De grondlegger van kort en rauw

Tommy Ramone (1949-2014)

Als producer en drummer bepaalde hij het punkgeluid van de Ramones.

Tommy Ramone (hier in 2012) verruilde op latere leeftijd punk voor bluegrass: „Dezelfde aardse energie”. Foto AFP

Tommy Ramone, die vrijdag thuis in Queens (New York) overleed aan de gevolgen van galblaaskanker, was de laatste overlevende van de oorspronkelijke vier bandleden van de Ramones. Als drummer en coproducer van hun eerste drie studioalbums was hij de architect van het monumentale geluid van de Ramones en daarmee een van de grondleggers van de punk. In meer dan één opzicht was hij de rots waar de band op kon bouwen. Als enige van de vier was hij geen grootgebruiker van drugs en bemoeide hij zich intensief met de zakelijke kant van het artiestenbestaan.

Geboren in 1949 als Tommy Erdélyi in de Hongaarse hoofdstad Boedapest, emigreerde hij op vierjarige leeftijd naar New York met joodse ouders die de Holocaust hadden overleefd. Op school in Forest Hills ontmoette hij John Cummings, de latere Johnny Ramone. Ze begonnen de garageband Tangerine Puppets. Erdélyi bracht zijn interesse in opnametechniek in de praktijk toen hij in 1970 fungeerde als assistent-technicus bij het live-album Band Of Gypsys van Jimi Hendrix.

De sensationele optredens en rauwe muziek van de New York Dolls brachten Tommy en Johnny in 1974 ertoe een band op te richten die een soortgelijke opwinding teweeg moest brengen, in songs die de drie minuten niet zouden overschrijden. Met zanger Jeffrey (Joey) Hyman en bassist Douglas (Dee Dee) Colvin begonnen ze de groep waarin alle leden de achternaam Ramone droegen, naar het pseudoniem Paul Ramon dat Paul McCartney gebruikte om ongemerkt bij hotels in te checken.

Tommy was in eerste instantie alleen manager. Joey drumde, maar kon het tempo van de anderen niet bijhouden en werd zanger, terwijl Tommy ging drummen. Hun archetypische punksong Blitzkrieg bop schreef Tommy nadat Dee Dee hem de titel had aangereikt. De sound van de Ramones was meteen scherp gedefinieerd met mitraillerende ritmes, een muur van vervormde gitaren en quasi-naïeve zang waarin strofen als ‘Beat on the brat with a baseball bat’ vele malen herhaald werden. In de studio bood Tommy Ramone zich aan om producer Craig Leon te helpen bij het verkrijgen van de robuuste sound en doordravende beat die de Ramones tot de invloedrijkste pioniers van de punk maakten. Het ‘domme’ imago van de band was een welbewuste keuze, zei Tommy later, om te ontsnappen aan de zwaarte van bands als Cream en Led Zeppelin. Omdat Johnny gitaarsolo’s weigerde te spelen, werden die meestal door Tommy en coproducer Ed Stasium ingevuld. Na de genrebepalende punkalbums Ramones, Leave Home, Rocket To Russia en It’s Alive verliet Tommy Ramone de band om zich als producer te ontwikkelen. Hij produceerde Tim van The Replacements en Neurotica van Redd Kross waarbij hij het evenwicht tussen de opwinding van een punkplaat en de heldere sound van een popalbum bewaarde.

De laatste jaren was Erdélyi vooral actief als bluegrassmuzikant. Hij liet zijn baard staan en verklaarde dat er grote overeenkomsten zijn tussen punk en traditionele Amerikaanse folkmuziek. „Je hoeft er geen virtuoos voor te zijn en van beide gaat een aardse energie uit.” Tommy Ramone werd 65 jaar, ouder dan de andere Ramones met wie hij in 1984 als laatste samenwerking Too Tough To Die opnam.