Onbegrijpelijke bemoeizucht van Nederland met Aruba

Wat bezielt de Nederlandse regering om zich zo intensief te bemoeien met het begrotingsbeleid van het kabinet van Aruba? De verklaringen die minister Plasterk (Koninkrijksrelaties, PvdA) tot nu toe heeft gegeven voor de Nederlandse interventie schieten tekort om daar duidelijkheid over te scheppen.

Aruba is, al veel langer dan Curaçao en Sint Maarten, een autonoom land binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Het verkreeg in 1986 de status aparte. Aanvankelijk was het de bedoeling dat Aruba volledig onafhankelijk zou worden, dus uit het koninkrijk zou treden, maar daar zag het in overleg met Nederland in 1991 van af.

De vertegenwoordiger van de Koning op Aruba, gouverneur Refunjol, heeft op last van de Nederlandse regering geweigerd om de Arubaanse begroting voor 2014 te tekenen. Die moet eerst worden onderzocht. Het is bemoeizucht die haaks staat op de onbekookte uitlating van premier Rutte vorig jaar dat de Antilliaanse landen voor volledige onafhankelijkheid alleen maar even hoefden te bellen.

De weigering van de gouverneur is moeilijk anders te zien dan als een Nederlandse poging om Aruba onder curatele te stellen. Op de Arubaanse begroting – een tekort van 6 procent, een staatsschuld van bijna 75 procent – valt zeker kritiek uit te oefenen. Maar het is aan Aruba zelf om daar beleid tegenover te stellen en het is het autonome land ook toegestaan andere uitgangspunten te hanteren dan het kabinet in Nederland wenst. Mocht de financiële positie van Aruba al te wankel worden, dan zijn andere kanalen daarvoor geëigend, bijvoorbeeld via hulp van het IMF, dan dat Nederland zich erin mengt. Nederland baseert zich op het gezamenlijke Statuut, waarvan artikel 43 onder meer zegt dat het waarborgen van „deugdelijk bestuur” een aangelegenheid van het koninkrijk is.

Maar anders dan met Curaçao en Sint Maarten het geval is, landen waaraan een forse schuld werd kwijtgescholden, bestaat er geen financiële connectie tussen Aruba en Nederland. Plasterk heeft eerder in de Tweede Kamer gezegd dat dit ook zeker zo blijft. Hij is absoluut niet van plan financieel bij te springen, stelde hij, en onderstreepte, terecht, de verantwoordelijkheid van elk land binnen het koninkrijk voor de eigen financiën.

Het resultaat van de ruzie tussen Aruba en Nederland is dat op het eiland de minister van Financiën, Yrausquin, is afgetreden en dat premier Eman in hongerstaking is gegaan. Desnoods tot de dood erop volgt, liet hij gisteren weten. Dat is uiteraard een overreactie. Maar het zegt veel over de gevoeligheid op Aruba voor de opdringerigheid van de voormalige kolonisator. Nederland heeft er geen blijk van gegeven oog te hebben voor dit begrijpelijke sentiment.