Wachten, wachten, wachten

Door aanhoudende gevechten langs de route naar de rampplek kunnen onderzoekers het gebied niet uitkammen. De Tweede Kamer wilde gisteren van experts weten hoe dit kan aflopen.

scenario 1: niet het gebied in

Wederom is het Nederlandse en Australische onderzoekers vanmorgen niet gelukt vanuit hun standplaats Donetsk af te reizen naar de plek waar vlucht MH17 van Malaysia Airlines twaalf dagen geleden neerstortte. Er werd te veel gevochten op en langs de route naar de rampplek.

De laatste twee dagen lukte het ook al niet. „We zijn het spuugzat steeds onderbroken te worden door vuurgevechten, ondanks dat er een wapenstilstand is afgesproken. Wij moeten ons werk kunnen doen’’, zei gisteren een boze Alexander Hug, plaatsvervangend hoofd van de OVSE-waarnemingsmissie in Oost Oekraïne.

Opnieuw diende het groeiend aantal onderzoekers uit Nederland, Australië en Maleisië zich machteloos neer te leggen bij de situatie. Dat het in theorie anders kan, schetste de hoogste Nederlandse militair, commandant der strijdkrachten Tom Middendorp, gisteren tijdens een briefing voor leden van de Tweede Kamer. Door zware militaire inzet zou de ‘crashsite’ van 35 vierkante kilometer kunnen worden „afgegrendeld”. Dan kunnen de onderzoekers aan de slag met het speuren naar stoffelijke overschotten en persoonlijke bezittingen van de in totaal 298 slachtoffers.

De mogelijkheid is vorige week door Nederland en Australië serieus onderzocht. Eenheden zijn volgens Middendorp „geconsigneerd” en ook werden vakantieverloven ingetrokken. Maar uiteindelijk is toch de conclusie getrokken dat groot militair ingrijpen niet wenselijk is. De escalerende werking zou te groot zijn en daarmee kon Nederland wel eens partij worden in een conflict. Een conflict bovendien dat zich enkele kilometers van de Russische grens afspeelt.

Daardoor zou het doel van de operatie juist belemmerd worden. Zoals premier Rutte zondag zei: „Inzetten op het veiligstellen van de rampplek via een militaire operatie sluit misschien wel aan bij het gevoel dat veel mensen, waaronder ikzelf hebben, maar het draagt simpelweg niet bij aan het realiseren van onze allerhoogste prioriteit: het zo snel mogelijk repatriëren van de slachtoffers.’’

Dus staat de onbewapende hulpverleners, bestaande uit forensische onderzoekers en leden van de Koninklijke Marechaussee, weinig anders te doen dan wachten op het moment dat ze het gebied in kunnen. Ondertussen worden mensen en materieel ingevlogen om de zoektocht zo goed mogelijk te kunnen uitvoeren.

scenario 2: wel het gebied in

Alle belemmeringen zijn opgeheven en de onderzoekers kunnen aan het werk. Zij zullen dan systematisch de rampplek uitkammen, resterende stoffelijke overschotten verzamelen en ook persoonlijke bezittingen bijeenrapen om af te voeren naar een andere plek.

Eenvoudig is het niet. Het zijn niet „zomaar een paar weilanden” die moeten worden onderzocht, zei generaal Middendorp gisteren tegen de leden van de Tweede Kamer. Het is een gebied waar rivieren doorheen lopen, meren zijn, bossen liggen en mensen wonen.

Als de experts stoffelijke resten vinden, zullen die direct worden afgevoerd. In de buurt van de stad Torez staat hiervoor een koelwagon klaar. Mocht deze door omstandigheden niet bereikbaar zijn, dan wordt volgens het hoofd van de repatriëringsmissie Pieter Jaap Aalbersberg, gezorgd voor alternatief vervoer. „We laten geen stoffelijke overschotten achter”, zei hij gisteren op een persbriefing in de Oekraïense hoofdstad Kiev.

De kans dat alle stoffelijke resten en bezittingen worden teruggevonden is overigens niet groot, zei het hoofd van de Nationale Politie Gerard Bouman gisteren in de hoorzitting van de Tweede Kamer. „Er is zo veel op die site gebeurd dat het zeer de vraag is wat wij gaan vinden.”

De planning is erop gericht de zoektocht in drie weken afgerond te hebben, gerekend vanaf afgelopen zondag. De overweging bij het stellen van deze termijn was dat de bereidheid van de bevolking ter plaatse om mee te werken afneemt naarmate de tijd verstrijkt. Maar generaal Middendorp liet gisteren doorschemeren dat wanneer er meer tijd nodig is, dit ook kan. „Er is gezegd in principe drie weken”. Onduidelijk is nog of de marechaussees al dan niet licht bewapend het gebied in zullen trekken. Als daarover afspraken kunnen worden gemaakt met de regering van Oekraïne en met separatisten zullen zij een pistool ter zelfbescherming mogen dragen. Dat is dan vooral om zich te beschermen tegen de eveneens in het gebied aanwezige criminelen.

scenario 3: de situatie escaleert

Als de onderzoekers eenmaal aan de slag zijn, kan het ook nog mis gaan. De rampplek ligt nu eenmaal midden in een oorlogsgebied. Generaal Middendorp had het gisteren tegenover de Tweede Kamer over „eventualiteiten”.

Hij wilde daar in het openbaar niet al te veel over uitweiden, maar er is binnen Defensie over nagedacht. „Daar zijn regelingen voor die we per missie tailored toesnijden”, aldus Middendorp. Dan staan eenheden klaar om reddingsoperaties uit te voeren. In dat geval zal de repatriëringsmissie te hulp worden geschoten door een „extractiemissie”. Die kan ook in actie komen als er sprake is van gijzelingen.

De rampplek bevindt zich nu in een gebied dat in handen is van de pro-Russische separatisten. Maar het Oekraïense regeringsleger is bezig met een opmars in de buurt van rampplek. Er geldt een bestand voor het gebied zelf en een ring van twintig kilometer er omheen. Getuige de gevechten vlak in de buurt is de vraag hoe hard die garantie is. En dan moeten de onderzoekers met militaire middelen worden geëvacueerd. Of er moet onder de vlag van bijvoorbeeld de OVSE een veilige terugtocht tot stand worden gebracht.