Hooikoorts? Stop een filter in je neus

Snotteren, niezen, zere keel: de hooikoortspatiënt lijdt wat af.Nu is er een product dat de klachten echt verlicht: neusfilter Rhinix. Nienke Beintema probeerde ‘m uit, maar kon er niet aan wennen.

Er raast een golf van hooikoorts over het land maar ik ben ertegen beschermd. Pollen kunnen mijn neus niet in, want ik gebruik een nieuwe Deense vinding: een set van twee ovale filtertjes, verbonden met een dun plastic bruggetje, die ik mijn neusgaten in heb geduwd. Er kan geen lucht meer langs: alles moet via het filter. Ziedaar het principe van Rhinix, het nieuwe neusfilter tegen hooikoorts dat sinds begin juli via internet te koop is.

Ik ben de proef op de som aan het nemen. Ik ben gestopt met mijn hooikoortsmedicijn, precies toen de graspollen volgens allergieradar.nl bij Nederlandse hooikoortslijders – van wie ik er een ben – een klachtenscore van 8 veroorzaakten op een schaal van 1 tot 10. Sindsdien stop ik nu al twee weken lang ’s morgens bij het opstaan zo’n filter in mijn neus.

Van de makers van gehoorapparaten

Het brein achter Rhinix is de Deen Peter Sinkjær Kenney. Hij studeert geneeskunde aan de universiteit van Aarhus en doet promotieonderzoek naar de werking van zijn neusfilter. „Ik kwam op het idee doordat een goede vriend van mij elke zomer binnenshuis doorbrengt, met de ramen dicht en tissues in zijn neusgaten”, vertelt Kenney over de telefoon. „Ik dacht: dat moet comfortabeler kunnen.” Kenney praatte met allergologen en industrieel ontwerpers en zag al gauw een business case. Daarom startte hij in 2011 zijn bedrijf Rhinix. De filters worden gemaakt door een producent van gehoorapparaten.

Er zijn eerder neusfilters bedacht. Niet verwonderlijk, want een kwart van de West-Europeanen heeft hooikoorts, van wie de helft zo erg dat ze medicijnen krijgen voorgeschreven. Kenney: „Maar die ontwerpen strandden altijd op twee dingen: zichtbaarheid – je wilt niet dat mensen je aanstaren en denken: hee, wat heeft die persoon nou in zijn neus? – en draagcomfort.”

Rhinix, zo benadrukt hij, is bijna onzichtbaar. Het bruggetje onder de neus is doorzichtig en slechts een halve millimeter dik. De neusvleugels worden niet uiteengeduwd, want het filter neemt de vorm van de neus aan in plaats van andersom. Dat komt doordat het is gemaakt van zacht, flexibel kunststof. Het filter zelf is ragfijn en geeft nauwelijks luchtweerstand. Daardoor kunnen mensen ongehinderd door het filter ademen. Dat bleek uit labtests en uit een studie onder 21 proefpersonen die Kenney in mei publiceerde in het Journal of Allergy and Clinical Immunology. Deze mensen gebruikten eerst een tijdlang het filter en vervolgens een placebo, of andersom, zonder te weten welk van de twee, en beoordeelden daarbij op verschillende tijdstippen hun klachten op een schaal van 0 tot 3.

Klachten verminderen echt

Opmerkelijk genoeg bleek het neusfilter vooral goed te werken tegen jeuk in de keel, iets waar zo’n 10 procent van de hooikoortspatiënten last van heeft. Het filter bracht die klacht terug met 75 procent. Verder hadden filterdragers gemiddeld 21 procent minder last van neusklachten. Vooral het niezen werd minder (45 procent), maar ook de jeuk (36 procent). Loopneus werd 12 procent minder, maar dat was statistisch net niet hard te maken.

Mensen met het filter in hun neus ademden niet méér door hun mond dan normaal. Slechts één persoon meldde dat hij zich onzeker voelde over of het filter aan de buitenkant te zien was, en 19 van de 21 personen zeiden het product te willen kopen zodra het op de markt kwam.

Rhinix is nu op de markt, maar ik word geen klant. Ja, het filter helpt mij beslist en niemand heeft het zien zitten. Maar mijn neus heeft er in twee weken tijd niet aan kunnen wennen. Op de meeste dagen heb ik het filter er in de loop van de middag weer uitgehaald – o zalige opluchting – en soms zelfs eerder. Er gingen geen vijf minuten voorbij zonder dat het ding me irriteerde.

„Dat verbaast me niets”, reageert Wytske Fokkens, hoogleraar KNO-geneeskunde in het AMC en hooikoortsexpert. „Dat is precies waar die eerdere modellen ook op strandden.” De positieve reacties van Kenneys proefpersonen kan ze wel verklaren. „We zien vaker dat een nieuw product in eerste instantie positief wordt ontvangen, juist omdat er mensen aan die studies meedoen die slecht reageren op andere behandelingen en die graag willen meedoen. Meestal zijn vervolgstudies minder positief.”

Wat ik me afvraag: hoe kan het dat je zo’n filter blijkbaar niet 24 uur per dag hoeft te dragen om een effect te zien? Is een eenmaal getriggerde allergische reactie niet dagenlang actief? Kenney meent van niet: „Je kunt het filter ook uitdoen als je slaapt, eet of gaat sporten”, zegt hij, „of alleen indoen als je de natuur ingaat”. Hoogleraar Fokkens beaamt dat: „Er is een directe relatie tussen de blootstelling aan pollen en de klachten.” Met andere woorden, minder pollen in je neus betekent minder klachten. Relatief lichte hooikoortspatiënten, zoals ik, kunnen het filter gebruiken in plaats van medicijnen. En zwaardere patiënten kunnen er wellicht mee voorkomen dat ze bij een heel hoge blootstelling ‘door hun medicijnen heenklappen’, zoals Fokkens het uitdrukt.

Maar heb je het geld ervoor over?

Maar dan moet hun neus er wel tegen kunnen. Volgens Kenney is dat zeer persoonlijk bepaald en moet ik het wellicht langer proberen. „Aan lenzen of een gehoorapparaat wennen sommige mensen ook pas na een paar weken.” Maar Fokkens geeft me wat dat betreft weinig hoop.

Ze erkent dat er heus mensen zullen zijn voor wie Rhinix een uitkomst is. Maar zelf ziet zij meer in een andere benadering tegen de neusklachten: een neusspray met een combinatie van corticosteroïden en antihistamines. Dergelijke combinaties zijn in Nederland nu niet toegestaan voor hooikoorts. „Gek, want voor astma gebruiken we al 15 jaar een combinatiepreparaat”, zegt Fokkens. Zo’n lokale behandeling vindt zij kansrijker dan pillen. Die hebben vaak bijwerkingen, en 80 procent van de gebruikers blijft hinderlijke klachten houden. De combinatieneusspray presteert wat dat betreft twee keer zo goed.

Ruim 1500 Deense hooikoortspatiënten zijn Rhinix nu verder aan het testen. Resultaten heeft Kenney nog niet. „Maar heb al wel veel life saver-e-mails ontvangen”, zegt hij. Van mensen die er dolblij mee zijn, bedoelt hij. Maar of die op termijn 13 euro zullen overhebben voor een pakje van zes neusfilters voor eenmalig gebruik? Ik in elk geval niet.