Nu al een sensatie: het Eritrese elftal

Het nationale team van Eritrea ontvluchtte ruim anderhalf jaar geleden zijn land en kwam in Nederland terecht.Gisteren speelde de ploeg na lange tijd weer een duel, in Haarlem.

Spelers van het nationale elftal van Eritrea voor de oefenwedstrijd tegen HFC EDO uit Haarlem. De Eritreeërs wonnen het duel met 2-1. Foto Bastiaan Heus

Elke wedstrijd begint en eindigt met hetzelfde ritueel. De Eritrese voetballers vormen een kring, met in het midden één speler die voorover gebogen staat. Vervolgens leggen alle andere spelers hun handen op zijn rug, en luisteren naar het gebed van één van de jongens. Uiteindelijk sluiten ze het gebeuren af met een harde yell, waarna ze allen hun handen de lucht ingooien.

Het zag er gisteren gebroederlijk uit, voor de oefenwedstrijd die de Afrikaanse ploeg speelde tegen topklasser HFC EDO uit Haarlem. Na afloop van de met 2-1 gewonnen wedstrijd vertelt de Eritrese keeper dat ze met dit gebruik vooral hun dankbaarheid willen tonen voor het feit dat ze in Nederland zijn en dat ze kunnen voetballen.

Dat is voor hun namelijk niet vanzelfsprekend. Als nationale team van Eritrea ontvluchtten ze ruim anderhalf jaar geleden hun land, en speelden sindsdien bijna geen wedstrijd meer. Op een internationaal toernooi in Oeganda besloten ze in december 2012 om niet terug te keren naar politiestaat Eritrea, waar hun situatie uitzichtloos was.

Ze kunnen niet meer terug

Henk de Jong, die het team in Nederland begeleidt, vertelt dat ze niet meer kunnen terugkeren naar hun land. „In Eritrea worden ze niet meer erkend. Het is een heel droevig verhaal. Het zijn jongens van rond de 20, en dat heeft nogal een impact als ze hun familie niet meer zien.”

Kans op een studie of goed werk is er nauwelijks in het Oost-Afrikaanse land, doordat iedereen voor onbepaalde tijd dienstplicht heeft.

Na een jaar in Oeganda te hebben gezeten kwam het voetbalelftal uiteindelijk via Roemenië in Nederland terecht. De spelers werden uiteindelijk in Gorkum geplaatst. Vervolgens kwam er van alle kanten hulp voor het team, dat al snel veel sympathie bij de plaatselijke bevolking genoot. Via de gemeente kwam er een trainer (Robertino Lotto), die via zijn taxibedrijf ook gelijk voor vervoer zorgde. Henk de Jong, leverancier van sportkleding, was bereid om voor voetbalspullen te zorgen. Samen met zijn zoon Colin raakte hij zo nauw betrokken bij het team, dat hij nu ook op andere vlakken voor ondersteuning zorgt.

Zij regelden het oefenduel in Haarlem. En zo kon de ploeg het gisteren eindelijk weer eens opnemen tegen een tegenstander van niveau, nadat het team in Oeganda en Roemenië alleen maar onderlinge partijtjes had gespeeld. Het voetballen bleken ze nog niet te zijn verleerd. Vloeiende combinaties werden afgewisseld met mooie demarrages.

Nu de ploeg drie maanden in Nederland zit, heeft het eindelijk weer de kans om serieus met voetbal bezig te zijn. De Jong: „Ze trainen nu drie keer in de week, maar dat vinden ze eigenlijk te weinig.” Trainer Robertino Lotto: „Je ziet dat ze het heel snel oppikken. Vrijdag hadden we een tactische training, en je ziet dingen die we hebben geoefend snel terug. Ze zijn leergierig.”

Het liefst zou Lotto de ploeg bij een amateurclub in Nederland onderbrengen, maar dat bleek op korte termijn niet mogelijk.

Voorlopig worden de jongens door Vluchtelingenwerk geholpen met inburgeringscursussen, zodat ze in Nederland een maatschappelijk bestaan kunnen opbouwen. En ze blijven voetballen. Morgen alweer een oefenduel tegen amateurclub LRC Leerdam, zaterdag tegen Kozakken Boys en volgende week wacht Jong RKC Waalwijk.