Liever hard werken dan in een shitband

De rockband uit het Engelse Brighton pompt en beukt, zonder ruimte voor ballads of lange gitaarsolo’s. Ze zijn maar met z’n tweeën, dus op het podium is het hard werken om het stevige geluid te produceren.

De mannen van Royal Blood, drummer Ben Thatcher (links) en zanger/bassist Mike Kerr. Foto Horst Friedrichs

Als we de kenners van de BBC mogen geloven verkeert rockmuziek anno 2014 in een deplorabele staat. Nieuw talent dient zich maar mondjesmaat aan. De enige rockband op de gezaghebbende Sound Of 2014-lijst van de BBC te midden van veertien pop-, dance- en hiphopacts was Royal Blood, een jong duo uit het Engelse Brighton dat wél geschikt werd geacht voor radio en tv. Dat is opmerkelijk, want vergeleken bij grensverleggende rockduo’s als de Black Keys en (wijlen) de White Stripes richt Royal Blood zich in sterke mate op ouderwetse metalriffs en songs in de beproefde trant van Led Zeppelin en Queens of the Stone Age.

De kracht van Royal Blood schuilt niet in de stijl die ze beoefenen, maar in de uitvoering. Zanger Mike Kerr speelt zijn vette riffs en dito powerakkoorden op een klein model basgitaar, versterkt door vier grote speakerkasten en een batterij effectpedalen. Drummer Ben Thatcher slaat hard en trefzeker. Zoals dat in de heavy metal gebruikelijk is, vormt zijn spel een wezenlijk onderdeel van het muzikale spectrum. Royal Blood pompt en beukt, zonder ruimte voor ballads of lange gitaarsolo’s.

We treffen Mike Kerr aan de telefoon vanuit de Verenigde Staten, waar Royal Blood voorafgaand aan Lowlands een uitgebreide tournee maakt. In zekere zin volgt de band het spoor van Led Zeppelin, die in 1969 ook een lange Amerikaanse tour maakte voordat het debuutalbum verscheen. De ironie van het feit dat hij als muzikant uit het Engelse Brighton nu in Brighton, Massachusetts verblijft, ontgaat hem. „Alle steden en hotelkamers hier beginnen op elkaar te lijken. Maar dit is natuurlijk wel waar je als jonge muzikant van droomt: de kans om het in het mekka van de rock-’n-roll te gaan maken. We spelen in zaaltjes met twintig tot een paar honderd man en overal treffen we enthousiasme. Niet gek voor een band die nog maar één EP uit heeft.”

Debuutalbum Royal Blood verschijnt op 25 augustus, te laat om het Lowlandspubliek voor te bereiden op de compacte songs met metalwaardige titels als ‘Blood hands’ en ‘Ten tonne skeleton’. Vooral die laatste is een toonbeeld van directheid, met de bloeddorstige woorden ‘Cut loose like an animal / fired up like a cannibal / love has been here and gone.’ De singles ‘Out of the black’ en ‘Little monster’ gingen vooraf aan het album en onderscheiden zich door hun funky ritmes, alsof Jimi Hendrix’ ‘Purple haze’ tot inspiratie heeft gediend. „Hendrix is een held van mij” , zegt Kerr. „We zijn geen metalheads in de meest strikte zin, want we luisteren ook naar andere muziek. Als ik een song schrijf is de gitaarriff meestal het uitgangspunt. Maar daarom zijn we nog geen rock-’n-roll revivalband. Er zit een nieuw soort energie in onze muziek.”

Real heavy en toch radiowaardig

Ze voelen zich verwant met Arctic Monkeys, bij wie ze geregeld in het voorprogramma speelden. Royal Bloods unieke positie als enige rockband in de BBC-lijst is geen wapenfeit dat Kerr met grote trots vervult. „De laatste jaren zijn er genoeg goede nieuwe rockbands bij gekomen. Ze worden alleen niet op de radio gedraaid. Eerlijk gezegd hadden wij niet verwacht dat we ons ooit aan de underground zouden ontworstelen. Onze muziek is real heavy en hoe vaak hoor je nog een rocksong op de radio met een gitaarriff die minuten lang door blijft pompen? Nu onze muziek radiowaardig is gebleken, banen we misschien wel het pad voor een nieuw rocktijdperk. Bij de BBC doen ze er goed aan om het jonge bandje Tigercub uit Brighton in de gaten te houden. Die spelen een nieuw soort grunge, alsof Nirvana met Queens Of The Stone Age is gefuseerd. Zij zijn de coolste band van Engeland op dit moment.”

De opname van het album in de Rockfield Studio in Wales vervulde Kerr met ontzag voor de Britse rockhistorie. „Queen heeft er opgenomen, en Oasis. Ik heb er geen moeite mee als onze muziek vergeleken wordt met classic rock uit het verleden. Omdat we maar met z’n tweeën zijn hebben we hoe dan ook een andere dynamiek dan een vier- of vijfmansband. Die moeten veel meer rekening houden met elkaar. Op het podium is het hard werken om ons stevige geluid te produceren. Ik werk liever hard aan goede muziek dan dat ik het makkelijk heb in een shitband.”