Hoe MH17 de zomer veranderde

President Obama voelde het goed aan: zomers en zacht Nederland wilde medeleven horen, geen oorlogstaal. Rutte wordt wel harder over Poetin.

Wat heeft rampvlucht MH17 gedaan met deze zomer? Wie vandaag terugkomt van een verre, internetloze vakantie, zal enige moeite moeten doen om de impact na te voelen van de vliegramp in Oekraïne die het leven kostte aan 298 inzittenden op weg van Amsterdam naar Kuala Lumpur.

Wie had kunnen voorspellen dat de crash van vorige week donderdag deze week zou leiden tot een resolutie van de VN-Veiligheidsraad en de eerste dag van nationale rouw sinds 1962? Maar toen moest de week van de moeizame repatriëring van de slachtoffers nog volgen. Geleidelijk werd emotie heviger en collectiever, geprikkeld vooral doordat de lichamen van de slachtoffers in Oekraïne dagenlang op de rampplek bleven liggen.

Toch bleek al snel dat dit geen ‘gewone’ vliegramp was. Na twee dagen bepleitte de Brusselse onderzoeker van de internationale politiek Jonathan Holslag al dat ‘MH17’ het Europese 9/11 moet worden. Het bleek een voorschot op wat een week later bovenaan de lijst politieke gevolgen staat: de Russische president Poetin wordt door steeds meer (ook Nederlandse) politici gezien als een gevaarlijke bedreiging voor de vrede en stabiliteit in Europa.

Weliswaar wijst na acht dagen niets op een doelgerichte aanslag. Amerikaanse inlichtingendiensten denken dat het passagiersvliegtuig bij vergissing is neergehaald door pro-Russische separatisten in het oosten van Oekraïne. Er zijn ook geen concrete bewijzen voor een directe Russische rol. Het neerhalen van MH17 was een ongeluk. Maar een ongeluk met politieke gevolgen.

Dat was niet meteen zichtbaar in de wijze waarop Nederland rouwde. „Mensen laten elkaar niet los”, zei koning Willem Alexander maandag, nadat hij met koningin Máxima en premier Rutte een middag met nabestaanden had bijgewoond. Hij sprak over een „diepe wond (..) in onze samenleving”. En zei: „In diepste nood komt het aan op innerlijke kracht, compassie en onderlinge verbondenheid. Het zijn die eigenschappen waar ons land op cruciale momenten over blijkt te beschikken.”

Dat was de taal waarin velen hun rouw goten: die van zorg, medeleven en saamhorigheid. De enkeling die meer agressie toonde kreeg niet veel bijval. Zoals burgemeester Broertjes van Hilversum, die even volhield dat de in Nederland wonende dochter van Poetin moest worden uitgezet. Dagblad De Telegraaf, de felste krant, verlegde geleidelijk de nadruk van anti-Poetinwoede naar bravere saamhorigheid.

De politicus die het meest indruk maakte, was degene die het aandurfde zich ten overstaan van de VN-Veiligheidsraad voor te stellen hoe de inzittenden in het vliegtuig elkaars hand vasthielden tijdens de crash. Minister Timmermans van Buitenlandse Zaken vertelde in New York dat hij zolang hij leefde niet zou begrijpen dat „stoffelijke resten gebruikt worden in een politiek spel”.

De emoclimax kwam woensdag, de dag van nationale rouw. Nederlandsers cultiveren wel vaker collectieve emotie, nu werd dat een bron van troost en trots. CNN bewonderde het. ‘Waardigheid’ werd het woord van de week. Mensen stonden langs de weg en applaudisseerden zacht. Dat gebeurde ook al in 2002, toen Pim Fortuyn in een lijkwagen over de weg richting Driehuis werd gebracht. De woede die toen langs de kant van de weg bestond, bleef nog jaren hangen in de politiek.

Ook de woede van nu werkt politiek door, maar op een andere manier. De Amerikaanse president Obama, die Europese landen graag op een hardere lijn tegenover Rusland krijgt, voelde het goed aan. Hij kwam langs op de Nederlandse ambassade in Washington, toonde medeleven, richtte zich invoelend tot Rutte en de rest van het land als „vrienden” van Amerika.

Dat was in deze omstandigheden genoeg. Nederland was lang een van de ‘zachtere’ lidstaten binnen de EU tegenover Rusland. De wens handelsbelangen te beschermen en het geloof in de rationaliteit van Poetin wogen steeds het zwaarst. Maar begin deze week zei Rutte dat er „iets fundamenteel veranderd” is. Gisteren bleek dat een flink deel van de Kamer er intussen zo tegenaan kijkt. Het ene na het andere Kamerlid verwees naar Timmermans, die over de bijeenkomst van Europese ministers van Buitenlandse Zaken dinsdag in Brussel schreef: „Het leed geen twijfel dat wat op 17 juli jl. in Oost-Oekraïne was gebeurd, onacceptabel was en een waterscheidingsmoment vormde in de relatie met Rusland.”

Een ‘waterscheiding’ in de relatie met Rusland, daar kon iedereen zich in vinden. Zelfs PVV-woordvoerder Raymond de Roon deed mee. Tot voor kort was Geert Wilders kritisch over sancties tegen Poetin, de held van zijn geestverwanten in Europa. Dat geluid lijkt nu te verstommen.

Het gewicht van Nederland in het Europese debat over Rusland is veranderd, volgens Rutte, door de 194 slachtoffers met de Nederlandse nationaliteit. Dat blijkt mogelijk ook volgende week als de EU verdere sancties bespreekt. De vraag is of het ook zal leiden tot hogere uitgaven voor defensie, binnen de NAVO en de EU, en tot een energiebeleid dat Europa dat minder afhankelijk maakt van Rusland.