Israël en het Westen lokten de escalatie in Gaza zelf uit

Wat is de oorzaak van het opgelaaide geweld tussen Israël en Hamas in Gaza?Nathan Thrall legt de schuld bij de regeringen in Tel Aviv en in het Westen.

Illustratie Jenna Arts

Terwijl Hamas raketten op Israëlische steden afvuurt en Israël zijn uitgebreide luchtaanvallen laat volgen door een grondoperatie in de Gazastrook, wordt voorbijgegaan aan de meest directe oorzaak van deze jongste oorlog: Israël en een groot deel van de internationale gemeenschap hebben een onneembare reeks hindernissen opgeworpen voor de Palestijnse regering van ‘nationale eenheid’ die begin juni werd gevormd.

Deze regering kwam vooral tot stand als gevolg van de radeloosheid en het isolement van Hamas. Het bondgenootschap van de groepering met Syrië en Iran lag aan diggelen. De banden met de Moslimbroederschap in Egypte werden een last toen in juli 2013 een bondgenoot, president Mohamed Morsi, na een staatsgreep werd vervangen door een verbitterde tegenstander, generaal Abdel Fattah el-Sisi. De kas van Hamas raakte leeg toen Sisi de tunnels sloot die Gaza de goederen en belastinginkomsten hadden gebracht waarvan het afhankelijk was.

In een regio die werd overspoeld door volks-protesten tegen leiders, die nog niet eens in de basisbehoeften van hun burgers konden voorzien, besloot Hamas liever de officiële controle over Gaza op te geven dan het risico te lopen te worden afgezet. Hamas had weliswaar in 2006 de laatste verkiezingen gewonnen, maar het besloot het formele gezag over te dragen aan de Palestijnse leiders in Ramallah. Dit besluit leidde tot een verzoening tussen Hamas en de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie, onder voorwaarden die bijna geheel werden bepaald door de PLO-voorzitter en president van de Palestijnse Autoriteit, Mahmoud Abbas.

Verzoening had Israël kunnen dienen

Israël probeerde deze verzoening onmiddellijk te ondermijnen door de leiders van Hamas en de inwoners van Gaza de twee wezenlijkste voordelen van de overeenkomst te onthouden: de salarisbetaling aan de 43.000 ambtenaren die voor de regering-Hamas werkten en die Gaza ook onder de nieuwe regering zullen blijven besturen, en de versoepeling van de verstikkende grensafsluitingen die zijn opgelegd door Israël en Egypte en die de meeste inwoners van Gaza de toegang tot de buitenwereld beletten.

Maar in veel opzichten had de regering van verzoening de belangen van Israël kunnen dienen. Ze bood de politieke tegenstanders van Hamas een steunpunt in Gaza, ze werd gevormd zonder ook maar één lid van Hamas, ze behield dezelfde premier, vice-premiers, minister van Financiën en minister van Buitenlandse Zaken als in Ramallah, en als belangrijkste, ze beloofde te voldoen aan de drie voorwaarden voor westerse hulp die al zo lang worden gesteld door Amerika en zijn Europese bondgenoten: geweldloosheid, nakoming van afspraken uit het verleden en erkenning van Israël.

Maar Israël was fel tegen een Amerikaanse erkenning van de nieuwe regering en probeerde deze internationaal te isoleren, omdat het elke kleine stap naar Palestijnse eenheid als een bedreiging ziet. Het Israëlische establishment is tegen de versterking van de banden tussen de Westelijke Jordaanoever en Gaza, uit vrees dat Hamas ook op de Westelijke Jordaanoever de kop opsteekt. En de Israëliërs die tegen een twee-staten-oplossing zijn, zien in dat een verenigd Palestijns leiderschap een voorwaarde voor elke duurzame vrede is.

Ondanks zijn verzet tegen het verzoenings-akkoord ging Israël wel door met de overdracht van de belastinginkomsten die het int namens de Palestijnse Autoriteit en bleef het nauw met de nieuwe regering samenwerken, vooral op veiligheidsgebied.

Maar de kwesties van de betaling van de ambtenaren in Gaza en de openstelling van de grens met Egypte bleven dooretteren. De ogenschijnlijke aanhangers van de nieuwe regering, vooral de Verenigde Staten en Europa, hadden Egypte kunnen bewegen de grensbeperkingen te verlichten en zo de inwoners van Gaza kunnen laten zien dat Hamas de oorzaak van hun isolement en verarming was geweest. Maar dat lieten ze na.

Het leven werd slechter in Gaza

Nadat Hamas het gezag had overgedragen aan een regering van pro-westerse technocraten, werd het leven in Gaza slechter. Qatar had aangeboden de 43.000 ambtenaren in Gaza te betalen en Amerika en Europa hadden kunnen helpen dit te faciliteren. Maar Washington waarschuwde dat geen enkele instantie volgens de Amerikaanse wet ook maar één betaling mocht doen aan deze medewerkers – van wie vele duizenden geen lid zijn van Hamas, maar door de Amerikaanse wet toch allemaal worden beschouwd als ontvangers van materiële ondersteuning door een terroristische organisatie.

Toen een gezant van de Verenigde Naties aanbood deze crisis op te lossen door de salarissen af te leveren via de Verenigde Naties en zo alle partijen van wettelijke aansprakelijkheid te vrijwaren, werkte de regering-Obama niet mee. In plaats daarvan bleef ze afzijdig toen de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken, Avigdor Lieberman, opriep tot uitzetting van de VN-gezant, omdat hij ‘probeerde geld naar Hamas te sluizen’.

Hamas probeert nu met geweld te krijgen wat met een vreedzame overdracht van verantwoordelijkheden niet is gelukt. Israël mikt op een terugkeer naar de toestand van voorheen, toen Gaza amper acht uur per dag elektriciteit had, het water ondrinkbaar was, het riool op zee loosde, zuiveringsinstallaties wegens brandstoftekort moesten sluiten en vuilnis soms door de straten dreef. Patiënten die medische zorg nodig hadden, konden niet in Egyptische ziekenhuizen komen en inwoners van Gaza betaalden 3.000 dollar smeergeld voor een kans om weg te komen als Egypte besloot de grensovergang open te stellen.

Voor veel inwoners van Gaza, en niet alleen voor de aanhang van Hamas, loont het de moeite nog meer bombardementen en nu ook die grondinval te riskeren voor een kans om deze onaanvaardbare status quo te veranderen. Een staakt-het-vuren dat geen oplossing biedt voor de salariscrisis en de openstelling van de grens tussen Gaza en Egypte zal niet standhouden. Het is voor Gaza onhoudbaar blijvend van de wereld afgesneden te zijn en bestuurd te worden door medewerkers die geen loon krijgen. Een ruimhartiger staakt-het- vuren, hoe moeilijk ook voor premier Benjamin Netanyahu, zou duurzamer zijn.