De wilde moestuin

illustratie jet peters

Nog even over die moestuin van mij. Daar gaat het eigenlijk wel goed mee. Want ik ben er eindelijk achter hoe je zo’n bak met planten nou het beste kan verzorgen. En dat is heel simpel: gewoon de natuur zijn gang laten gaan.

De afgelopen weken deed ik hard mijn best om er zo min mogelijk aandacht aan te besteden. Is niet moeilijk hoor. Ik kijk expres de andere kant op als ik erlangs fiets, en als ik per ongeluk toch in de buurt ben, dan zorg ik dat ik geen gieter of tuingereedschap bij me heb.

Deze week ging ik maar weer eens op visite. De houten bak stond er nog steeds fraai bij. De pompoenplant is inmiddels reusachtig groot en zoekt nu buiten de bak naar ruimte. Zijn tentakels hebben zich stevig in het omringende gras vastgeklampt en zien eruit alsof ze niet snel gaan loslaten. De aubergineplant krijgt daardoor weinig licht, maar blijkbaar maakt dat niet uit, want het ding draagt één prachtige paarse vrucht. Zelfs de bonenstaak die ik er laatst vrij slordig in heb gezet neemt indrukwekkende vormen aan. Perfect, niets meer aan doen.

Behalve bij mijn eigen tuintje keek ik ook nog even bij het nabijgelegen stukje landbouwgrond waar ik met mijn moestuinvrienden nog wat bietjes, sla en tomaten heb geplant. Een stuk minder verwilderd, maar ook hier groeit het goed.

Met mijn blote handen bevrijdde ik een krop sla en zonder moeite trok ik ook een stel rode bietjes uit de bodem. Van de sla maakte ik een salade en de bietjes stopte ik in een filodeegtaartje met feta. En omdat het grootste deel van die maaltijd uit eigen tuin kwam, smaakte het me extra goed.