De zaak Markus R.

Hoe ging de mol van de CIA bij de Duitse inlichtingendienst eigenlijk te werk?

Foto AFP

Document voor document smokkelde hij in de loop van twee jaar zijn kantoor bij de Duitse veiligheidsdienst BND uit. Een hoeveelheid van ruim tweehonderd geheime stukken, in totaal vijf ordners vol. Bij de uitgang van het gebouw – in Pullach, bij München – worden medewerkers nooit gefouilleerd. En maar zelden worden hun tassen doorzocht.

Thuis scande de man de documenten, nadat hij eerst de nummers onleesbaar had gemaakt waarmee herleid zou kunnen worden om wiens exemplaar het ging. Als hij de stukken eenmaal op een computer of usb-stick had staan, vernietigde hij de originelen. De digitale bestanden overhandigde hij bij verschillende gelegenheden in Oostenrijk aan een Amerikaanse agent, een zekere ‘Craig’, die hem daarvoor betaalde – in totaal 25.000 euro.

De afgelopen dagen zijn langzamerhand meer bijzonderheden bekend geworden over de 31-jarige Markus R., die zeven jaar voor de Bundesnach-richtendienst werkte en die sinds 2012 een mol was voor de CIA. Ook begint duidelijk te worden hoe hij opereerde – niet erg professioneel, ook al duurde het twee jaar voor hij (door een onvoorzichtige e-mail) tegen de lamp liep.

Sinds hij begin deze maand gearresteerd werd kwam naar buiten dat nog een ándere Duitser verdacht wordt van spionage voor de Amerikanen. De twee zaken, die met elkaar verbonden blijken te zijn, hebben in Duitsland grote ophef veroorzaakt. De betrekkingen tussen Duitsland en zijn grote bondgenoot Amerika zijn er ernstig door beschadigd. Duitsland heeft de VS als protest te verstaan gegeven dat het hoofd van de CIA in Duitsland, een positie die in Berlijn vergelijkbaar is met die van een ambassadeur, het land moet verlaten.

Een spion van het type James Bond was R. volgens Duitse media niet. Kort en gezet, met een snor en een bril, schrijft Der Spiegel. Hij maakt volgens zijn advocaat niet de indruk „de kwaliteiten en de persoonlijkheidsstructuur te hebben die men doorgaans met spionageactiviteiten in verband brengt”. Hij trekt met een been en slist enigszins. Een zonderling is hij niet, schrijft de Süddeutsche Zeitung. Eenzaam is hij evenmin, hij heeft een vrouw en een goede band met broers en zussen.

Op zijn werk kreeg hij goede beoordelingen, schrijft de krant, maar hij was uitgekeken op zijn baan bij de afdeling Buitenlandse Betrekkingen/Militaire misses. Hij maakte geen promotie, verdiende niet geweldig en stond dit voorjaar op het punt om het bijltje erbij neer te gooien.

En toen maakte hij een fatale fout: hij benaderde ook Rusland. Zoals hij twee jaar eerder ook de Amerikaanse ambassade in Berlijn zijn diensten had aangeboden – met een mailtje – zo zocht hij eind mei via een nieuw aangemaakt anoniem gmail-account ook contact met het Russische consulaat in München. Om te laten zien dat hij de Russen waardevol materiaal kon leveren, voegde hij een document toe over een medewerker van het Duitse ministerie van Defensie die ervan verdacht werd voor de Russen te werken.

Onderschept

Dat mailtje werd onderschept door een van de Duitse inlichtingendiensten, die de Russen van oudsher veel beter in de gaten houden dan de Amerikanen. Voor zover bekend reageerden de Russen niet op R.’s aanbod. De Duitsers dachten dat hij een Russische spion was. Ze zochten uit wie er allemaal over het meegestuurde document hadden kunnen beschikken, en kwamen zo bij R. uit. Pas na een verhoor van ruim acht uur bleek dat R. geen Russische dubbelspion was, maar een Amerikaanse. Met ‘Craig’ had hij na het eerste contact gecommuniceerd via een versleuteld e-mailprogramma, dat hij verstopt had onder een app voor weerberichten.

De verdenking tegen de bij Defensie geplaatste diplomaat Leonid K., over wie het aan de e-mail toegevoegde stuk ging, dateerde al van 2010. De man had als diplomaat op de Balkan gewerkt, en onderhield sindsdien nauwe banden met een Amerikaan voor wie hij daar gewerkt had. Herhaaldelijk had hij hem documenten en krantenknipsels gestuurd. Op zijn beurt betaalde de Amerikaan reisjes en hotelkosten. Aanvankelijk dachten Duitse diensten echter dat K. voor de Russen spioneerde – de BND kreeg de vraag uit te zoeken hoe het precies zat. Zo belandde de kwestie op het bureau van Markus R. Intussen heeft R. bekend, maar K. ontkent iets fout gedaan te hebben. De Amerikaan zou niet meer dan een vriend van hem zijn. K. is verhoord, maar niet gearresteerd.

Volgens zijn advocaat is R. verbijsterd over de ophef die de kwestie heeft veroorzaakt. Ook allerlei commentatoren, in Duitsland en vooral in de VS, wijzen erop dat niemand verbaasd hoeft te zijn dat bondgenoten elkaar bespioneren, ook Duitse politici die nu zo verontwaardigd doen niet. De Amerikanen zouden via spionage vooral willen nagaan in hoeverre Duitse inlichtingendiensten en andere delen van de overheid geïnfiltreerd zijn door Rusland.

Hoe gevoelig de stukken zijn die R. aan de Amerikanen heeft geleverd is nog onbekend. Ze zouden variëren van „doodsaai tot hoogst gevoelig”. Maar wat het politiek extra explosief maakt, is dat het althans voor een deel stukken betreft van en over de Duitse parlementscommissie die het schandaal rond de afluisterpraktijken van de Amerikaanse inlichtingendienst NSA onderzoekt.

Leden van die commissie zeggen nu te overwegen al hun stukken alleen nog te schrijven op (niet-elektrische) typemachines.