Een dag van lokale rouw

Sinds ik wist dat SBS de ‘witte herdenkingstocht’ voor de slachtoffers van rampvlucht MH17 had gesponsord, keek ik met speciale belangstelling naar Hart van Nederland, de dagelijkse nieuwsrubriek gepresenteerd door vrouwen die bij het uitspreken van het woord ‘ramp’ meteen een passend gezicht trekken. Na de dag van nationale rouw brachten ze vrijwel dagelijks hetzelfde nieuws: Nederland leeft nog steeds mee.

Uit het enorme reservoir van nabestaanden – iedereen kende tenslotte wel iemand – was er altijd wel een bereid om een cameraploeg te ontvangen. Eergisteren stonden ze in de achtertuin bij een jongen die zijn broer had verloren. Hij had een tatoeage met diens naam op de arm laten zetten en speciale witte armbandjes laten maken, waarvan hij hoopte dat heel Nederland ze ging dragen.

Ik had ook al een oom van een van de slachtoffers in de weer gezien met familiefoto’s waarop gretig werd ingezoomd. En een herdenkingsdienst in het centrum van Roosendaal met emotionele speeches, aangekondigd met de tekst ‘Vandaag is een dag van lokale rouw’ en het aansteken van honderden kaarsjes op een trap in Landgraaf.

Het dieptepunt kwam eergisteren toen ‘een kunstenares’ begeleid door een team van Hart van Nederland een bordkartonnen ‘traan’ naar de bloemenzee bij Schiphol bracht waarop briefjes met de namen van alle slachtoffers waren geprikt. Het was geen bijzonder mooi kunstwerk, dat gaf de kunstenares zelf ook min of meer toe.

„Had ik meer middelen gehad, dan zou ik het wel mooier afgewerkt hebben, maar ja het leven is ook niet helemaal afgewerkt.”

Met een snik in haar stem: „Maar dat leven hebben ze niet meer.”

Daarna raakte ze ontroerd van de aanblik van haar eigen kunstwerk tussen de bloemstukken.

„Nee, ik ken niemand”, zei ze, „maar feitelijk is iedereen toch je buurman?”

De verslaggeefster van Hart van Nederland nam plaats naast het kunstwerk en ging net zo lang door met het stellen van idiote vragen aan belangstellenden – „Heeft u al die briefjes met namen gezien?”, „Wat denkt u als u die namen ziet?” en „Heeft u al die bloemen gezien?” – tot ze beet had.

Een Brabander, je zou hem haast een nabestaande willen noemen, die op zeven kilometer afstand van het omgekomen Brabantse gezin woonde – hij kende ze verder niet - zei wat ze bij Hart van Nederland het liefste horen: dat de ramp wel heel dichtbij kwam en dat de rillingen hem over de rug liepen. Einde item, maar niet einde verhaal. Hartverscheurende verhalen genoeg, laat dat maar aan SBS over.