Column

De Twittertoog

Het gekrakeel van de dronkenlappen aan de Twittertoog was afgelopen week eigenlijk niet te doen. De ene zatlap brulde nog harder dan de andere. Rutte was een slappe zak, de koning en zijn vrouw lagen alweer hoog en breed te luieren op hun Griekse landgoedje naast hun buurman Vladimir met zijn rattenkop en Timmermans…..

De barman, gepokt en gemazeld in zijn vak, hoorde het allemaal aan en knikte af en toe naar de lamme stamgasten. Soms wierp hij een blik op de televisie in de hoek van het café en begreep dat de situatie allemaal wat ingewikkelder lag dan zijn benevelde clientèle doorlopend schetste. Het geluid van de tv stond niet eens aan.

Eentje brulde dat het een truc van de Joden en de Amerikanen was. De CIA en de Mossad hadden het vliegtuig uit de lucht geschoten om de aandacht af te leiden van de oorlogsmisdaden in de Gazastrook. De rest beaamde dit. Een ander legde een verband tussen het eerder dit jaar verdwenen toestel van Malaysia Airlines en de MH17. Volgens hem had het te maken met moslims en een zelfmoordcommando. Dit beaamde de rest ook.

De barman had binnenpret om het begrip sociale media waar iedereen onder de meest verdrietige foto’s Vind ik leuk met zo’n opgestoken duimpje zette, maar wilde niet hardop lachen. Daarvoor was de zaak te ernstig, te schrijnend. Hij wist ook niet precies hoe het zat, maar wist wel dat Rutte het heel goed en verstandig aanpakte, dat de koning en zijn vrouw een grote troost waren voor zowel het volk als de nabestaanden en dat Timmermans nog wel van zich zou laten horen. Hij zei dit niet tegen de bar. Hij zat lang genoeg in het vak om te weten dat je met dit soort ouwehoeren niet in discussie moet gaan.

Ze bleven roepen. Marco Kroon moest er heen, of anders de Hells Angels samen met de Bandidos en Satudarah. Of Badr in zijn eentje. De barman schonk rustig door en klikte af en toe op Teletekst om de jongste ontwikkelingen te volgen. Niemand keek mee. Te druk met hun eigen gelijk.

Soms belde hij even met zijn vrouw die hem zachtjes bijpraatte over Rutte, die inmiddels getelefoneerd had met Obama, Poetin, Merkel, Cameron en andere grote jongens uit zijn vak. En over Timmermans, die zich ondertussen het leplazarus reisde om in elk geval te zorgen dat de slachtoffers deze kant uit zouden komen. Meer kon hij niet doen.

De paar keer onderweg naar huis of terug naar zijn werk hoorde hij op de autoradio constant rouwdeskundigen en verdrietanalisten. Allemaal zelfbenoemde wijsneuzen waar kennelijk behoefte aan is in dit soort dagen. De meest wijze woorden kwamen wat hem betreft van voetbaltrainer Johnny van ’t Schip, die een boycot van de WK 2018 in Rusland voorstelde.

Mooi om dan van de zwevende Robin van Persie een grafisch logo te maken en dat te gebruiken om de andere voetballanden te overtuigen. De zwevende Robin als symbool van de vrijheid in de lucht. Onze vrijheid. Ieders vrijheid. We knallen elkaar niet het luchtruim uit!

Onderhand schreeuwde de Twittertoog gestaag door. Nog steeds moesten Rutte en Timmermans het ontgelden. Het is druk op de kade, dacht de barkeeper, zoveel stuurlui. Paar weken geleden waren ze allemaal nog bondscoach. Toen ging het ook over afweersystemen.

„Zoveel blinden”, mijmerde hij zacht in zichzelf, „gebruikt De Telegraaf daarom altijd zulke grote letters?” Men vroeg wat hij zei?

„Niks”, antwoordde hij verstandig.

Inmiddels zag hij in zijn krant hoe het verder ging. Lijkzakken, een koeltrein, knuffels, een per ongeluk gelezen dagboek, separatisten, misbruikte creditcards, opgenomen telefoons van overleden mensen, radeloze nabestaanden, ontroostbaar en volkomen stuk. Hij voelde een zachte misselijkheid. Aan de Twittertoog ging het rumoer gestaag verder. Eentje riep triomfantelijk dat Louis met 7-0 gewonnen had en Peter-Jan Rens en zijn kind weer bij elkaar zijn.

Meneer Kaktus, dacht de barkeeper, dat zielige snorretje in die pyjama.

Toen werd het stil in de kroeg. Op de televisie was een vliegtuig geland. In Eindhoven. Hadden Rutte en Timmermans geregeld. Men zag een bedroefde koning en een huilende koningin. De bar viel zomaar stil. Doodstil. Eigenlijk wilde weer iedereen commentaar gaan geven, maar de barkeeper smeekte voor het eerst in zijn loopbaan met de wanhoop in zijn ogen: „Jongens, heel even niet! Nu even allemaal een paar minuten je bek dicht.”