In Le Grand Hotel bellen ze zelfs God voor je

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk? Vandaag vanuit het buitenland.

Wat: een bezoek aan Le Grand Hotel Cannes
Wie: communicatiemanager Janine Maisonseul, haar chihuahua Carla, chef-kok Sebastian Broda en veel verveelde Russen

Toegeven. Het is even slikken als je voor Le Grand Hotel Cannes staat. Een enorm wit, modernachtig bouwsel van twaalf verdiepingen hoog. Het lijkt Zandvoort aan Zee wel. Toch is dit hét hotel waar alle sterren slapen tijdens het filmfestival van Cannes. “Brad Pitt en Angelina Jolie huren hier vaak onze grote loft”, vertelt Janine Maisonseul van de Service Communication. “Daar is namelijk ook plek genoeg voor al die kinderen van ze.”

Nu zit er een rijke Arabier in. “Die heeft dan weer ruimte nodig voor al zijn vrouwen.” Maisonseul aait haar Chihuahuahondje Carla met wie ze onafscheidelijk is. “En jullie minister-president was er een keer. Die ene, die zo op Harry Potter lijkt.” Andere Nederlanders komen pas in september. Pensionado’s voor wie een kamerprijs beginnend bij 900 euro geen probleem is.

Alles voor de Russen

Het Russische stel Olga Varhaug en Lev Gilje zijn net aangekomen en vinden het nu al fantastisch.
“Daarnet zaten we op het terras van het hotel iets te drinken toen het ging regenen…”, begint Gilje.
“Dus ik vroeg aan de maître of hij daar wat aan kon doen”, gaat zijn vriendin verder. “‘Ja hoor, ik bel God wel even’, antwoordde hij. En vijf minuten later was het droog!”
Gilje knikt: “Dat noem ik nou service.”

En voor wie dat nog niet genoeg is, is er sterrenrestaurant, Le Parc 45. Het interieur is zoals je van een restaurant in een hotel verwacht: ongemakkelijke fauteuils op pastelkleurige vloerbedekking en bijpassende ‘moderne kunst’ aan de muur. De tafels zijn nét te groot om normaal te kunnen converseren. Niet dat de verveelde Russen die de meeste tafeltjes bezet houden elkaar veel te vertellen lijken te hebben.

Gouden mini-inktvis 

Maar chef-kok Sebastien Broda staat er wél mooi haute cuisine te koken. Parmezaanschuim, kreeftemulsie, pastiscaramel en gouden mini-inktvis – je kent het wel. “Onze Sebastien is een hele simpele jongen”, fluistert Maisonseul. “Maar koken dat-ie kan! Hij heeft mij en Carla nog nooit teleurgesteld.”

Pas als de allerlaatste Rus zich uit zijn stoel heeft gehesen mag Broda de keuken uit. Nee, die Russen, daar heeft hij het niet zo op. Dan liever Nederlanders, die zijn veel gezelliger. “Ik ben één keer in Amsterdam geweest. Vond ik super.” Hij veegt het zweet van zijn voorhoofd. “Toen heb ik bitterballen gegeten”, Broda sluit zijn ogen bij de herinnering. “Dat was pas lekker.”