Hoe lang kun je nog praten, en wat dan?

Ongeduld groeit bij premier Rutte, die eist dat Rusland meewerkt aan een onderzoek. Hij denkt aan sancties.

In Torez bewaken pro-Russische rebellende koeltrein met stoffelijke resten (foto links).Inspecteurs van OVSE onderzoeken en documenteren de bodybags in een van de koelwagons (rechts). Foto’s EPA

Praten, praten, praten. Met president Poetin van Rusland, de president van Oekraïne, met de OVSE, de Veiligheidsraad, met bondskanselier Merkel, premier Cameron. Met Obama. En dan weer met Poetin.

Praten om eindelijk toegang te krijgen tot de lichamen van de 298 mensen die stierven toen vlucht MH17 uit de lucht werd geschoten. „We willen onze mensen terug”, zei een sobere en gedecideerde premier Mark Rutte vanochtend in de Tweede Kamer, die haar reces had onderbroken om zich te laten informeren over de ramp.

Maar het praten zal niet lang meer duren, zo leek vanochtend. Voor het eerst zinspeelde Rutte op een hardere benadering van Rusland. Poetin, zei de premier, dient zijn invloed op separatisten aan te wenden om de situatie ter plekke voor onderzoekers en bergers te verbeteren. „Als de toegang slecht blijft, dan liggen de komende dagen alle politieke, economische en financiële opties op tafel. Maatregelen zullen dan niet uitblijven.”

Het kabinet had onder leiding van de premier de afgelopen dagen gekozen voor een voorzichtige, diplomatieke aanpak. Rutte legde vanochtend aan de Kamer uit waarom: „Er bestaan sterke aanwijzingen over de schuldvraag. Maar we moeten voorkomen dat het voortijdig aanwijzen van schuldigen zal leiden tot een verminderde toegang tot het rampgebied.”

Parlementariërs toonden zich geschokt, verdrietig en boos. Ze betuigden hun medeleven met nabestaanden, sommigen vertelden dat ze zelf mensen in het vliegtuig hadden gekend. De op het Binnenhof gebruikelijke (uitvergroting van) politieke meningsverschillen bleef afwezig.

Rutte legde hun uit welke stappen het kabinet nu neemt. Waar ze kunnen, verzamelen Rutte en minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans steun om toegang tot de slachtoffers van de rampvlucht MH17 in Oost Oekraïne af te dwingen. Om het wrak te bereiken, zodat onderzocht kan worden wie het vliegtuig uit de lucht schoot. Rutte: „Er is enige verbetering, zij het voorzichtig.”

Deze tactiek van terughoudendheid van het kabinet kon vanochtend rekenen op steun van bijna de gehele Kamer. „Zonder voorbehoud”, zoals GroenLinks-leider Bram van Ojik het verwoordde.

Alleen het Kamerlid Louis Bontes nam een afwijkend standpunt in: „Stuur de Special Forces. Red de eer van het land. Haal onze mensen koste wat kost terug.” De Telegraaf eiste het gisteren al. „Ingrijpen! De maat is vol.” Er moesten NAVO-troepen en Special Forces worden gestuurd. Ook een verslaggever van de NOS vroeg Rutte gisteren over militair ingrijpen.

Zij verwoorden een maatschappelijk gevoel. Gevoed door frustratie en toenemende woede over de tegenwerking van pro-Russische separatisten in Oost-Oekraïne en hun respectloze gedrag op de plek van het ongeluk, wordt steeds indringender de vraag gesteld: is praten wel genoeg? Is het kabinet niet te voorzichtig tegenover de separatisten. Moet Rusland, dat de Oekraïense separatisten steunt, niet veel harder worden aangepakt?

Het kabinet moet behoedzaam tussen dit soort stemmen laveren. Rutte is dan ook uiterst voorzichtig. Hij herhaalde vanmorgen diverse keren de mantra dat zijn prioriteit ligt bij het veiligstellen van de 193 Nederlandse lichamen en vervolgens het achterhalen van de toedracht van de ramp.

Militairen sturen is daarbij op dit moment voor Rutte geen optie. „Het zou logistiek gezien een enorm ingewikkelde operatie zijn, gezien de situatie ter plekke. Maar los van de vraag of het kan, zou ik u willen vragen na te denken over de internationale implicaties van het inzetten van troepen dicht bij de Russische grens. Het is daar een brandhaard.”

Militair deskundige generaal-majoor b.d. Frank van Kappen noemt militair ingrijpen „hoogst onverstandig”. Het sturen van militairen zou Poetin volgens hem precies geven wat hij wil. Poetin heeft een grote troepenmacht bij de grens met Oekraïne staan. „Op het moment dat je met westerse troepen arriveert geef je hem het excuus met militair materieel naar binnen te trekken en Oost-Oekraïne te bezetten”, aldus van Kappen. Daarnaast is militair optreden volgens hem „uiterst riskant”. Special Forces zouden daar geïsoleerd moeten werken, terwijl de Russen hun bases vlakbij hebben. Van Kappen: „Militair is het avonturisme.”