We kennen de invloed van technologie niet

Welke ontwikkelingen uit 2014 zullen belangrijk genoeg zijn om na tien jaar in herinnering te roepen? De gemakkelijkste antwoorden gaan over beslissingen waarvan we nu al weten waarop ze vooruit lopen. De toekomst hoeft alleen nog uit te pakken zoals we verwachten. De samenleving vergrijst – dus straks bewijst zich het nut van pensioenhervormingen zoals de verhoging van de AOW-leeftijd naar 67 jaar. Als de voorspellingen kloppen, is de woningmarkt over tien jaar terug op het niveau van 2014, maar dan met minder hypotheekrenteaftrek. Het was dus terugkijkend een doorbraak dat Tweede en Eerste Kamer eind 2013 na jaren soebatten een nieuwe woonwet aannamen.

Nog zoiets: het arbeidscontract voor onbepaalde tijd is verdwenen. De overheid probeerde het verschil tussen vast en flexibel werk in 2014 te verkleinen met de wet Werk en Zekerheid. Nu, in 2024, zien we dat dit maar het begin was.

Zulke kwesties zijn social engineering: een mix van door kennis ingegeven anticipatie en politiek wensdenken (binnen de marges waarin politieke partijen zich nog onderscheiden). Maar wat als de toekomst radicaal anders is? Welke ingrijpende verandering van nu missen we?

Missen is het woord niet. Eigenlijk weten we het wel: ja, er is een omwenteling gaande. Sinds een paar jaar praten we onafgebroken over de invloed van technologie op politiek, economie en samenleving. Het begint tot ons door te dringen dat niets hetzelfde blijft. Of het nu gaat over sociale voorzieningen of oorlogvoering, of om individuele vrijheid, geopolitiek of de gezondheidszorg. Noem het technologische revolutie, paradigmawisseling, tijdperk, eeuw van – de grote woorden zijn al zo vaak gebruikt, dat je onwillekeurig begint te gapen als iemand er nóg een mening over heeft. Privacy, dat is eigenlijk afgelopen, of nee, daar moet je anders over gaan denken. Veiligheidsdiensten – erg, wat die allemaal doen! Facebook – ja, daar weten ze te veel. Gegevensuitwisseling. Tracking Cookies. Big Data. Nieuwe efficiëntie in de gezondheidszorg. Wil je over kansen praten, over liever over risico’s? Er zijn in het publieke debat scholen van pessimisten en believers. Nee, de technologische revolutie gaat niet aan ons voorbij.

Maar wie kan nu zeggen wat er over tien jaar het effect zal zijn? Dit is geen social engineering – het is eerder zo dat ict nog volop bezig is onze politieke grenzen te verschuiven. Als we praten over de invloed van technologie op de privacy verandert ons idee over de persoonlijke levensfeer. Kijken we nog op van een overheid die de besturing van uw privédrone wil kunnen overnemen? Maar hoe rijm je dat met de Kamerdebatten van een paar maanden geleden, waarin het draaide om strengere grenzen aan gegevensuitwisseling tussen inlichtingendiensten, nu blijkt dat de regels niet meer zijn toegesneden op de onmetelijke mogelijkheden en omvang van dataverkeer?

De overgang is soms te herkennen aan het gebrek aan vragen bij veelzeggende veranderingen. De regering heeft e-health benoemd tot een ‘doorbraakproject’ waarin wordt gedroomd hoe u straks via uw scherm uw gezondheid kan monitoren – samen met de dokter en de verzekeraar. Hoe lang geleden hadden we discussie over het Elektronisch Patiëntendossier en wie daar bij kon?

In de politiek duikt technologische verandering vaak op als een omgevingsfactor. De overheid wordt digitaal, ja, maar dat verandert de verhouding met de burger toch niet. In het onderwijs helpt ict bij vernieuwing. Oké, maar wat betekent dat voor wát we leren? Laten we eerlijk zijn: de technologische revolutie is niet te stoppen door een ‘voor’ of ‘tegen’ per onderwerp. De grenzen verschuiven sluipend, diffuus. Hoe, dat zullen we pas achteraf zien.