locatieverboden juist als risicobeperkende factor.