Na MH17: het wordt moeilijker dan we nu al denken

Europa en Amerika zullen het eens moeten worden over een gezamenlijke stevige strategie, schrijft Hans Wiegel.

Onze regering heeft op indrukwekkende wijze ons volk gesteund in de ontzetting en het verdriet over de aanslag op al die onschuldige slachtoffers van vlucht MH17.

Dat geldt de koning en koningin in hun medeleven in woord en uitstraling. Dat geldt ook de minister-president en de minister van Buitenlandse Zaken. Minister Timmermans in zijn ontroerende redevoering voor de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. De minister-president in zijn heldere aanpak van datgene waar regering en parlement nu voor staan.

Vasthoudend aan de lijn dat eerst de lichamen van de overledenen moesten worden geborgen. We moeten hen naar huis brengen, las ik ergens. Zo is het ook gegaan. En de wijze waarop wij hen terugbrachten bij hun families, hun geliefden, was evenzo indrukwekkend. Stijlvol, door de eenvoud van de plechtigheden in Eindhoven. Ontroerend ook de reis naar Hilversum, met alle stille meelevenden langs de route. Hulde aan al diegenen die dat hebben bewerkstelligd. Dank ook aan de media, aan hen die de beelden hebben verzorgd. Respectvol ook dat de nabestaanden buiten beeld werden gehouden.

Hoe nu verder? De mensen, die nu moeten proberen de lichamen te identificeren, zijn direct aan het werk gegaan. Hun aanvoerder sprak daar in alle rust over, maar het is een zware en emotievolle taak. En hoe verder politiek gezien? Een ongewis en risicovol traject. Vrijdag stuurde de regering veertig marechaussees. Hun opdracht: de doden, die nog niet gevonden zijn, terugbrengen. Ze zijn ongewapend, zullen zoveel mogelijk burgerkleding dragen. Maandag moesten zij, op weg naar de plek van de ramp, rechtsomkeert maken. Als dit nog een paar dagen zo verder gaat, wordt dit deel van de missie bijna onmogelijk.

Moskou voert de wapenleveranties aan de separatisten op, zei het Pentagon eind vorige week. Ook vermoeden de Amerikanen dat luchtafweersystemen door Rusland gaan worden ingebracht. En de troepen van het Oekraïense leger liggen steeds meer onder vuur van de artilleriebeschietingen vanuit Rusland, wordt gemeld.

Als het eerste deel van de missie toch nog slaagt, dan wacht een nog onzekerder fase. Dan komt aan de orde de vorming van een internationaal team dat de toedracht van de terroristische aanslag, de inzet van het gebruikte wapentuig, de verantwoordelijken voor het gebruik daarvan, moet onderzoeken. Het recht moet zijn loop krijgen, zei de MP. Dat vinden wij natuurlijk allemaal.

Zullen de betrokkenen meewerken? Positief nieuws is dat – zo deelde de Nationale Onderzoeksraad mede – al veel informatie is vergaard. President Poetin trekt zich voorlopig niets aan van de dreiging door het Westen met sancties en boycots. Dat kan hij ook vanwege de verdeeldheid die in Europa voelbaar is en omdat de sancties tot nu toe beperkt zijn geweest.

Europa en Amerika moeten het eens worden over een gezamenlijke stevige strategie. Mij viel op dat we van het westelijk bondgenootschap, de NAVO, niets horen. Omdat men de situatie niet wil doen escaleren? Of door interne verdeeldheid? Het wordt misschien nog veel moeilijker dan we tot nu toe dachten.