Groei leidt tot vernietiging

Door globalisering raken grote groepen mensen ontheemd, schrijft econoom Saskia Sassen in haarnieuwe boek Expulsions. „Mensen, flora en fauna, worden geschrapt, verwijderd, uitgesloten, verdreven.”

De nieuwe stad Mohammed Bin Rashid City bij Dubai in de Verenigde Arabische Emiraten. De foto is gemaakt vanaf de wolkenkrabber (en met 828 meter het hoogste gebouw ter wereld) Burj Khalifa in Dubai. Foto Duncan Chard/Bloomberg

Sociologe en econome Saskia Sassen doet niet aan klein bier. Haar carrière besteedt ze aan het zoeken naar grote veranderingen die overal ter wereld gaande zijn en zich uiten in op het oog uiteenlopende gebeurtenissen.

Sassen is een expert op het gebied van globalisering. En zij belichaamt die globalisering zelf ook: geboren in 1949 in Den Haag, een jeugd in Argentinië en Italië, een studie in Frankrijk en de VS, en een carrière in New York en Londen. Samen met haar man, de Amerikaanse socioloog Richard Sennett, pendelt ze tussen Amerika en het Verenigd Koninkrijk – als ze niet voor onderzoek op reis is.

Na mailtjes vanuit China geeft Saskia Sassen het interview vandaag in Londen, in haar appartement op de bovenste verdieping van een verbouwde fabriek. Het uitzicht over de global city past goed bij haar helikopterblik. „We woonden eerst in de wijk Clerkenwell, maar daar werd het mij te schattig”, zegt ze. „Dit past beter. Hier kun je voelen hoe Londen veranderd is: van een stad vol fabrieken naar een stad vol geld.”

Sassen heeft net een voor haar doen klein, maar zoals gebruikelijk hoogst ambitieus boek geproduceerd waarin ze stelt dat mondiale geld- en investeringsstromen steeds meer mensen uitdrijven, zoals zij het noemt. Deze expulsions zijn in haar ogen de gemeenschappelijke deler van uiteenlopende verschijnselen. Zo veegt ze de grootschalige huisuitzettingen in de Verenigde Staten en Spanje op één hoop met landonteigeningen in Afrika en Latijns-Amerika, met het terugschroeven van de verzorgingsstaten in Europa en het wereldwijd verwoesten van ecosystemen. Mensen, flora en fauna, schrijft ze, worden geschrapt, verwijderd, uitgesloten, verdreven.

Waarom koos u voor de titel ‘Expulsions’ en niet het gangbaarder ‘Exclusions’?

„Omdat expulsions verder gaan dan alleen maar buitensluiten. Sociale uitsluiting is in de sociologie inderdaad een gangbare term, die uitsluiting door discriminatie betekent. Maar de term die ik nu munt, uitdrijvingen, gaat verder. Die behelst niet alleen het geen toegang hebben tot sociale en financiële stelsels. Het gaat om de beweging van uitzetting: uit je huis, van je land, uit het systeem. Ik voorspel dat we deze uitdrijvingen de komende jaren nog veel vaker gaan zien, door de concentratie van kapitaal en macht bij bedrijven en soms ook staten, en door de toenemende honger naar grondstoffen en energie.”

Uw boek lijkt te werken als een zonnebril, waardoor je uiteenlopende dingen opeens in dezelfde kleur ziet.

„Ja, dat is de bedoeling. We hebben een theorie nodig om de dingen goed te zien. Huisuitzettingen zijn niet hetzelfde als het verdrijven van dieren door het kappen van regenwoud voor palmolieplantages. Maar als je kijkt naar onderliggende structuren, zijn er veel overeenkomsten tussen tussen huisuitzettingen in de VS en Spanje en het wegjagen van boeren van hun land in Afrika en Latijns-Amerika. Met de plekken waar zij wonen, kan op een andere manier meer verdiend worden.

„Ook het resultaat is hetzelfde: ontheemding. Niet toevallig is er een recordaantal ontheemden, zogeheten Internally Displaced Persons of IDP’s, zo blijkt uit het recentste rapport van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. Die gaat er daarbij nog steeds van uit dat mensen uiteindelijk weer terug naar huis zullen gaan. Maar dat is een misverstand. Heel vaak blijkt het land waar ze woonden niet meer van hen, het is verkocht, wordt voor iets anders gebruikt. En wat Europa betreft: de huizen zijn gesloopt, of mensen kunnen de stad of wijk waar ze woonden niet meer betalen. Vergis je niet; ook in Oost-Europa en zelfs in Duitsland zijn veel huisuitzettingen geweest tijdens de crisis. In Hongarije zijn meer dan een miljoen huishoudens tijdens de crisis in gebreke gebleven bij het aflossen op van hun hypotheekschuld.”

