OM: Syriëganger is schuldig aan moord

Is Maher H. een naïeve en beschaafde jongen, of een terrorist? Het OM denkt dat hij vocht aan de zijde van ISIS.

Syriëganger Maher H. riskeert een celstraf van maximaal tien jaar omdat hij zou hebben gevochten voor terreurgroep ISIS. Volgens het Openbaar Ministerie heeft de 20-jarige jongen samengespannen tot moord of doodslag vanuit een terroristisch motief.

Dat bleek gisteren tijdens de pro-formazitting, waarop de Haagse rechtbank besloot dat H. in voorarrest blijft. De jongen uit Amsterdam reisde vorig jaar af naar Syrië, volgens het OM om deel te nemen aan de gewapende strijd die daar woedt tussen rebellen en het regeringsleger. De politie heeft meerdere foto’s op zijn laptop en telefoons aangetroffen waarop H. met een machinegeweer tussen de verwoeste gebouwen loopt.

Maar volgens zijn advocaat Peter Plasman vormt dit geen concreet bewijs dat H. daadwerkelijk heeft gevochten in Syrië. Bovendien is deelname aan een gewapend conflict volgens Plasman niet strafbaar – dit zou pas het geval zijn wanneer er terroristische misdrijven worden begaan. Plasman omschreef zijn cliënt als een „aardige en beschaafde” jongen die zijn middelbare school niet afmaakte en vervolgens uit naïviteit naar Syrië afreisde omdat hij zijn geloofsbroeders dacht te moeten helpen. Vervolgens zou hij zijn teruggekeerd omdat de situatie in Syrië niet was zoals hij verwachtte, en omdat zijn vrouw ging bevallen.

Officier van justitie Vogelenzang heeft een ander beeld van H. Uit onderschepte Skype-berichten zou blijken dat hij het liefst terug wil naar Syrië. Hij zou hebben gevochten voor ISIS, een extremistische strijdgroep die berucht is om het doden van krijgsgevangenen. Dit blijkt volgens de officier mede uit het feit dat H. zich bevond in een Syrisch gebied dat in handen is van ISIS. Ook droeg hij bij zijn aanhouding een muts met daarop de vlag van ISIS.

Om aan te tonen dat H. daadwerkelijk heeft gevochten, haalde de officier tijdens de zitting ook een sms aan van zijn moeder, waarin ze haar zoon vroeg om iedere keer afscheid van haar te nemen als hij het slagveld opgaat.

H. wordt bovendien verdacht van opruiing. Hij zou op internet anderen geprobeerd hebben te werven voor de jihad. Het gaat met name om chatberichten waarin hij verwijst naar de radicale website De Ware Religie. Ook vond de politie radicaal-islamitisch videomateriaal in zijn woning en stonden op zijn laptop liederen waarin de martelaarsdood wordt verheerlijkt.

Advocaat Plasman verzocht de rechter gisteren om het voorarrest van H. te beëindigen, omdat er volgens hem te weinig bewijs is. Volgens hem is de hele rechtszaak „ingegeven door angst”. Justitie is bang dat H. een terrorist is, maar dat blijkt volgens Plasman nergens uit. De terugkeerder is bereid mee te doen aan een ‘deradicaliseringstraject’, al vindt hij zichzelf niet radicaal, zei Plasman. H. zou, in afwachting van de inhoudelijke behandeling van de zaak, met een enkelband thuis kunnen zitten. „Mijn cliënt wil niets anders dan zijn leven in Nederland weer oppakken en het hele hoofdstuk Syrië vergeten”, aldus Plasman.

De officier wilde gisteren niets weten van een vrijlating op voorwaarden, omdat het risico te groot zou zijn dat H. opnieuw naar Syrië reist en daar weer „strafbare feiten” zou begaan. De rechter is het eens met de officier. Omdat niet duidelijk is „of meneer al dan niet van plan is naar Syrië te gaan”, blijft hij voorlopig vastzitten.