Nu moeten overheden de belastingen verlagen

De ECB heeft alles gedaan om de crisis te bestrijden. Nu de overheden nog, aldus Melvyn Krauss.

Na de laatste ronde van zwakke economische cijfers in Europa zouden de Europese politici om ‘het herstel te redden’ absolute voorrang aan belastingverlaging moeten geven.

Tal van factoren zijn verantwoordelijk voor het haperende economische herstel in Europa, maar een belangrijke oorzaak die tot nu toe weinig aandacht heeft gekregen, is de lage en nog dalende inflatie in de eurozone – die een terugslag op de groei heeft doordat de reële rentelast in de particuliere sector stijgt waarmee een overmatige vermindering van schulden wordt bevorderd.

De optimisten die meenden dat een aantrekkende economie de lage inflatie zou opdrijven, haalden oorzaak en gevolg door elkaar; de lage inflatie remt juist de groei.

De versnelde aflossing van de particuliere schuld, vooral in een omgeving van sterke overheidsbezuinigingen, heeft de vaart uit het stagnerende Europese herstel gehaald.

Natuurlijk zal de ECB haar rol in de strijd tegen een lage inflatie blijven spelen, maar er zijn wel grenzen. Behalve bij nieuwe en ingrijpende prijsdalingen lijken onconventionele monetaire stimuleringsmaatregelen als een verruiming van de geldhoeveelheid er voor Europa niet in te zitten. De Duitse Bundesbank is niet de enige in de Raad van Bestuur die sceptisch is over de vermeende voordelen van een monetaire versoepeling.

De beste mogelijkheid die overblijft om iets te doen aan de huidige tegenwind die het herstel in Europa remt, is een ‘bezuinigingspauze’ die ruimte laat voor zinvolle belastingverlagingen, niet alleen in de perifere landen, maar ook in de kern. Noem het ‘de opfrispauze’!

Laten we niet bekvechten of de belastingverlagingen aan de aanbod- of de vraagkant zouden moeten liggen. Ze zijn allebei nodig, want Europa heeft problemen aan de aanbod- én de vraagkant. Belangrijk is wel dat de begrotingssouplesse waarop politici als de Italiaanse premier Matteo Renzi aansturen, wordt verwezenlijkt door belastingverlagingen en niet door een verhoging van de uitgaven.

Het laatste waar Europa nu op zit te wachten is dat de verzorgingsstaat nog meer geld in sociale programma’s en infrastructuurprojecten steekt en daarmee de zakken van de maffia en corrupte ambtenaren spekt.

Het aantrekkelijke van belastingverlagingen is vooral dat ze het tij van een lage inflatie kunnen keren zonder verdere monetaire prikkels. En dit kan een dubbel groeivoordeel opleveren – niet alleen de rechtstreekse uitwerking van de belastingverlaging op de groei zelf, maar ook het indirecte voordeel van een verhoogde inflatie en een verminderde prikkel tot overmatige particuliere schuldafbouw.

Ondanks de solide groeiargumenten tegen een lage inflatie zijn er ook mensen die betogen dat een lage inflatie noodzakelijk is om het ‘concurrentie-evenwicht’ in de eurozone tussen de centrale en de perifere landen terug te brengen – een belangrijke voorwaarde voor het Europese herstel.

Maar een ‘concurrentie-evenwicht’ is net zo goed te bereiken tegen een achtergrond van een stabiele of zelfs stijgende gemiddelde inflatie in de eurozone. Van belang voor het ‘concurrentie-evenwicht’ is de relatieve inflatie in Noord en Zuid, niet de gemiddelde inflatie in de hele eurozone.

Maar spaarders, verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen in de crediteurlanden – aan te duiden als de ‘coalitie voor lage inflatie’ – gebruiken het argument van het ‘concurrentie-evenwicht’ om de ECB te ontmoedigen een extra monetaire stimulans aan de economie van de eurozone te verschaffen. Na de laatste ronde van monetaire versoepeling afgelopen maand werd ECB-voorzitter Mario Draghi door de Duitse media geschoffeerd, waarbij ze zelfs beweerden dat hij de ‘oorlog’ aan de Duitse spaarders had verklaard.

Wat een overdreven onzin!

Belastingverlaging is de beste verdediging tegen deze vijanden van groei en herstel – die liever op hun handen blijven zitten bij deze lage inflatie die de groei verstikt, dan de spaarders te helpen om door diversificatie van hun portefeuilles in ruil voor meer risico meer rendement te krijgen.

Vooral Duitsland heeft veel te verliezen als de Europese economie weer in een recessie vervalt. Als de recessie haar lelijke kop weer opsteekt, zal het weer elk land voor zichzelf zijn: het Duitse systeem van stabiele begrotingsregels zou weleens in duigen kunnen vallen. Het is beter om nu met belastingverlaging de ellende voor te zijn, dan om te bezuinigingen als Humpty Dumpty eenmaal van het hek gevallen is. Bedenk wel: ‘Er is geen timmerman die Humpty Dumpty dan nog maken kan’, aldus het oude sprookje.

Tot nu toe heeft de ECB al het zware werk gedaan in de Europese strijd tegen de lage inflatie. Nu wordt het tijd dat de Europese politici hun aandeel leveren door een verlaging van de belastingen. Matteo Renzi pleit terecht voor een pauze in de bezuinigingen.