Veegt u niet gewoon alle verliezers op een hoop in een wereld die door economische verhoudingen wordt bepaald? Wat maakt uw uitdrijvingen nieuw?

„De mondiale schaal ervan. Wat je gaat krijgen, is dat landen of delen van landen geen toegang meer zullen hebben tot het mondiale economische stelsel. Er zal een soort mondiale zonering optreden: zones waar economische winst gemaakt wordt, en waar alleen zij die daar werken nog toegang hebben, en zones waar niets te halen valt, en die in meer of mindere mate zullen desintegreren. We zien hier nu al de contouren van; de crisis heeft getoond hoe genadeloos de internationale financiële architectuur kan uitwerken. Het schuldenregime bleek ook voor Europa van toepassing.”

Het schuldenregime?

„Zo noem ik het disciplineren van landen en mensen via schuld, zoals in Europa is gebeurd. Sinds de jaren zeventig werden de zwakke regeringen van ontwikkelingslanden goedkope leningen opgedrongen; het oliegeld moest ergens heen. Dat heeft het schuldenregime opgeleverd, waarmee landen door internationale organisaties als de Wereldbank en het IMF gedwongen werden te herstructureren, te privatiseren en hun budgetten voor zorg en onderwijs te beperken.

„Het vele geld en de privatiseringen droegen bij aan de corrumpering van de elites in Afrika en Latijns-Amerika. Het geld vloeide weg, maar de schulden bleven en daarom verkopen veel Afrikaanse staten nu grote partijen land aan internationale investeerders – een eenvoudige inkomstenbron voor armlastige regeringen. Sinds 2006 is de verkoop van grote partijen land, in Afrika, Latijns-Amerika, maar ook in landen als Laos of Oekraïne, scherp gestegen.

„Staatselites en bedrijfselites hebben in veel landen hetzelfde belang. Of laat ik het zo zeggen, politici denken dat groei hun grootste belang is en dat ze dat bereiken door min of meer te fuseren met de mondiale bedrijfselite. Mijnen en plantages, land en fabrieken zijn steeds minder vaak in handen van een eigenaar met wortels in het vaderland en steeds vaker in bezit van mondiale spelers die nauwelijks lokale verantwoordelijkheid willen nemen.”

Maar u kunt toch niet volhouden dat dat allemaal de schuld van het westerse schuldenregime is.

„Nee, natuurlijk er zijn altijd ook andere oorzaken, zoals etnische vetes, patronage en extremisme. Maar het staat voor mij als een paal boven water dat het internationale kapitaal een kwalijke rol speelt bij veel conflicten.”

U schrijft: ‘economische groei kan nooit goedaardig zijn’.Bedoelt u: nooit ‘alleen maar’ goedaardig? Miljoenen mensen zijn in de laatste decennia uit de armoede gelicht. Ooit arme landen als India en China zijn nu groeiende economieën.

„Veel landen laten groeicijfers zien, doordat ze in hoog tempo hun natuurlijke hulpbronnen in de uitverkoop doen. Maar dat heeft weinig met ontwikkeling te maken. Groeicijfers laten niet zien wie er is uitgedreven – die groepen worden niet meegeteld. Groei gaat met een hoop vernietiging gepaard. Vraag het maar aan de vele Grieken die in de sociale ellende zijn gestort. Maar met Griekenland gaat het nu weer goed, lees je. Want het groeit weer, hè.”

Kunnen internationale sportevenementen ook een vorm van uitdrijving zijn? Rond de stadions waar het WK voetbal wordt gespeeld, verdrijft FIFA met instemming van de staat iedere economische activiteit die niet van de officiële sponsoren is...

„Ja dat klopt, dat is zeker ook een uitdrijving. Een micro-uitdrijving.”

… maar tegelijkertijd wordt dat WK bezocht door de nieuwe middenklasse van Latijns-Amerika. Mensen van wie de levensstandaard enorm is gestegen.

„Het consumptiepeil groeit. Zeker. En dat geeft veel vrijheid en roept ongekende mogelijkheden op. Maar de mens heeft veel dingen nodig die niet hoogtechnologisch zijn. Een huis. Eten dat niet vergiftigd is en niet te duur. Scholing. Al die zaken worden steeds moeilijker te financieren voor steeds grotere groepen mensen. Er is geen gebrek aan financiële en technologische innovaties en de verspreiding daarvan, zeker niet. Je zou alleen willen dat een vergelijkbare energie werd gestoken in sociale innovaties en het terugdringen van het verschijnsel waar ik over schrijf: mondiale marginalisering.”