Bekroonde poëzie

Sinds H.C. ten Berge enkele decennia geleden naar het oosten van Nederland verhuisde, is de natuur een toenemende rol gaan spelen in zijn poëzie. Als decor in langere gedichten, maar ook als onderwerp in ‘notities’, ‘observaties’ en ‘kleine waarnemingen’. Onder die laatste titel vinden we vijf natuurimpressies in zijn nieuwe bundel Kerven, kastijdingen. Die bundel beslaat de laatste vijfenzeventig pagina’s van Cantus Firmus, een verzameling van Ten Berges poëzie uit de periode 1993-2013. Vijfenzeventig pagina’s nieuwe poëzie van een 75-jarige dichter. Een feestsigaar uit eigen doos, maar ook de sierlijke bekroning van vijftig jaar dichterschap.

In de poëziekritiek is Ten Berge vaak marginaal behandeld, maar Cantus Firmus bewijst het ongelijk van de criticasters.