Bewondering voor Kiev? Nu zijn we teleurgesteld

„Als ze vechten moet je stoppen”, zegt de minister over het mijden van het rampgebied.

Nederland probeert lichamen te bergen en onderzoek te doen, Oekraïne verkeert in oorlog. Dat is de realiteit waar het Nederlandse onderzoeksteam in Donetsk ook vanochtend weer tegenaan liep. Net zoals de twee vorige dagen blijkt de rampplek van vlucht MH17 onbereikbaar als gevolg van zware gevechten in de buurt.

Op de militaire kaart die de Oekraïense Veiligheids- en Defensieraad (RNBO) elke dag uitbrengt, wezen gisteren twee brede rode pijlen in de richting van Shaktharsk, aan de rand van het rampgebied. Een gearceerde zone tussen Donetsk en de crashzone duidt het gebied aan dat de Oekraïners nu onder controle proberen te krijgen, om rebellenstad Donetsk af te sluiten van Loegansk en de Russische grens.

„Het Oekraïense leger is genaderd tot de rampplek, maar is er niet verwikkeld in gevechten”, stelde RNBO-woordvoerder Andriy Lisenko gisteren. Volgens Lisenko deed president Porosjenko zijn belofte gestand om geen geweld te hanteren in een gebied met 40 kilometer diameter rond de rampplek. „Indien er in deze zone explosies plaatsvinden, komen ze niet van het Oekraïense leger.” Of dat klopt, moet nog blijken.

Een verklaring van de Australische minister van Buitenlandse Zaken Julie Bishop gisteren was tekenend voor de heersende onduidelijkheid. Bishop: „We begrepen gisteren dat er gevochten werd binnen het uitzonderingsgebied. We hebben de verzekering nodig dat de exclusiezone bewaard wordt en dat er een staakt-het-vuren komt, zodat we ons werk kunnen uitvoeren.” Vervolgens maakte Bishop met haar Nederlandse collega Frans Timmermans, gisteren al voor de derde keer in Kiev sinds de ramp met vlucht MH17, weer een rondje langs president Petro Porosjenko en andere Oekraïense bewindslieden.

Na een bijeenkomst met de Oekraïense vicepremier Volodymyr Groysman, verantwoordelijk voor de MH17 task force, sprak Timmermans over „grote teleurstelling bij zowel Australië als Nederland dat het vandaag niet gelukt is voor onze teams om naar de rampplek te gaan”. Een opmerkelijk contrast met vorige week, toen hij „zijn grote bewondering” uitsprak voor de hulp van zijn Oekraïense collega’s bij de bergings- en onderzoeksmissie.

Wel bracht hij begrip op voor het optreden van de Oekraïense regering in „een gigantisch complexe situatie”. Timmermans: „Kun je een Oekraïense regering verwijten dat ze proberen controle over het eigen grondgebied te krijgen? Dat lijkt me moeilijk.” Porosjenko beloofde opnieuw de zone van 40 kilometer rond het rampgebied te waarborgen, zei de Nederlandse minister. En over de gevechten op de weg uit Donetsk die tot nu toe de toegang versperden zei Timmermans: „Als ze vechten, moet je stoppen.”

Voor de forensisch onderzoekers en marechaussees die de stoffelijke resten en bezittingen van de slachtoffers moeten terughalen, is het wachten „frustrerend", zei Pieter Jaap Aalbersberg, hoofd van de repatriëringsmissie, gisteren op een persconferentie in Kiev. Het gaat om een „geïntegreerde eenheid”, verduidelijkte hij. De marechaussees helpen mee zoeken, de forensische experts verrichten „het in beslag nemen” van de vondsten. Voor het transport zal het team gebruik maken van de koelwagen en het treinstel met bezittingen die nog steeds in de buurt van Torez zouden staan. Als dat niet meer kan, „zorgen we voor alternatief vervoer”, zei Aalbersberg. „We laten geen stoffelijke overschotten achter.”