Column

Russische werkelijkheid

Elke keer als ik voor vakantie uit Moskou op Schiphol landde, was ik geschokt door het contrast tussen de arbeidersklasse daar, die aan de macht heette te zijn, en de Nederlandse arbeidersklasse zoals die in de bagagehal wachtte op de koffers uit Benidorm en soortgelijke vakantieoorden: in felle kleuren gekleed, gebronsd, gezond. In de maanden daarvoor waren mijn ogen gewend geraakt aan grauw uitziende mensen in saaie kleren, getekend door het eenzijdige menu uit de staatswinkels en te veel wodka. De aanblik van Nederlandse vakantiegangers was overweldigend: dat zoveel welbevinden en vrolijkheid konden bestaan.

Dit is een herinnering van dertig jaar geleden, toen NRC Handelsblad en de NOS de enige Nederlandse media waren met een officiële correspondent in Moskou – mij namelijk. Toen vorige week Facebook-foto’s opdoken van de slachtoffers van MH17, moest ik eraan terugdenken. Natuurlijk wil op Facebook iedereen zich van zijn levenslustige kant laten zien, maar hoe mensen op de foto willen, is tegelijkertijd een beetje hoe je Nederlanders kent: redelijk positief gestemd, en welvarend.

Dus was een van mijn eerst gedachten na het neerschieten van de MH17: de Russische werkelijkheid heeft die vrolijke Nederlandse toeristen aan wie ik mij in de jaren tachtig vergaapte, ingehaald en hen uit de lucht geschoten. Dat is geen mooie gedachte, zelfs geen redelijke. Zij doet onrecht aan aardige, beschaafde en democratisch gezinde Russen. Die zijn alleen zelden aan de macht – dertig jaar geleden niet en nu weer niet.

Sinds 1987 heb ik me met Rusland zeer sporadisch beziggehouden. Maar nu ik na al die jaren weer een beetje Russische media volg, met behulp van internet en satelliet-tv, slaat de schrik me om het hart: Rusland lijkt veel bedreigender dan toen.

Sommige dingen ogen vertrouwd. Russische propaganda ten aanzien van MH17 doet denken aan hoe in 1983 werd omgegaan met de neergeschoten Zuid-Koreaanse Boeing. Hoe de Russische staatsraison prevaleert boven menselijke belangen, kon je in 1986 zien na de ramp in Tsjernobyl. In de jaren tachtig vond zulke propaganda echter nauwelijks gehoor – Russen gingen ervan uit dat de waarheid tegenovergesteld was aan de staatspropaganda. Dat is nu anders: er bestaat breed enthousiasme in de Russische samenleving voor het soort agressieve nationalisme en militarisme dat president Poetin vertolkt en in praktijk brengt, om nog maar te zwijgen over de naar de aankondiging van terreur zwemende opmerkingen over politiek andersdenkenden als ‘vijfde colonne’.

In de jaren tachtig was de belangstelling voor Rusland in Nederland bescheiden. De Sovjet-Unie was dan ook een saai en voorspelbaar land, dat voornamelijk in beeld kwam bij debatten over nucleaire ontwapening en naïef enthousiasme voor Gorbatsjovs ‘nieuwe denken’. Sindsdien zijn de contacten tussen Rusland en de rest van de wereld en de hoeveelheid informatie enorm toegenomen – net als het aantal correspondenten. Meer contact heeft niet voorkomen dat vanuit het Kremlin opnieuw een politiek en staatkundig monster is gebaard, dat op sommige Nederlanders zelfs een zekere aantrekkingskracht uitoefent. In mijn Facebook-tijdlijn bevinden zich tenminste ook bijdragen die de dreiging van nu toeschrijven aan de ‘oorlogszucht van onze elite’ en Poetins visies omarmen.