‘Wij zijn allemaal Gaza’

Palestijnen op de Jordaanoever zien het Israëlische offensief in Gaza als een oorlog tegen het hele Palestijnse volk. Er zijn veel protesten. Toch staat een Derde Intifada (nog) niet op uitbreken.

Een huis in het noorden van Gaza dat volgens getuigen werd beschadigd bij een Israëlische luchtaanval, waarbij vandaag twee kinderen omkwamen. Foto Reuters

Op de parkeerplaats voor de gemeente van Ramallah staan rijen zwarte dozen met Palestijnse vlaggen en namen erop. De dozen staan symbool voor de ruim 700 doden die de afgelopen zestien dagen vielen bij het Israëlische offensief tegen de Gazastrook. Overal in Ramallah, op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever, hangen spandoeken met de tekst: ‘Wij zijn allemaal Gaza.’ Tweemaal daags wordt er gedemonstreerd.

Maar het protest blijft tamelijk mak. Beperkt tot een paar honderd man. Dan in Ramallah, dan in Hebron, dan weer in Oost-Jeruzalem. Ook in Israëlische steden en dorpen protesteren Palestijnen. Soms raken jongeren slaags met Palestijnse ordetroepen of het Israëlische leger. Hierbij vallen zelfs doden. Maar om nu van een breed volksprotest of hevige ongeregeldheden te spreken – nee.

Woedend zijn de Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever wel, zegt politiek analist Ahmad Harb in zijn kantoor in Ramallah. „En ook verdrietig en gefrustreerd en somber. De mensen hier zien het offensief niet als een oorlog tegen Gaza, maar als een oorlog tegen het Palestijnse volk. Wij lijden allemaal al 47 jaar onder de bezetting. Veel mensen hier hebben familie daar. Dit is een nationale ramp.”

Het offensief tegen Gaza volgde kort op de moord op een Palestijnse tiener, hoogst waarschijnlijk door Joden om de moord op drie Israëlische tieners te wreken. Sinds de verdwijning van die drie tieners, zes weken geleden, heeft Israël hard ingegrepen op de Westelijke Jordaanoever. Het verrichtte meer dan duizend arrestaties en nog veel meer huiszoekingen. Arbitrair – volgens de Palestijnen. De woede hierover is niet weggevaagd door de oorlog in Gaza, aldus Harb. „Dat komt er bovenop.”

Waarom breekt dan nu geen grote Palestijnse opstand uit, zoals bij de Eerste (1987) of de Tweede (2000) Intifada? Israël heeft de Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever effectief in beheersbare enclaves verdeeld, zegt analist Harb. „Overal zijn controleposten en veiligheidstroepen. Protesten krijgen nauwelijks kans.” De Palestijnen ontberen bovendien leiders die oproepen tot eenheid en actie.

De Palestijnse president Mahmoud Abbas, tevens leider van de seculiere Fatah-beweging die vorige maand een eenheidsregering met het moslimfundamentalistische Hamas overeenkwam, zweert gewapend verzet af. Hij is al een week in Egypte, Turkije en Qatar om te spreken over een wapenstilstand tussen Hamas en Israël. „Een grote vergissing”, meent Harb. „Abbas moet zich opstellen als president van het hele Palestijnse volk, niet als bemiddelaar tussen Israël en Hamas.”

Veel Palestijnen zijn al ontevreden over Abbas omdat zijn veiligheidstroepen gehoorzamen aan het Israëlische leger. Hij wordt als een onderaannemer van de bezetter gezien. Als een zwakkeling. „Ik ben niet blij met onze president, zegt Abeer Hassan, een 24-jarige studente in Ramallah. „Hij had al lang geleden naar het Internationaal Strafhof in Den Haag moeten stappen. Hij moet veel meer doen!”

Hassan, grote modieuze bril op haar bonte hoofddoek, doet zelf ook niet mee aan de demonstraties. Want ze woont in een klein dorp en de steden waar geprotesteerd wordt, zijn moeilijk bereikbaar. „Maar ik volg onophoudelijk het nieuws, en ik deel foto’s en mijn gedachten op Facebook.” Ze steunt „het verzet” van Hamas tegen Israël. „We kunnen ons toch niet zomaar laten afslachten?”

Hamas is oorspronkelijk een verzetsbeweging, die in 2006 de Palestijnse verkiezingen won en na een korte oorlog met Fatah de macht greep in de Gazastrook. Sindsdien nam de populariteit van Hamas zienderogen af. Door Hamas’ respons op het Israëlische offensief – het vuurde de laatste twee weken meer dan tweeduizend raketten af op Israël – neemt de steun voor Hamas weer toe.

„Hamas is een kleine beweging die het opneemt tegen een heel sterk leger”, zegt Ali Nasal (24), die in Ramallah op een taxibusje wacht. „En Israël doodt kinderen, Hamas niet.” Ook Nasal steunt dus Hamas. Maar het is niet gezegd dat Hamas zulke steun kan verzilveren bij eventuele verkiezingen. „Verzet tegen de bezetting heeft niks te maken met politiek”, zegt Nasal. Op Hamas stemmen? Dat nooit.