Bij Maserati mag alleen de topman in een Maserati rijden

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk? Vandaag vanuit het buitenland.

Wat: Rondleiding in de ‘Giovanni Agnelli Plant’, aka ‘The Maserati Factory’ in Turijn

Wie: Directeur Timo Gebko, Human Resource Manager Luca Mezzadri, Autodealer Francezco Troito en Fransesca Romana van de communicatie

De Giovanni Agnelli Plant heeft iets weg van de fabriek van Willy Wonka. Blauwe pijpleidingen, enorme robotarmen, gesis en gestamp, rode knoppen, drukmetertjes, af en toe een gouden las-regen. Alleen komen er geen chocoladerepen, maar fonkelende Maserati’s van de lopende band af.

De derde wagen

Per jaar worden in de Giovanni Agnelli Plant - een fabriek van 200.000 vierkante meter in Turijn - 50.000 Maserati’s gemaakt. Een groot deel, 37 procent, wordt verscheept naar de Verenigde Staten. Daar is de auto volgens autodealer Francezco Troito vooral populair onder zakenmannen die willen laten zien dat ze succesvol zijn. “De Maserati wordt ook wel ‘de derde wagen’ genoemd – omdat hij gekocht wordt door mensen die al twee auto’s hebben”, grijnst Troito.

Dat geldt ook voor Nederland, waar Jan des Bouvrie, Bram Moszkowicz, Jort Kelder en natuurlijk de ex-topman van Rochdale Hubert Möllenkamp in de de spitsneuzige auto’s werden gesignaleerd.  Alleen in China wordt de auto vooral aan huisvrouwen verkocht - “die hem als boodschappenwagentje gebruiken.”

En in Italië zelf? Luca Mazzadri, de Human Resource manager moet hard lachen. “Nee joh, dat kan niemand hier betalen.” Want de auto’s zijn niet goedkoop. Prijzen beginnen bij 70.000 euro en lopen op tot zeker het dubbele, afhankelijk van wat je wil.

De directeur van de fabriek, Timo Gebko, zou zich best een Maserati kunnen veroorloven. Maar het is hem verboden er in een te rijden.
“Er is veel gedoe geweest over de lonen van de arbeiders in de fabriek”, verklaart hij. En Fiat Group Automobiles, waaronder Maserati valt, heeft de laatste jaren te kampen gehad met loonstakingen. Dus de managers en directeuren moeten zich een beetje gedeisd houden. “In een Maserati rijden is dan geen goed idee, volgens het bestuur.” Gebko zucht dramatisch. “Behalve de CEO, Harald Wester, die mag het natuurlijk wel.”

Noodgeval

Terug naar de fabriek. Fransesca Romana van de communicatie vist een schroefje uit een bak. “Kijk! Molto speciale.” Dan valt haar blik op een bord dat duidelijk zichtbaar in de fabriekshal hangt. Er staan twee getallen op: het aantal auto’s dat die dag geproduceerd moet worden en het aantal dat tot nu toe daadwerkelijk geproduceerd is. Is het laatste getal groen, dan loopt alles op schema. Maar nu hangt er een rode 18 boven de hoofden van de werknemers. Romana roept iets naar de mannen in overals die de schroeven in de onderkant van de carrosserie staan te draaien. “Presto! Presto!”

Een van de mannen stopt geïrriteerd en veegt het zweet van zijn voorhoofd. Zijn ogen zijn gefocust op een grote rode knop.‘Only press in case of emercengy’.