‘Nederland krijgt museum voor Chinese kunst’

De Chinese kunstondernemer Shen Qibin heeft plannen voor een museum waar Chinese en Europese kunst elkaar kunnen ontmoeten. Nederland ziet hij als een geschikte locatie. „Ik voel me hier erg thuis.”

Vijf locaties in Nederland bezocht vorige week, op zoek naar een plek voor een nieuw museum voor hedendaagse Chinese kunst. De Chinese kunstondernemer én kunstenaar Shen Qibin wil mogelijk in Nederland investeren in een kunstencentrum waar Chinese en Europese hedendaagse kunst elkaar kunnen ontmoeten. „Ik wil geen statisch museum, het moet een internationaal platform voor ontmoetingen worden.”

De 47-jarige Shen Qibin is een grote man in de Chinese kunstwereld. Hij richtte vorig jaar zijn eigen onderneming New Arts Group op waarin 150 investeerders en de Chinese overheid participeren. Daardoor kan hij per jaar 150 miljoen euro investeren in hedendaagse kunst. Bovendien vertegenwoordigt hij tientallen Chinese hedendaagse kunstenaars. Hij was eerder betrokken bij het oprichten van zes musea in zijn land, waaronder het Himalaya Art Museum in Pudong als onderdeel van een groot complex met winkelcentrum en vijfsterrenhotel dat 3,4 miljard dollar kostte. Maar hij is ook zelf kunstenaar en werkt als curator voor musea, kunstmanifestaties en grote tentoonstellingen.

Investering

Shen Qibin was voor de tweede keer dit jaar in Nederland. In Gallery 238 in Amsterdam, waarvan directeur Paul Lohmann hem assisteert bij zijn zoektocht en ook een aantal van zijn kunstenaars in Nederland vertegenwoordigt, legt hij met behulp van een tolk zijn ideeën uit. Nee, een bedrag voor een investering kan hij nog niet noemen. „We zijn nog in een vroege fase. Het zal afhangen van de locatie en wat we daar kunnen realiseren.”

Maar om enige miljoenen zal het zeker gaan. Shen Qibin hoopt op een tentoonstellingsruimte van zo’n 8.000 vierkante meter. Daarbij wil hij een vijf- of zessterrenhotel bouwen waar internationale gasten tijdens exposities en bijeenkomsten kunnen verblijven en minimaal 30-40 atelierruimtes waar kunstenaars lange tijd kunnen wonen en werken. Geen wonder dat verschillende gemeenten en provincies hem de afgelopen week wilden ontvangen, al houdt Shen Qibin de mogelijke locaties nog geheim.

In het nieuwe museum wil hij Chinese kunstenaars in Nederland laten zien, die hier nog niet zo bekend zijn.

Dus geen Ai Weiwei, die hij een „goede vriend” noemt. „Ai Weiwei gebruikt zijn kunst vooral als middel om zijn verschillende eigen politieke perspectieven over te brengen. Hij is daardoor niet meer representatief voor Chinese kunst.” Ook wil Shen Qibin de Chinese kunstenaars mijden die vooral werken voor de smaak van rijke verzamelaars maken. „Die marktgedrevenheid is op dit moment een groot gevaar voor de Chinese kunst.”

Hij wil beginnen met kunstenaars die al langer meegaan. Namen die hij noemt zijn die van rookkunstenaar Yuan Gong (vorig jaar op de Biënnale van Venetië), Jie Feng, foto- en videokunstenaar Qiu Zhijie, Xu Zhen, Wu Gian Wei en Yang Fu Dong. „Kunstenaars die diep verbonden zijn met de Chinese samenleving.” Daarna komen jongere kunstenaars aan bod. Hij wil ook Chinese kunstenaars een tijdelijk atelier in Nederland verschaffen. De banden tussen Europese en Chinese kunstenaars hoopt hij ook op andere manieren te kunnen versterken via het nieuwe kunstencentrum.

Chinese kunstenaars staan midden in de samenleving, stelt hij. „Met hun kunst houden ze zich bezig met de grote transformatie van ons land en het opengaan voor de wereld. De kunst heeft in China daardoor de laatste dertig jaar een enorme dynamiek gekregen. Zoals de Europese kunst aan het begin van de twintigste eeuw. Bij Europese kunstenaars gaat het tegenwoordig meer om de kunst zelf en om het individu van de kunstenaar, ze zijn minder gevoelig voor sociale veranderingen. Dat wil ik bij elkaar brengen.”

Ook wil hij zijn eigen concept van een museum neerzetten. „Dat is niet de White Cube, die hier in Europa zo goed is ontwikkeld. Daarin gaat het ook alleen om de kunst, die er goed tot zijn recht komt. Ik hanteer het concept van de Yellow Box. Ik wil kunst veel dichter bij het leven brengen, ik wil veel meer dan kunst tonen. Kunst en leven zijn voor mij één geheel. Ik kan niet leven zonder kunst en volgens mij kan een stad of stedelijk gebied dat ook niet.”

Die gele doos wil hij vooralsnog naar één Europees land brengen, „omdat je je energie niet moet verdelen”. Shen Qibin houdt zich op de vlakte of het museum in Nederland komt, of mogelijk in een ander Europees land. „Maar we zijn zeer gecharmeerd van Nederland. Jullie land is tolerant en open, ik voel me hier erg thuis”, zegt hij. Galeriehouder Lohmann is meer overtuigd: „Hij houdt misschien een slag om de arm, maar het wordt echt Nederland.”