Koerden splijten Irak met olie

Met de annexatie van de stad Kirkuk hebben de Koerden één van de grootste olievelden van het land in handen – tot woede van Bagdad. Het veld kan genoeg inkomsten leveren voor een onafhankelijke staat.

Een Koerdische strijder bewaakt de olieraffinaderij bij de Noord-Iraakse stad Erbil. Foto Reuters

Ahmed Mufti is trots op zijn bijna-land. Hij is 33 jaar oud en directeur-generaal bij het ministerie voor Natuurlijke Hulpbronnen in de autonome Koerdische regio in het noorden van Irak. Een Nederlandse Koerd op één van de belangrijkste posities in de regio – strak in het pak, bouwend aan een land.

Hij was te jong voor de gewapende strijd van de Koerden tegen Saddam Hussein. Maar Ahmed Mufti staat vooraan in de oorlog om oliecontracten. Met gunstige deals proberen Koerden grote spelers als Exxon Mobil, BP en Shell aan zich te binden. Machtiger vrienden kun je niet hebben.

Hoe meer olie in Koerdistan wordt gevonden en opgepompt, hoe groter de kans dat de regio een land wordt. Eigen olie maakt onafhankelijk van de geldstroom uit Bagdad, waar de totale Iraakse olieopbrengsten over de regio’s worden verdeeld. Koerdistan heeft recht op 17 procent, maar krijgt dat geld al maanden niet omdat de Iraakse regering boos is over directe olie-exporten door Koerdistan.

De Koerden hebben het conflict verder op de spits gedreven met de inname van Kirkuk, waaronder een van de grootste olievelden van Irak ligt. Een team ingenieurs heeft in hoog tempo een verbindingsstuk tussen pijpleidingen gelegd, zodat de olie vanuit Kirkuk via Koerdistan gaat stromen. De Koerdische regionale regering negeert protesten van Bagdad en werkt samen met Turkije om de ruwe olie naar een haven aan de Middellandse Zee te krijgen. De fanatieke Koerdische strijdkrachten bieden bedrijven intussen de veiligheid die ze elders in Irak missen.

Als het aan mannen als Mufti ligt, groeit Erbil, de hoofdstad van Koerdistan, uit tot een soort Dubai. Sinds de autonomie van de Koerden na de val van Hussein in 2003 is de ontwikkeling snel gegaan. „In Bagdad werd gedacht dat er hier in de bergen geen olie zat”, vertelt Mufti. Terwijl in de jaren ’80 overal naar on shore en dus simpel op te pompen olie werd gezocht, keek niemand ondergronds in Koerdistan. Olie in Irak: dat waren de grote voorraden in het zuiden.

Zwarte lijst

Die achterstand werkt nu in het voordeel van de Koerden, die hebben bewezen dat er wél olie zit en die zelf willen exporteren. De centrale regering in Bagdad zet bedrijven die eraan meewerken op een zwarte lijst, waarmee het hun onmogelijk wordt gemaakt in andere delen van Irak te werken.

In Koerdistan zit een reserve van 45 miljard vaten ruwe olie van onder de grond. Het is gemakkelijk te winnen en van goede kwaliteit. De voorraden zijn kleiner dan in het zuiden en de infrastructuur is nog onderontwikkeld, maar de marges per vat vele malen hoger. In Koerdistan is een groot deel van de dag stroom. In de rest van Irak ondanks miljarden investeringen maar een uur of drie.

Die combinatie van comfort, veiligheid en belofte van hoge winsten werkt als een magneet. Belastingvrijstellingen en gratis land doen voor investeerders de rest. Eerst lieten alleen kleine en middelgrote oliebedrijven zich met uiterst lucratieve contacten overhalen te komen boren. Sinds 2011 volgen ook de grote spelers, de opvallendste is Exxon Mobil. Intussen rijden nieuwe rijken in dure pick-ups van overdekte winkelcentra naar net gebouwde hotels. Overal staan bouwkranen.

Zo lijkt Iraaks Koerdistan net een zelfstandig land. Koerdische militairen, peshmerga, houden vreemdelingen buiten. Er zijn overheidsgebouwen, politieke partijen, vuilnisophaal en privé-universiteiten. Er wordt gewerkt aan een aandelenbeurs. ‘De toekomst omhelst het erfgoed’, zijn teksten op het nieuwe vliegveld.

