Zomerlezen #4: vijf thrillers voor de vakantie

Foto ANP

Wat moeten we lezen in de zomer? NRC-redacteur en recensent Arjen Ribbens kiest vijf goedkope en ‘midprice’ thrillers voor de vakantie.

Onzichtbaar: Deon Meyer

In Onzichtbaar schijnt de zon en is het vakantieweer. Lemmer, een lijfwacht met een crimineel verleden, moet een rijke, blanke Zuid-Afrikaanse vrouw beschermen.

De vrouw is ervan overtuigd dat zij haar twintig jaar eerder verdwenen broer op het journaal heeft gezien, als verdachte van de moord op een medicijnman en vier stropers. Zodra ze bij de politie vragen over hem stelt, wordt de vrouw bedreigd, aangevallen en bijna vermoord. Lemmer opent vervolgens de jacht op haar aanvallers.

Het heeft lang geduurd, maar na negen thrillers is de Zuid-Afrikaanse oud-journalist Deon Meyer (1958) uitgegroeid tot een internationale bestsellerschrijver. En terecht! Zijn dialogen kunnen net zo knisperen als die van Elmore Leonard. De snelle actie in zijn verhalen en zijn plots kunnen zo spannend zijn als bij Lee Child en Stieg Larsson. En Meyer schrijft bijna zo goed als Indridason en zelfs beter, want minder wijdlopig, dan Mankell. Warm aanbevolen, net als twee andere tientjes-edities van Meyer, 7 dagen en 13 uur.

De Helden van New York: R.J. Ellory

De misdaadromans van R.J. Ellory (1965) verdienen het predicaat ‘literaire thriller’. In de negen romans van deze Britse auteur, die al zijn boeken in de Verenigde Staten situeert, is de plot altijd ondergeschikt aan het uitwerken van de karakters. Zelfs figuranten probeert Ellory een gezicht te geven.

In De helden van New York jaagt rechercheur Frank Parrish op een seriemoordenaar die het op pubermeisjes heeft gemunt. Tegelijkertijd worstelt de politieman met demonen uit het verleden. Zijn vader, ook een inspecteur, geldt als een van de ‘helden van New York’, de legendarische maffiabestrijders. Maar was zijn vader wel zo’n held als iedereen veronderstelt? In hem opgelegde gesprekken met een politietherapeut probeert Parrish de spoken in zijn hoofd te verjagen.

Ellory schrijft geen gezellige whodunnits. Zijn verhalen hebben veel gemeen met nachtmerries; ze zijn bloedstollend en huiveringwekkend. En dat geldt ook voor De helden van New York. Geen boek, kortom, dat je even weglegt – ook niet als een zonovergoten zee lonkt.

Achtervolging: Lee Child

Achtervolging speelt in het winterse Nebraska; het sneeuwt en het vriest voortdurend.

En wie schrijft intelligentere en gevoelvollere testosteron-romans dan de Brits thrillerschrijver Lee Child (1954)? Zijn vaste hoofdpersoon Jack Reacher is een eenzame cowboy die met een tandenborstel als enige bagage door de Verenigde Staten trekt. Steeds weer raakt de boomlange oud-majoor verzeild in uitzichtloze situaties waaruit hij zich op wonderbaarlijke wijze weet te redden. Twee jaar geleden werd One shot verfilmd met de kleine Tom Cruise als Reacher – een hilarische miscasting.

In Achtervolging, het zestiende Jack Reacher-avontuur, probeert de romantische held richting Virginia te liften. Maar wie stopt er voor een sjofel geklede reus met een gebroken neus? Na anderhalf uur krijgt Reacher een lift aangeboden van twee mannen en een vrouw in een donkere Chevrolet. Reacher is nog niet ingestapt of hij beseft dat hij in de verkeerde auto heeft plaatsgenomen: de inzittenden hebben de FBI en de CIA achter zich aan. Een waarschuwing voor degenen die nog nooit een boek van Lee Child hebben gelezen: de avonturen van Jack Reacher zijn ernstig verslavend. Na Achtervolging wachten nog zeventien afleveringen. Zelfs romanschrijfster Hella Haasse ontspande zich met Childs bloeddorstige belevenissen.

De erfgenaam: Charles den Tex

Een van de beste Nederlandse thrillers van de laatste jaren is De erfgenaam van Charles den Tex, zijn veertiende spannende boek.

Erfgenaam in kwestie is de 40-jarige Breder Weltmann. Zijn voorvaderen waren gehaaide steenkoolbaronnen, die met hun mijnen en grondspeculatie Zuid-Limburg in een ijzeren greep hielden. Weltmann lijkt geen product van zijn opvoeding. Hij vult zijn dagen met het onderhouden van zijn landgoed, het bijhouden van zijn aandelenportefeuille en bezoekjes aan zijn vriendin. Aan dat bedaarde renteniersbestaan komt met een aanslag op zijn landgoed een abrupt einde. Een onbekende persoon heeft nog een rekening met de familie Weltmann te vereffenen.

Den Tex is een stilist die niet onderdoet voor vele buitenlandse bestsellerauteurs. Zijn boeken staan garant voor verrukkelijke light reading, ze combineren humor met vaart, ze zijn spannend en ze hebben een plot die stevig in elkaar zit.

De een van de ander: Philip Kerr

En dan nog een klassieker in een goedkope pocketeditie: De een van de ander van Philip Kerr (1956), de Britse schrijver van de briljante, inmiddels negen delen tellende thrillerreeks rond privédetective Bernie Gunther, ex-SS’er.

Speelden de eerste drie delen in het Berlijn van nazi-Duitsland, in het uit 2006 daterende De een van de ander is de bakermat van het nazisme het decor: München. In Dachau runt Gunther een hotel. Bij gebrek aan klandizie besluit hij zijn oude stiel weer op te pakken. Een vrouwelijke klant wil bevestigd zien dat haar verdwenen echtgenoot, een oorlogsmisdadiger, dood is. Een eenvoudige klus, veronderstelt de detective. Maar in naoorlogs Duitsland blijkt niets eenvoudig.

In deze krant betoogde recensent Robert Gooijer destijds dat Kerrs grootste prestatie is het tekenen van de absurde morele omgeving waarin Gunther opereert. ‘Kerr en Gunther zijn strikt anti-nazi, maar ze weten dat het verschil tussen nazi en niet-nazi vaag is, dat de oorlog ook de overwinnaars en slachtoffers corrumpeerde en dat het soms niet mogelijk is de een van de ander te onderscheiden. Kerrs boek, deels op feiten gebaseerd, legt een morele afgrond bloot die de haren te berge doen rijzen.’

En zo is het – om te janken zo mooi.