Laurens is nu beter dan Bauke

Bauke Mollema was bij Belkin de kopman, Laurens ten Dam zijn meesterknecht.Maar tot twee keer toe reed de helper sterker dan de aanvoerder.

Zijn gezicht staat op nagenieten. Zojuist is Laurens ten Dam voor de tweede dag achter elkaar in de toptien gefinisht in een Alpenetappe, waardoor de renner van wielerploeg Belkin is gestegen naar de negende plaats in het algemeen klassement. Het mooiste moment? „Dat ik Alejandro Valverde voorbijreed. We zijn ongeveer even oud, en hij was meestal beter dan ik. Nu reed ik bij hem weg, dat gaf wel even een kick.”

Als de Alpen één ding duidelijk hebben gemaakt, zijn het de veranderende verhoudingen bij Belkin. Niet langer is Ten Dam de meesterknecht van Bauke Mollema, niet langer is hij de man die bidons moet halen voor zijn kopman. Officieel heet het bij de ploegleiding dat beide renners inmiddels „gelijkwaardig” zijn. Maar in feite is Ten Dam de laatste dagen beter dan zijn eigenlijke kopman.

De benen waren niet goed genoeg

Zaterdag eindigde Mollema als zestiende, op ruim tweeënhalve minuut van de Poolse ritwinnaar Rafal Majka van Tinkoff. En eigenlijk is hij de hele Tour al niet in goeden doen.

Zelf verklaart Mollema dat hij al anderhalve week geen last meer heeft van de problemen met zijn buik, maar zijn ploegleiding denkt daar anders over. Mollema heeft zijn oude niveau niet kunnen oppakken, zegt ploegleider Nico Verhoeven. „Dat hij nu nog zevende staat, daar moet je eigenlijk al heel blij mee zijn.”

Tot dit weekend reageerde Mollema steevast laconiek als hem werd gevraagd naar het tijdverlies ten opzichte van zijn concurrenten, maar zaterdag is zijn lichaamstaal veranderd. Zijn schouders hangen, het optimisme is van zijn gelaat verdreven. „Dit zijn slechte zaken voor het klassement. De benen waren niet goed genoeg. Ik ben wel teleurgesteld.”

Opmerkelijk genoeg oordelen Verhoeven en collega-ploegleider Merijn Zeeman verschillend over de prestaties van hun ploeg tot op heden. Voor de eerste is het „niet wat we gehoopt hebben”, volgens de tweede haalt Belkin met twee Nederlanders in de toptien het optimale uit de situatie. Het tekent een ploeg die nog geen sponsor heeft voor volgend jaar en waarvan de kopman – Mollema – volgend jaar zo goed als zeker te bewonderen zal zijn in het rood-zwarte tricot van de Amerikaanse ploeg Trek.

Vrijdag, toen Ten Dam in de rit naar Chamrousse ook al voor Mollema eindigde, was het nog de vraag of de helper niet beter zijn kopman had kunnen bijstaan. Inmiddels is duidelijk dat de rollen bij Belkin omgedraaid zijn. Voor Mollema wordt het al een hele uitdaging om de drie Pyreneeën-etappes een beetje fatsoenlijk door te komen, bevestigt Verhoeven. Ten Dam vertoont na een moeizaam begin van de Tour juist een opgaande lijn. „Voor hem mag het nu elke dag wel een bergetappe zijn”, zegt Zeeman.

Als Ten Dam die vorm inderdaad vasthoudt, komt voor hem binnen bereik wat hij vorig jaar na een val in de klimtijdrit noodgedwongen moest loslaten: een plaats in de toptien in het eindklassement van de Tour de France. Zo continueert Ten Dam op zijn ‘oude dag’ – hij wordt in november 34 – de opgaande lijn van klasseringen in grote rondes: achtste in de Ronde van Spanje van 2012, dertiende in de Tour van vorig jaar.

Sowieso is Ten Dam een laatbloeier. Pas op zijn 27ste tekende hij een contract bij Rabobank, de voorloper van Belkin. Jaren eerder had hij, als renner van de opleidingsploeg van Rabobank, geen kans gekregen in de profformatie. Via kleinere ploegjes werkte hij zich op.

Ten Dam staat nog anderhalve minuut en twee plekken achter Mollema. Als hij zijn stijgende lijn voortzet, kan hij zijn ploeggenoot voorbijstreven. Verhoeven: „Als ik het klassement bekijk, zou Mollema zijn eerste prooi kunnen zijn. Maar ja, dat is een ploeggenoot. Dus daar ga je niet naar kijken.” De verhoudingen veranderen. Wie is de kopman die in het restant van de Tour zijn ploeggenoten moet motiveren?

Vrienden zijn het niet

Vrienden zijn Mollema en Ten Dam niet, al is er wel sprake van wederzijds respect. Als ze beiden op een berg in het voorste groepje rijden, zie je ze zelden schouder aan schouder. „Je moet toch gewoon rijden voor wat je waard bent”, zegt Ten Dam, gevraagd naar de wisselwerking met Mollema. „Als je zo kort voor de top zit, heeft het geen zin om voor iemand op kop te rijden. Dan moet je gewoon volle bak naar boven.”

Verhoeven laat wel iets doorschemeren over de gewijzigde verhoudingen. „Je moet elkaar motiveren. Laurens heeft drinken en gels meegenomen voor Bauke, dus ze helpen elkaar wel. Als de één de ander voorbijrijdt, is dat weer een stimulans voor de ander om aan te zetten. Maar als het er op een gegeven moment niet meer inzit, en dat was nu het geval met Bauke, dan houdt het op.”