Het is een kwetsbaar succes, want 93 procent van het Koerdische bruto binnenlands product komt rechtstreeks voort uit oliehandel. Nog eens 5 procent indirect, via belastingen. De Koerden produceren behalve olie cement en dadels – lang niet genoeg om de navelstreng met Bagdad door te knippen.

Koerdistan wordt overspoeld door Irakezen en medewerkers van buitenlandse bedrijven, op de vlucht voor geweld elders. Opeens deelt Koerdistan een grens van ruim duizend kilometer met een zelfverklaard ‘kalifaat’, gebied dat wordt beheerst door sunnitische extremisten. De gevechten bedreigen het belangrijkste verkoopargument van de Koerden: de veiligheid.

„Als in Erbil een bom afgaat, verandert dat alles”, voorspelt Omür Öztas, algemeen directeur van de Iraakse poot van het Turkse-Koerdische transportbedrijf LAM, dat logistiek doet voor oliebedrijven. „Al die buitenlanders zijn op de stabiliteit afgekomen. Die springen straks in hun auto naar Turkije, net als ik.”

Honderd kilometer ten zuiden van Erbil ligt Kirkuk, met daaronder één van de grootste oliereserves van het land. Als de nacht valt lijkt de stad omringd door vuur. In de zandvlakte rond de woonwijken branden overal vuren, die in het felle licht overdag niet opvallen. Het zijn boortorens die worden afgefakkeld. In de lucht hangt de geur van olie.

Toen jihadisten Kirkuk bedreigden hebben Koerdische strijders de stad ingenomen en de facto geannexeerd. De productie van de Iraakse regering ligt stil. De pijpleiding van Kirkuk naar Turkije loopt over door jihadisten bezet gebied en is daarom dichtgedraaid. De aansluiting op de gloednieuwe Koerdische pijpleidin naar zeehaven Ceyhan in Turkije is nog niet voltooid. Als die er is, dan kan Koerdistan inclusief Kirkuk volgens het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen een miljoen vaten per dag produceren. Genoeg om de Koerdische staat op te laten drijven.

Intussen gaat alle vervoer via tankwagens. Truckchauffeurs moeten voortdurend anticiperen op de snel veranderende kaart van Irak. Tot anderhalve maand geleden deed Sabir Mohammed (56) met zijn tankwagen nog wel eens een rit naar de Dora-raffinaderij bij Bagdad. Totdat twee collega’s in een hinderlaag van extremisten reden en werden onthoofd.

Zijn Turkse collega Selahatin, die net met een lading boter uit Istanbul arriveert, keert het liefst zo snel mogelijk om. Hij voelt zich in Kirkuk niet veilig. Er zijn geregeld aanslagen. Hij is met een grote boog om de door jihadisten bezette stad Mosul heen gereden. Zijn Turkse collega’s zijn door de jihadisten gegijzeld. Een paar dagen na het gesprek weet de Turkse regering 32 van hen vrij te krijgen.

De wens onafhankelijk te worden van Bagdad drijft de Koerden in de armen van Turkije, dat veruit de belangrijkste handelspartner is. Turkije heeft zeehavens. Maar in politiek opzicht zijn de Turken geen natuurlijke bondgenoot. Turkije heeft een grote Koerdische minderheid die strijdt voor erkenning en autonomie. De Turken zijn geen voorstanders van een onafhankelijke Koerdische staat in Irak, hoewel het protest dit keer gedempt klinkt.

Het is volgens Koerden tijd om groot te denken. Koerdistan lijkt een wankele jonge staat in een gewelddadige regio, maar als Turkije EU-lid wordt, grenst Koerdistan aan Europa. Behalve olie heeft het veel gas. Mufti: „Wij zijn de best gepositioneerde gasleverancier voor Europa.” Als Europa moet kiezen tussen instabiel Noord-Afrika, afhankelijkheid van Oekraïne of gemakkelijk Koerdische olie en gas kopen, lijkt hem de keuze snel gemaakt.