Laat vlucht MH17 Europa’s 9/11 zijn

Het neerhalen van vlucht MH17 moet een les zijn. Een scharnierpunt in ons strategisch denken om de veiligheid van Europa te verbeteren, schrijft Jonathan Holslag.

Illustraties Cyprian Koscielniak

Europa’s nabuurschap wordt verzwolgen door een nieuwe anarchie. Die heeft nu voor het eerst uitgehaald naar weerloze burgers uit andere delen van Europa. Het drama van vlucht MH17 dwingt ons belangrijke lessen te trekken over onze veiligheid in de turbulente 21ste eeuw.

Mocht u nog twijfelen: de geopolitiek is terug van nooit weggeweest. Maar nu pas begint het te dagen dat de afstand tussen Kiev en Katwijk, zoals ik eerder in deze krant schreef, niet zo groot is. Alle Europese landen tussen deze twee steden, opeengepakt in het kleine aanhangsel van het gigantische Euraziatische continent, zijn voor hun veiligheid op elkaar aangewezen. Als u denkt dat we ons een terugkeer naar de knikkerzak van botsende Europese ministaatjes kunnen veroorloven, dan komt de aanslag op vlucht MH17 als een pijnlijke confrontatie met die nieuwe realiteit.

Het is onwaarschijnlijk dat een zeer gesofistikeerd wapen als een ‘Boek’ raketsysteem kan worden bediend door een schare ongeregelde rebellen. Zo’n systeem bestaat uit diverse voertuigen voor de lanceerinstallatie, de radar, een commandopost en de ondersteuning. Zelfs al zouden die zijn gestolen uit Oekraïense arsenalen, dan nog is het zeer onwaarschijnlijk dat het luchtafweersysteem werd ingezet zonder Russische toelating en steun. Dan blijkt ook dat de halfslachtige sancties van het Westen niet hebben gewerkt.

Dat verbaast niet; immers, aan de ene kant van de Atlantische Oceaan wil men voluit gaan, terwijl de andere zijde verdeeld is en geknecht zit aan Russisch gas.

Als er ook maar enig verband wordt bevestigd tussen MH17 en het Kremlin, dan is dat, vergissing of niet, medeplichtigheid aan terrorisme. Poetin zal daarvoor moeten boeten.

Maar het gaat hier om meer dan Poetin. De crisis in Oekraïne was blijkbaar onvoldoende om de Europese lidstaten tot meer samenwerking in de energiesector te bewegen. Overleg in Brussel om de afhankelijkheid van Russisch gas terug te dringen, liep op niets uit. In april nog garandeerde Shell-topman Ben van Beurden aan Poetin dat de plannen van Shell in Rusland niet zullen worden opgeborgen. Bij BP klonk hetzelfde. Het Italiaanse ENI sloot in mei een nieuwe megadeal met Gazprom. Een maand later gaf Oostenrijk zijn fiat voor de controversiële Southstream-pijpleiding van Gazprom.

Het gaat dus ook om strategische kortzichtigheid en opportunisme bij onze leiders.

Natuurlijk is de kans groot dat, na de periode van opportunisme, nu de periode van paniek aanbreekt onder een groot aantal Europese leiders. Dan scharen zij zich achter de Verenigde Staten en drijven ze zo Rusland in het nauw – en wellicht ook in de armen van de Chinezen.

Door alle aandacht te richten op de despoot in het Kremlin ontlopen we echter ook onze eigen verantwoordelijkheid. Europa heeft de afgelopen jaren een machtsvacuüm langs zijn hele buitengrens gecreëerd en heeft nagelaten stevige partnerschappen met de regionale grootmachten op te bouwen. We hebben als het ware een open uitnodiging verstrekt aan eenieder die machtsspelletjes wil spelen in onze achtertuin. Enkel een krachtig nabuurschapsbeleid en een nieuwe Europese invloedssfeer kunnen de komende generaties Europeanen behoeden voor meer onveiligheid.

Zwaarbewapende rebellen zijn er immers niet alleen in het oosten van Oekraïne. In de Sahel bijvoorbeeld, bulkt het van de zware wapens. Na de val van Gaddafi zijn gewapende groepen gaan lopen met tientallen luchtdoelraketten, al hebben deze een korter bereik dan de Boek. Naar alle waarschijnlijkheid hebben ook rebellen in Syrië en Irak deze zogenoemde MAN-PAD’s in hun bezit. Er circuleren filmpjes op internet van jihadi’s met Igla-lanceerders die een hoogte van vier kilometer kunnen halen. Dat is van een andere orde dan de Russische Boek, maar toch voldoende om een stijgend of dalend lijnvliegtuig te kunnen treffen.

Overigens, niet alleen de luchtvaart wordt bedreigd. Andere raketten kunnen, met wat knutselwerk, makkelijk worden ingezet tegen onze koopvaardijschepen tussen de Rode Zee en de Straat van Gibraltar. Hezbollah beschikt bijvoorbeeld over de geduchte Chinese C-802 anti- schipraketten met een bereik van meer dan tweehonderd kilometer.

De onzekerheid over de proliferatie van die wapentuigen in Europa’s nabuurschap is in zekere zin de prijs die we betalen voor ondoordachte beslissingen in het verleden. Toch stromen luchtdoel- en andere raketten nog altijd toe, vooral vanuit Rusland, de Golfstaten en China. Bijna besloot Washington luchtdoelraketten te leveren aan de opstandelingen in Syrië.

Wellicht wordt het tijd dat, in navolging van de strijd tegen nucleaire proliferatie of de verspreiding van landmijnen, Europa nu het voortouw neemt in de strijd tegen de tomeloze proliferatie van raketten. Een conventie over luchtdoelraketten is het minste wat we de slachtoffers van MH17 verplicht zijn.

Het mag misschien cynisch overkomen om dergelijke conclusies naar voren te schuiven terwijl in Oekraïne gezocht wordt naar slachtoffers, maar dit zou Europa’s 9/11 moeten zijn, een scharnierpunt in ons strategisch denken, maar een scharnierpunt dat naast vergelding vooral leidt tot meer inspanningen om de veiligheid van de 500 miljoen Europeanen in deze bijzonder rusteloze wereld te verzekeren.