Vol en leeg

Louis van Gaal zag de dodelijk vermoeide Arjen Robben na afloop van de kleine finale op het veld staan. Hij liep op zijn sterspeler af en omhelsde hem. Het was een intiem moment waar miljoenen toeschouwers getuige van mochten zijn.

Ik concentreerde me op Van Gaal. Hij liet Robben los, deed zijn stropdas recht, ging met een hand door zijn haar en zag toen pas dat hij op het grote scherm in het stadion te zien was.

Tevreden keek Van Gaal naar Van Gaal.

De afgelopen maand voegde de bondscoach nieuwe hoofdstukken toe aan zijn onaffe biografie. Het ‘schuifsysteem’ zoals hij zijn strijdwijze op het WK is gaan noemen, de meesterzet rond keeper Krul en het gebruikmaken van de totale selectie.

Wat het meeste opviel: zijn toegenomen rust. Hij bleef liever een paar seconden stil dan dat hij lava uit zijn krater liet spuiten.

Nederland had op dit WK een coach die vooruitstrevend en realistisch zijn team leidde; tactisch sterk, maar vooral ook communicatiever. Hij durfde na afloop te zeggen dat dingen beter konden. Op het gevaar af, zei Van Gaal, dat je „achteraf de koe in de kont gaat kijken”.

De coach leende dat spreekwoord uit het boerenmilieu. Ik zag het plastische beeld voor me: Van Gaal in een blauwe overall – ietsje voorover gebogen – met een hand steunend op een knie, de andere hand de koeienstaart lichtend.

En maar nee schudden.

De handreikingen naar zijn vaderland waren talrijk. Van Gaal bespeelde het volk via door hem zo verfoeide ‘vrienden van de media’. De coach is geliefder. Van Gaal is een totaal mens geworden, naar analogie van zijn zelf uitgedokterde theorie.

Robben zei na afloop van het gewonnen duel met Brazilië: „Ik ben leeg.”

En Van Gaal? Hij had juist energie getankt. Vermoeidheid was hem vreemd, vakantie niet nodig.

De totale Van Gaal is na dit toernooi ‘voller’ dan ooit. Vol van zijn selectie. Vol van het land Brazilië. En natuurlijk, vol van zichzelf. Het mag van mij.