R.I.P., lieve meid

Herdenken Nederland rouwde op talloze manieren om de slachtoffers van vlucht MH17. Verslag van een week collectief verdriet.

In Koog aan de Zaan is een graffitikunstwerk gemaakt ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de vliegramp. Voorbijgangers hebben er spontaan bloemen gelegd en een kaarsje aangestoken. Foto Novum

De 194 Nederlandse slachtoffers van vlucht MH17 werden deze week massaal herdacht, ook door mensen die hen niet hebben gekend. Eerst vooral op internet en lokaal, bij herdenkingen in scholen, kerken en op sportclubs. Later landelijk.

Digitale rouw

„Ik viel als een blok voor je”, schrijft een jongen in een online eerbetoon aan zijn ex-vriendin, een van de slachtoffers van de ramp. Hij schrijft over hun ontmoeting, de vlinders die hij voelde, zijn „gênante en halfslachtige benaderingen” en hun drie jaar durende relatie. Hij schrijft over haar ambitie de wereld te verbeteren. En hoe zij hem veranderde. Hoe ze hem leerde te genieten van kleine dingen en positief te denken. „Je hebt mijn leven gekleurd.”

Meer dan elfduizend mensen werden lid van de Facebookpagina die opgericht werd ter nagedachtenis aan het meisje. ‘Ik ken je uit de brief op Facebook, R.I.P. lieve meid’, plaatst iemand als reactie.

Overal op internet verschijnen in memoriams en persoonlijke verhalen van achtergebleven vrienden, kennissen en familieleden van slachtoffers. Muzikanten schrijven liedjes. Een man zet een emotioneel filmpje op YouTube waarin hij zijn woede uit. Twitteraars plaatsen foto’s en betuigen hun steun in korte berichtjes. Ook mensen van wie geen bekenden in het vliegtuig zaten, uiten hun gevoelens online.

Rouw in Nederland is veel zichtbaarder dan vroeger. Tot ver in de twintigste eeuw vond rouw vooral plaats in de beslotenheid van het gezin en de gemeenschap. Er werd weinig gesproken over de dood. Het nieuws dat iemand overleden was, verspreidde zich mondeling of via de kerk.

Door de ontkerkelijking werden de gemeenschappen minder hecht, en dat werd met de komst van sociale media zeer zichtbaar. „We werden individualistischer en geëmancipeerder”, zegt rouwdeskundige Daan Westerink. „We hebben de kerk en de buren minder nodig. We zoeken onze lotgenoten zelf. Online. Zo vinden we herkenning en steun.” Het zijn niet alleen verdrietige verhalen die gedeeld worden. „Veel mensen voelen juist dankbaarheid dat ze iemand gekend hebben.”

Het digitaal delen van gevoelens is niet genoeg, denkt Westerink. Er is ook een behoefte fysiek samen te komen.

Collectieve rouw

Bij de Amsterdamse roeivereniging Skøll hangt een groot scherm. Foto’s van een lachend stel komen langs. Roeiers tekenen om de beurt het condoleanceregister voor hun omgekomen clubgenoten.

Er worden bloemen neergelegd en er zijn herdenkingen door heel Nederland. Bij de huizen van slachtoffers, op hun werkplekken, bij ambassades, bij Schiphol, bij scholen en sportclubs.

Bij gebrek aan een lichaam of kist om bij te waken, zochten nabestaanden andere manieren van herdenken. De familie en vrienden van een slachtoffer uit Amsterdam kwamen bijeen in de bar waar hij werkte. Ze verzamelden filmpjes en foto’s en keken daar samen naar.

Sommige nabestaanden gingen ’s avonds barbecuen. De constante stroom aan informatie werd te veel. De bezorgde berichten. De steunbetuigingen. Ze hadden hun telefoons en tablet weggedaan en gingen over hem praten. Met een biertje.

De vele particuliere bijeenkomsten voor slachtoffers, in welke vorm ook, ziet rouwdeskundige Westerink als een teken van veerkracht en mondigheid van de burger. „We wachten niet meer tot de gemeente of de regering iets regelt. We organiseren bijvoorbeeld zelf een stille tocht.”

De rouw is niet overal even intens. Mensen praten over de ramp, maar velen volgen hun normale routine. Geplande feesten en festivals gaan door. De terrassen en stranden zitten vol. Mensen zoeken een balans tussen het gewone leven en de rouw, zegt Westerink. „Een studentenvereniging in Utrecht verloor een lid. Ze vieren deze week hun lustrum. Dat gaat door, maar de hele stoep ligt bezaaid met bloemen en het programma is aangepast. De studenten komen nu juist samen om te lachen en te huilen.”

Officiële rouw

Van de overheid wordt ook iets verwacht. Er is in de dagen na de ramp woede omdat de lichamen nog niet terug zijn. Omdat onbevoegden tussen de spullen neuzen. En omdat Nederland daar niets tegen onderneemt. „Tweede Kamer nog op zomerreces?”, plaatst iemand op Twitter. „Bij de verkiezingen niet weg te slaan en nu hoor of zie je ze niet. Uw landgenoten worden beroofd!”

Al snel gaan er stemmen op voor een dag van nationale rouw, bekend uit andere landen. België hield een dag van nationale rouw na het busongeluk in Zwitserland waarbij veel scholieren omkwamen. De Turkse premier kondigde drie dagen van nationale rouw af na de mijnramp in mei. „Blijkbaar hebben we toch een leider nodig die opstaat en ons gevoel erkent”, zegt Westerink. „Mensen voelen zich betrokken, als onderdeel van de natie. Ze willen gehoord worden en kunnen daar ook direct om vragen. Bijvoorbeeld via Twitter.”

Koning Willem-Alexander spreekt, vier dagen na de ramp. Minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) houdt een toespraak in de VN-Veiligheidsraad waar veel Nederlanders zich door geraakt voelen. „Hoe Timmermans de moord op mijn vriend wreekte”, blogt een man. „De krachtige en emotionele speech van Frans Timmermans waarin hij de Russen tot de orde roept, kwam keihard binnen. Eindelijk stond er iemand.”

Nationale rouw past niet binnen onze traditie, zegt premier Rutte eerst. Bij eerdere drama’s, zoals de Schipholbrand of de vliegramp in de Libische hoofdstad Tripoli, was er een officiële bijeenkomst of gingen de vlaggen halfstok. Maar de Tweede Kamer dringt aan. Op internet gaat een petitie rond. Een dag later kondigt Rutte alsnog een dag van nationale rouw af, de eerste sinds de dood van prinses Wilhelmina, 52 jaar geleden.

Nationale rouw

De dag dat de eerste lichamen per vliegtuig aankomen in Eindhoven, is de dag van nationale rouw. Vlaggen op overheidsgebouwen hangen halfstok. Molens staan in rouwstand. Het openbaar vervoer staat een minuut stil. De publieke omroepen passen hun programma aan en schrappen reclames. In rechtbanken, in pretparken, bij theatervoorstellingen, op kantoren en in huiskamers wordt een minuut stilgestaan bij de ramp. Bijna drie miljoen mensen zien de NOS-registratie van de dag. Ze horen hoe in Eindhoven The Last Post klinkt. Ze zien hoe een lange colonne rouwwagens over een verder lege A2 richting Hilversum trekt. Honderden mensen staan langs de kant. Ze klappen. Ze gooien bloemen. Op Facebook en Twitter veranderen vrolijke profielfoto’s in een zwart lintje of een zwart vlak.