Utrechtse serieverkrachter opgepakt

De Utrechtse serieverkrachter is na bijna twintig jaar aangehouden. De politie kwam hem op het spoor naDNA-onderzoek.

Na twintig jaar is de Utrechtse serieverkrachter gearresteerd, op basis van een DNA-match. Dat maakten de politie en het Openbaar Ministerie gisteravond op een Utrechtse persconferentie bekend. Het gaat om een 51-jarige man uit de regio Utrecht die in 1995, 1996, 2001 en 2002 zes vrouwen verkracht zou hebben. Ook deed hij elf pogingen daartoe in een gebied tussen Utrecht, De Bilt en Bunnik. Tot 2002 was hij actief, daarna is niets meer van hem vernomen.

Eerder dit jaar werd de verdachte veroordeeld voor twee fietsendiefstallen. Daarbij moest hij verplicht zijn DNA afstaan en daardoor is de match ontdekt. Alle slachtoffers zijn volgens de politie ingelicht, die vol ongeloof en blijdschap reageerden. Vandaag wordt de serieverkrachter voorgeleid bij de rechter-commissaris.

Twee keer eerder in beeld

De politie verdenkt de verdachte van zeventien zaken. Door het Nederlands Forensisch Instituut is deze man gematcht met drie verkrachtingen. Er is volgens justitie nog geen sprake van verjaring. Bij de overige veertien zaken kan mogelijk een match volgen.

Tijdens het onderzoek was de verdachte twee keer eerder in handen van de politie. Hij wilde destijds niet op vrijwillige basis DNA afstaan. Hij kon hier niet toe verplicht worden, omdat hij in die tijd geen verdachte was. In de persconferentie werd tevens genoemd dat de verdachte nog niet bekend heeft en momenteel een beroep doet op zijn zwijgrecht.

Woensdagnacht heeft de politie huiszoeking gedaan bij de verdachte thuis, waarbij een pc en usb-sticks in beslag zijn genomen.

Er ontstond in de jaren negentig veel opschudding in en rond Utrecht toen de serieverkrachter actief was. Vrouwen volgden massaal cursussen zelfverdediging. Ook werden ze in die tijd beschermd door speciale busjes die door het gebied reden waar de man regelmatig toesloeg, zodat ze niet meer met de fiets de stille stukken hoefden af te leggen. Begroeiing werd kortgehouden, zodat eventuele schuilplaatsen niet meer gebruikt konden worden.