Laura Smulders is nog net iets te bleu voor de extreme fietsduels

Laura Smulders stelt zelden teleur. Twintig jaar is ze pas, maar nu al succesvoller dan welke Nederlandse BMX’er dan ook.

Ondanks een slechte start haalde Laura Smulders (links) toch brons op de WK BMX in Rotterdam. Foto ANP

Het verschil tussen een geslaagd en een mislukt toernooi bedroeg voor Laura Smulders zondag in Ahoy niet meer dan een banddikte. In de kwartfinales van het WK BMX leek het na een slechte start al voorbij voor de winnares van Olympisch brons in Londen en de Nederlandse hoop op een medaille.

Vol vertwijfeling drukte ze haar kleine fiets over de finishlijn in de hoop nog net de vierde plaats te hebben bemachtigd, wat recht zou geven op een plek in de halve finales. Het verlossende woord kwam na de fotofinish een paar minuten later. Net gehaald. De opluchting droop van het gezicht van Smulders af. Het thuispubliek niet teleurgesteld, toch nog door in het toernooi.

Ze moest er nog even aan terugdenken toen ze aan het eind van de dag een bronzen medaille om haar nek mocht hangen. „Dit had ik absoluut niet gedacht na die kwartfinale”, straalde Smulders.

Met haar medaille redde ze de eer van de Nederlandse BMX-ploeg, die in een met 7.000 toeschouwers goed gevuld Ahoy hevig teleurstelde. Van de zeven Nederlandse mannen wist er geen enkele door te dringen tot de kwartfinales (zie kader). En ook de vrouwen sneuvelden, op Smulders na, vroeg in het toernooi.

Maar Laura Smulders stelt ongeacht haar jeugdige leeftijd zelden teleur. Twintig jaar is ze pas, maar nu al succesvoller dan welke Nederlandse BMX’er dan ook. Niemand hield rekening met haar toen ze op 18-jarige leeftijd mee mocht doen aan de Olympische Spelen in Londen. Om ervaring op te doen, zo werd gezegd. Wennen aan de druk en de omstandigheden van een groot toernooi.

Smulders verraste de hele wereld door rustig te blijven en uiteindelijk als derde te eindigen, voor veel titelfavorieten. Ze had zich door niemand laten afleiden, ook niet door een rechtszaak die collega Lieke Klaus aanspande om ten koste van Smulders naar de Spelen te mogen. Vol ongeloof en zo verlegen als een net afgestudeerde middelbare scholier betaamt, stond ze destijds de Nederlandse pers te woord. „Ik kom maar net kijken. Ik kwam over de finish en werd gek”, luidde haar reactie.

Zo bleu en verlegen als toen is Smulders niet meer, maar ze blijft rustig en bescheiden. Misschien wel iets te bescheiden voor een extreme sport als BMX. De sport waarbij acht rijders op kleine fietsjes van een startheuvel naar beneden denderen en over grote zandheuvels springen, werd door het IOC in 2008 op het Olympisch programma gezet vanwege het gegarandeerde spektakel.

Ellebogenwerk

Valpartijen blijken gegarandeerd in een discipline waarbij alle coureurs elkaar op de eerste meters wegduwen en ellebogen uitdelen. Alles is geoorloofd om in de eerste bocht de beste positie te creëren. Wie als eerste die bocht uitkomt, wint vrijwel altijd de wedstrijd. Maar dat ellebogenwerk is nou net niet de specialiteit van Laura Smulders.

Laat haar in haar eentje van de heuvel vliegen en het parcours voltooien en ze is bijna niet te kloppen. Op de minder belangrijke, niet olympische, tijdrit was ze zaterdag op het WK met afstand de beste en pakte ze goud. Niemand zette op het parcours in Ahoy zo’n snelle tijd neer als zij.

Maar zet haar naast zeven anderen op de heuvel en het is toch een ander verhaal. „Als het op technische vaardigheden aankomt is Laura een van de besten van de wereld, zo niet de beste”, oordeelt de Nederlandse bondscoach Bas de Bever. „Maar haar start blijft een aandachtspunt. Laura heeft de kracht niet die haar concurrenten wel hebben om uit de startblokken te schieten. Daar heeft ze het vandaag ook laten liggen.”

Het liefst wint Smulders op techniek en snelheid. In de kwartfinale en de finale was ze in Ahoy veel trager weg dan haar tegenstanders. Maar de wijze waarop ze die achterstand in de rest van de wedstrijd goedmaakte, was indrukwekkend.

Rustig afwachten, loeren op dat gaatje en vervolgens op snelheid tegenstanders passeren. Niet in paniek raken en onmogelijke manoeuvres proberen te maken.

„Laura blijft altijd rustig”, bevestigt coach De Bever. „Dat is haar grote kracht. En die kracht die ze nu nog mist bij de start, komt nog wel met de jaren. Ze is pas 20, veel jonger en minder sterk dan haar concurrenten.”

Smulders zelf keek vol tevredenheid terug op haar optreden voor het thuispubliek. „Ik was best nerveus voor de kwartfinales”, bekende ze na afloop. Het parcours in Ahoy was iets korter dan waar Smulders van houdt. Geef haar maar een iets langere afstand, dan heeft ze de tijd om de opgelopen achterstand bij de start goed te maken.

„Ik ging hier voor het podium en dat heb ik ondanks een slechte start gehaald”, oordeelde Smulders tevreden na afloop. Nu kan het vizier op de Olympische Spelen over twee jaar. Jaren waarin ze kan werken aan haar minst favoriete onderdeel, de start. Kracht komt met de jaren, zei bondscoach Bas de Bever en dat is waar Laura Smulders zelf ook maar op rekent.