Van tomeloze groei naar verliezen en ontslagen

Na jaren van uitbundige groei moeten zorginstellingen nu saneren en stort hun winst in.

Het Leger des Heils heeft niet veel reserves

Ze zijn reusachtig groot, ze zijn onbekend, bedienen zich van telkens wisselende, vaak nietszeggende, namen en ze zorgen voor miljoenen ouderen, jeugdigen, gehandicapten en psychiatrische patiënten in Nederland.

De veertig grootste zorginstellingen in de langdurige zorg – geen ziekenhuizen – behaalden vorig jaar een omzet van ruim 10 miljard euro. Dat is gemiddeld 250 miljoen per instelling, zo blijkt uit hun jaarverslagen. Een paar instellingen, zoals Parnassia Groep (geestelijke gezondheidszorg in Noord- en Zuid-Holland) en het Gronings Lentis (ggz), hebben hun cijfers nog niet gedeponeerd, maar zij zijn uitzonderingen.

Wereldkampioen zorgkosten

De laatste tien jaar zijn in razend tempo enorme concerns ontstaan. De grootste instelling, Espria, nadert de omzetgrens van 1 miljard euro. Fundis uit Gouda, de nummer veertig in omvang, heeft een omzet van 133 miljoen euro. Veel van deze instellingen kampen nu met fusieproblemen, al blijkt de omvang wel voordelig uit te pakken bij onderhandelingen doordat die verkoopmacht oplevert.

Jarenlang groeide de sector uitbundig, soms met wel 10 procent per jaar. Dat werd de politiek te gortig. De instellingen draaien overwegend op premiegeld dat op de salarissen wordt ingehouden. Die AWBZ-premies zijn al jaren niet meer kostendekkend, het Rijk past structureel bij. Nederland is wereldkampioen als het gaat om de kosten van langdurige zorg per hoofd van de bevolking.

Die ongebreidelde expansie is definitief voorbij. Staatssecretaris Van Rijn (Zorg, PvdA) bereidt ingrijpende hervormingen voor. En zorginstellingen committeerden zich eraan minder hard te groeien. De jaarrekeningen over 2013 tonen die kentering voor het eerst. Groeiden de grootste veertig instellingen in 2012 nog 6,4 procent, vorig jaar krompen zij met 0,2 procent, blijkt uit onderzoek door deze krant.

Veel winst werd er nooit gemaakt. Toch verslechterden de rendementen in 2013 nog ingrijpend. De resultaten gingen over een brede linie naar beneden. Veel instellingen lijden verlies of verdienen hooguit 1 euro op iedere 100 euro omzet. Vorig jaar bedroeg de winst in de branche gemiddeld twee kwartjes op iedere 100 euro omzet.

Careyn (thuiszorg, verpleging) leed vorig jaar het meeste verlies. De organisatie (456 miljoen omzet) zegt veel last te hebben van de bezuinigingen in de ouderenzorg. Het concern leed een verlies van 18 miljoen euro. Terwijl de omzet met 3 procent slonk, stegen de personeelskosten ingrijpend.

Het concern erkent dat het kostenniveau te hoog is en gaat ingrijpend saneren. Daartoe trof het een voorziening van 16 miljoen euro, waardoor het verlies zo groot uitvalt.

De inkomsten van Careyn, onder meer uitbater van verpleeghuizen, lopen terug doordat de de overheid de toegangsdrempels naar het verpleeghuis heeft verhoogd. Het concern met naar schatting meer dan 10.000 werknemers is ontstaan uit een lange reeks fusies. Dat heeft het concern complex gemaakt, met veel aparte bv’s waarvan de cijfers gecontroleerd moeten worden. Onder de vernieuwde leiding staan ook diverse (verlieslatende) bedrijfsonderdelen te koop.

In de geestelijke gezondheidszorg kopen zorgverzekeraars voor het eerst rechtstreeks in bij de instellingen. De verzekeraars lopen zelf financieel risico als er te veel wordt uitgegeven. „Die inkoop gebeurt nu veel scherper”, zegt Jacobine Geel, voorzitter van GGZ Nederland.

In die onderhandelingssituatie blijkt omvang een voordeel te zijn. „Grote instellingen kunnen voordeliger deals maken. De kleinere instellingen merken de versobering in onze sector meer”, licht Geel toe.

De grootste zorginstelling van Nederland maakt ook de meeste winst. Espria (18.700 werknemers, 836 miljoen euro omzet) boekte een resultaat van 20 miljoen euro. Dat is 2,4 procent van de omzet. Die winstmarge (winst ten opzichte van de omzet) lijkt niet veel , maar Espria is niettemin een van de meest winstgevende zorgconcerns.

Banken worden nerveus

Dat zoveel instellingen aan het saneren zijn heeft ook te maken met de grote onzekerheden en ingrijpende hervormingen. Gemeentes wachten bijvoorbeeld lang met het afsluiten van contracten, weet Geel. Die krijgen vanaf 2015 een grotere rol in de langdurige zorg. Zulke onzekerheid is nooit goed: investeringen worden uitgesteld. De accountant keurt de jaarrekeningen niet goed vanwege te veel onduidelijkheid over de cijfers. Dat maakt banken nerveus en vergt extra reserveringen.

Overigens blijken er grote verschillen te bestaan tussen de bedragen die aan accountants worden betaald. Careyn is niet alleen koploper met verliescijfers, maar ook met de kosten van de controle van de boeken. Het betaalde 1,2 miljoen voor de controle door PwC. De meeste zorginstellingen zijn 1 à 2 ton kwijt voor de controle van hun jaarrekening.

Er zijn ook instellingen die hun accountant grote adviesopdrachten geven. Zo betaalt de Limburgse zorginstelling Dichterbij (verstandelijk gehandicapten) 219.000 aan KPMG voor controlewerkzaamheden, maar koopt zij daarnaast voor 947.000 advies in bij KPMG.

Uitblinker in de sector is het Rotterdamse Pameijer. Op iedere 100 euro omzet maakte het 8,10 euro winst. Het concern heeft veel vastgoed verkocht en huurt bewust veel om flexibel te zijn, legt een woordvoerder uit. „Wij zijn heel vroeg gaan anticiperen op stelselwijzigingen, al vanaf 2009 hebben wij daar ons strategisch financieel beheer op aangepast.”