Nabestaanden beslissen over de lichamen

200 experts trachten in Hilversum te achterhalen wie welk slachtoffer is.

Minister Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) heeft ze allemaal mogen ontmoeten: de mensen die betrokken zijn bij het onderzoek naar de lichamen in Hilversum en Oekraïne. En hij is zichtbaar geraakt als hij vertelt over het werk dat zij doen. „Wat zijn we een ongelooflijk goed land”, zei hij gisteren in de Tweede Kamer.

In Hilversum wordt hard gewerkt aan de identificatie van de lichamen, maar het is onduidelijk hoe het onderzoek verloopt. „We kunnen niet zeggen hoeveel lichamen er inmiddels geïdentificeerd zijn”, zegt een woordvoerder van het Landelijk Team Forensische Opsporing (LTFO).

Er werken 120 Nederlandse en 80 buitenlandse experts aan de identificatie van de slachtoffers van de ramp met de MH17. Arie de Bruijn, hoofd van het LTFO, zei eerder dat het identificatieproces weken tot maanden in beslag kan nemen.

De onderzoekers werken volgens vaste richtlijnen, vastgesteld door Interpol. Het protocol hanteert drie primaire methoden: identificatie op basis van het gebit, vingerafdrukken of DNA-materiaal. Bij sommige lichamen zal het gebit voldoende uitsluitsel geven. Bij andere is nader DNA-onderzoek nodig.

De nationaliteit van de slachtoffers speelt geen rol. De Bruijn: „We kunnen pas na de identificatie vaststellen welke nationaliteit het slachtoffer had.” Wanneer het om een buitenlands slachtoffer gaat, wordt dat gemeld aan het desbetreffende land.

Zodra er een match is, brengt een familierechercheur de nabestaanden op de hoogte. Deze neemt een foto mee van de huidige staat van het lichaam. Nabestaanden mogen de foto zien, of de rechercheur beschrijft wat er te zien is. Het lichaam wordt dan vrijgegeven. „Het heeft geen zin het hier te houden”, zegt de woordvoerder van LFTO.

Als nabestaanden dat willen, kunnen ze het lichaam zien. Het LFTO heeft specialisten op het gebied van postmortale zorg. Die doen er alles aan dat mogelijk te maken, meldt het LTFO. Postmortale zorg is de laatste verzorging van het lichaam van een overledene. Het richt zich onder andere op het opmaken van de overledene, maar ook op eventuele restauratie of reconstructie: proberen het lichaam terug te brengen naar de oorspronkelijke vorm.

Indien het lichaam van een geïdentificeerd slachtoffer niet heel is, beslissen de nabestaanden wat er verder gebeurt. „Zij horen altijd wat er zich in de kist bevindt”, zegt de woordvoerder. „Als ze willen wachten, kan dat.” Dat geldt ook voor families bij wie meerdere slachtoffers zijn gevallen. Mogelijk willen zij wachten tot al hun dierbaren geïdentificeerd zijn.

Het is moeilijk te zeggen hoeveel van de slachtoffers nu in Hilversum zijn, zei korpschef van de Nationale Politie Gerard Bouman maandag. „Wat we hebben aangetroffen in de lijkzakken – en dan probeer ik het echt met alle respect te zeggen – zijn stukken en brokken. Alles bij elkaar, groot, klein, zit in die zakken.” Hij acht de kans niet groot dat alle stoffelijke resten terugkomen.

In Oekraïne is een team van Nederlandse en Australische experts aanwezig om de ramplek verder te onderzoeken. Tot op heden is dit niet mogelijk geweest vanwege gevechten en bombardementen in het gebied.